Klassieker 238: Frank Koenegracht – 1975

Het gedicht ‘1975’ van Frank Koenegracht oogt bedrieglijk eenvoudig. Een beknopte kenschets van een tijdsbeeld in tien regels, met een hilarisch einde. Bij de analyse van het gedicht stuitte Jeroen van den Heuvel op twee verwante gedichten, die elk op een eigen manier diepgang verschaffen aan de lezing van het gedicht. Drie klassiekers voor de prijs van één.

Lees verder

Clinton V. du Plessis – Het Vijfde Evangelie volgens Mickey

De Zuid-Afrikaanse dichter Clinton V. du Plessis (1963) timmert al heel lang aan de weg, en toont een sterke politieke betrokkenheid in zijn werk. ‘Het Vijfde Evangelie volgens Mickey’ is zijn eerste verzamelbundel waarin zijn gedichten zowel in het Afrikaans als in een Nederlandse vertaling (Martijn Benders) te vinden zijn. Kamiel Choi: ‘een mooi afgewerkte bundel met veelal indrukwekkende, doorleefde poëzie, toegankelijk gemaakt in een heldere, bescheiden vertaling die uitnodigt tot actief en nauwkeurig lezen.’

Lees verder

Dagboek van een redacteur (8)

Verbazing alom vorige maand op de recensieredactie: in twee verschillende bundels troffen we elk een uitgebreide cyclus met op het werk van Edward Hopper geïnspireerde gedichten aan. Een mooie aanleiding voor Eric van Loo om in zijn achtste en voorlopig laatste column twee gedichten te vergelijken, en nog eens goed naar het bijbehorende schilderij van Hopper te kijken.

Lees verder

Poëzie Kort 2020 / 1

In deze eerste Poëzie Kort van dit jaar bespreken we vier bundels: Herman Gorter – Zie je ik wou graag zijn jou (Maurice Broere) / Paul Snoek – De 100 beste gedichten (Johan Reijmerink) / Rutger Kopland – Geluk is gevaarlijk (Herbert Mouwen) / Gerrit Komrij e.a. – De aarde nu (Maurice Broere)

Lees verder

Inge Nicole – Maanbrief aan het getij

‘Maanbrief aan het getij’ is het poëziedebuut van schrijfster en beeldend kunstenaar Inge Nicole. Evenals in haar romans en novellen speelt de beeldende kunst een grote rol. Tweeëntwintig gedichten zijn geschreven bij werk van diverse kunstenaars. De dichter weet zich in alle gedichten zeer goed in een ander te verplaatsen, en schuwt indringende onderwerpen niet. Hettie Marzak: ‘Op het eerste gezicht lijkt de poëzie van Inge Nicole onschuldig; pas bij nadere beschouwing wordt een onderhuidse dreiging waarneembaar. Zoals ook de schoonheid van het getij verraderlijk kan zijn.’

Lees verder