Bert Van Raemdonck – Hier raken we mij kwijt

Bert Van Raemdonck confronteert de lezer met de toenemende stupiditeit van onze kleinburgerlijke maatschappij, als we de achterflap mogen geloven. Ivan Sacharov ervaart het lezen van zijn gedichten –misschien wel alle poëzie– als een kat- en muisspel tussen dichter en lezer. Een intrigerend spel. ‘Hier raken we mij kwijt’ biedt voldoende aanknopingspunten, de beelden van de dichter roepen een treffend beeld op van het huidige tijdsgewricht: ‘Alles moet als vanzelf gaan, maar we mogen er geen gevaar bij lopen.’

Lees verder

Klassieker 234: N.E.M. Pareau – De sidderrog

Herman Jan Scheltema (1906 –1981) gold als een markante hoogleraar rechtsgeschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen. Vooral op jongere leeftijd publiceerde hij poëzie, onder het pseudoniem N.E.M. Pareau. Voor Pieter M. van Sterkenburg is ‘De sidderrog’ een bijzonder gedicht. Een klassiek sonnet, op het eerste gezicht wat archaïsch en bedaard. Maar leest u vooral door: het venijn zit hem in de staart.

Lees verder

Moya De Feyter – Massastrandingen

De nieuwe bundel van Moya De Feyter wordt door haar uitgever aangeprezen als ‘een caleidoscopisch prozagedicht’. Herbert Mouwen vindt dat ‘Massastrandingen’ veel zelfwerkzaamheid van de lezer vergt: “De vele teksten die op allerlei wijzen verspreid zijn over de bladspiegel in verschillende lettertypes en met een variëteit aan al dan niet vetgedrukte zwart- en grijstinten roepen bij mij het beeld op van de lezer als strandjutter, die heel wat teksten die zijn aangespoeld op te rapen heeft.”

Lees verder

Dagboek van een redacteur (4)

Deze week neemt redacteur Eric van Loo de lezer mee voor een kijkje achter de schermen. Volgens ‘Onze Taal’ is zowel typfout als typefout correct. Dat neemt niet weg, dat we de tekst zonder typfouten bij de lezer willen bezorgen, zeker waar het gaat om het hart van de tekst: het gedicht. Er zijn dichters voor wie hoofdletters heilig zijn, anderen struikelen al over een komma.

Lees verder

Ânne de Jong – Kerven

Recensent Christina Vanderhaeghe weet zich geraakt door ‘Kerven’ van de Groningse dichter Ânne de Jong. Een bundel waarin grote thema’s worden aangesneden, en waarin de dichter poëzie maakt van de vragen die de mens, vroeger en nu, bestormen. ‘Als een spel, dat verdwijnen, dat herontdekken, heruitvinden van taal voor het smeden van een stem, een persoon, anders dan jij, anders dan ik.’

Lees verder