Klassieker 74: Gerrit Krol – Roodborstje

In deze bijdrage van Inge Boulonois aandacht voor een gedicht van Gerrit Krol, die kort na het verschijnen van deze Klassieker een eredoctoraat aan de Vrije Universiteit kreeg, een onderscheiding die als volgt werd gemotiveerd: ‘Het werk van Krol wordt in hoge mate gekenmerkt door een bijzondere stijl en compositie, maar het is vooral vanwege zijn open belangstelling voor allerlei wetenschapsgebieden, voor het fenomeen wetenschap op zichzelf en voor de relatie tussen wetenschap en literatuur dat de Vrije Universiteit hem deze eretitel toekent.’

Lees verder

Klassieker 73: Eva Gerlach – Lievelingsdieren

Volgens Edith de Gilde kan ‘Lievelingsdieren’ van Eva Gerlach als een schakel tussen haar oudere en nieuwere werk worden gezien. Een rijk gedicht, met een ongebruikelijk onderwerp: de pissebed. Gezien door de ogen van een kind, verwoord door een rijpe dichter.

Lees verder

Klassieker 71: Leo Vroman – Voor wie dit leest

Leo Vromans beroemde gedicht ‘Voor wie dit leest’ laat zich in eerste instantie als een intieme brief lezen. Maar er is meer: ‘De dichter zoekt contact met de lezer. Er is echter afstand tussen dichter en lezer.’ Allies Ligtvoet laat zien, dat het ook aan de lezer is, om die afstand te overbruggen.

Lees verder

Klassieker 70: Patty Scholten – De olifant

‘De olifant’ van Patty Scholten is volgens Inge Boulonois terecht opgenomen in ‘De mooiste sonnetten van Nederland en Vlaanderen’ (Bert Bakker, 2002). De analyse eindigt met een toegift: ‘Verliefde olifanten’, even in English translation.

Lees verder