Pol Bracke – Er is geen plan

Marc Eyck ontdekt in de tweede bundel van Pol Bracke, ‘Er is geen plan’, melancholische gedichten zonder overbodige woorden. ‘Kracht krijgen de gedichten door het gebruik van binnenrijm en taalgebruik die nooit als gekunsteld overkomen. Bovenal toont de dichter zich een melancholicus met een duister randje.’

Lees verder

Wim Meyles – Drie maal daags een vers

Een recensie van Inge Boulonois: ”Het kan niet anders: de nieuwe bundel van Wim Meyles is, evenals de voorgaande, op heerlijk lichtvoetige leest geschoeid. In ‘Driemaal daags een vers’ trakteert hij lezers op smakelijke humor en aanstekelijke taalspielerei. Bovendien giet hij zijn metrisch perfecte verzen in een breed spectrum van versvormen.”

Lees verder

Peter de Liefde – De Wereld Licht Verversd

Inge Boulonois aan het woord: “Peter de Liefde is als kleinkunstenaar en toneelschrijver vooral gewend teksten voor theaterpubliek te bedenken. Voor zijn voorstelling van vorig jaar had hij reeds enige verzen geschreven. Toen de coronacrisis optredens onmogelijk maakte, heeft hij zich een jaar lang helemaal op het schrijven van gedichten en het spelen met taal toegelegd. Dit mondde uit in het debuut ‘De Wereld Licht Verversd’ waarin hij een fictieve reis door een kleine 200 landen maakt.”

Lees verder

Judith Omtzigt – Taboe

In de debuutbundel ‘Taboe’ van Judith Omtzigt ontdekt recensent Paul Roelofsen prachtige, geserreerde verzen: ‘Wat in alle gedichten opvalt, is de puurheid ervan: nauwelijks adjectieven, geen ingewikkelde zinsconstructies en een sobere interpunctie. Ze is een perfectionist, ze weegt elk woord en construeert met grote precisie haar gedichten, wat nieuwsgierig maakt naar wat er zou ontstaan als ze de teugels zou laten vieren.’

Lees verder

Thomas Möhlmann – Dankbaar lichaam

De nieuwste bundel van Thomas Möhlmann, ‘Dankbaar lichaam’, overtuigt volgens recensent Peter Vermaat niet, ook al is het ‘een bundel over Liefde met een grote L in Taal met een grote T door een Dichter met een grote D.’ Volgens Vermaat is het belangrijkste bezwaar tegen deze bundel dat hij lijdt aan overcompositie. ‘Het wordt een plaatje waarin je, wanneer je de verborgen vorm eenmaal ontdekt hebt, nooit meer iets anders zult kunnen zien.’

Lees verder