Roel Richelieu Van Londersele – Hopper op de heuvel

Met ‘Hopper op de heuvel’ heeft Roel Richelieu Van Londersele een interessante onderneming vormgegeven waarin personages uit de schilderijen van Hopper tot leven zijn gebracht. Waar de eerste afdeling zeer dicht bij de schilderijen blijft, heeft hij in een tweetal dialogen en de daarop volgende afdelingen alle vrijheid genomen om zich door het werk van Hopper te laten inspireren. Het brengt de lezer op een poëtische manier in contact met het werk van deze beroemde Amerikaanse schilder. (recensie door Eric van Loo)

Lees verder

Klassieker 237: Jules Deelder – Spartaans gedicht

In Rotterdam is het ‘Spartaans gedicht’ van Jules Deelder al lang een Klassieker. Na zijn plotselinge dood, vlak voor Kerstmis, werden her en der regels uit het gedicht aangehaald. Dat maakte Eric van Loo nieuwsgierig naar het gehele gedicht. Het bespreken van dit gedicht leek hem een mooie manier om de nachtburgemeester nog een keer in het zonnetje te zetten.

Lees verder

Remco Campert – Mijn dood en ik

Enkele maanden na zijn negentigste verjaardag verraste Remco Campert zijn lezers met een nieuwe bundel: ‘Mijn dood en ik’. Campert benadert de dood (de eindigheid, het leven, zijn eigen dood) van alle mogelijke kanten. Eric van Loo is onder de indruk: ‘Geen klaagzangen, maar een voorzichtige en nauwkeurige verkenning van dit grote onderwerp.’

Lees verder

Dagboek van een redacteur (7)

Of je nu een gedicht leest in een bundel, in een tijdschrift of op een poëziekalender: vrijwel altijd wordt de naam van de dichter erbij vermeld. In hoeverre beïnvloedt dit onze manier van lezen? Eric van Loo droomt in deze column van anonieme gedichten.

Lees verder

Jens Meijen – Xenomorf

De commotie rondom de klimaatverandering dringt door in alle facetten van de maatschappij, ook in de literatuur. In ‘Xenomorf’ van de Jonge Dichter des Vaderlands van België Jens Meijen (1996) zijn zorgen over de toekomst van de aarde tastbaar aanwezig. Hettie Marzak: ‘Meijen is als dichter op zoek naar menselijkheid in een robotachtige samenleving. Hij stelt geen hoop op een betere wereld in het vooruitzicht, biedt geen troost, behalve die van de poëzie zelf.’ Een indrukwekkend debuut.

Lees verder