Harry Vaandrager schrijft opmerkelijke roman

Jaren geleden maakte Meander de keus om zich helemaal te richten op poëzie en de bespreking van proza aan anderen over te laten. Daar houden we ons aan. Maar als een van onze recensenten bij een gereputeerde uitgever een boek publiceert dat de kwalificatie ‘de existentiële roman van een dichter’ meekrijgt, ligt het voor de hand er toch even aandacht aan te besteden.

Harry Vaandrager (Rotterdam 1955) debuteerde in 1978 bij De Bezige Bij met de dichtbundel Langs toendra’s. Pas in 2010 kwam er een opvolger, toen bij Nijgh & Van Ditmar de bundel Wat telt is van niets gemaakt verscheen.(Chrétien Beukers besprak op De Contrabas het eerste gedicht eruit.)
En nu is dan bij Nijgh & Van Ditmar (voor België uitgeverij Het balanseer) de roman Aan barrels uitgekomen, volgens het begeleidende persbericht ‘een ontluisterende en eigenzinnige roman over la condition humaine. Over haat en zelfhaat, over geboorte en niet geboren willen zijn, over liefde en jaloezie, over pijn en eenzaamheid, over (on)macht en wantrouwen, over de kleinheid van het bestaan en megalomanie, over verlangen.’
‘Deze roman is geen pageturner’, zegt de uitgever nog. ‘Stijl en inhoud vallen samen in deze grotendeels plotloze roman, bestaande uit negen monologen waarin de tijd parallel verstrijkt. De lezer zal zelf de verbanden moeten smeden. Zijn eigen weg moeten zoeken in de leugens en onbedoelde waarheden die de personages zichzelf en elkaar vertellen. Daarbij hoort hij echo’s van o.a. Beckett, Claus, Schwab en Jelinek.’

Het boek, dat bestaat uit negen monologen van negen personages, begint als een dwingend prozagedicht:

Nee. Nee. Nee nee nee. Het is nee, en het blijft nee. Nee. Duidelijk? Niet anders dan nee. Voor altijd nee. Drie letters. N.E.E.
Nee nee nee. Het is nee. Nee nee neeeee. Alleen nee. Nee, nog niet duidelijk?
Nee. Nee en nee. Nee. Flikker op. Het is nee. Nee nee nee.
Het is nee, meer niet. Neeeeeee. Nee nee nee. Nee dus. Nooit niet. Natuurlijk niet. Het is nee. Nee. En nee en nee en nee en nee en nee. Het blijft zeker nee. Nee nee nee. Nee is nee. Nee dus. Nee. Begrepen? Nee nee nee. Niets anders. Nee. Moet ik het herhalen? Nee. Het is nee. Nee. En nee. Punt uit. Nee. Nee. Het blijft nee. Reken maar. Nee nee nee. NEE.
Ik zeg nee.

Op brusselnieuws.be schreef Kurt Snoekx: ‘Aan barrels zindert van het afgrondelijke leven zelf, is een veelkoppige, meerstemmige elegie van het bestaan. Zinnelijk, levendig, beklemmend, labyrintisch zijn de negen gedachtestromen die Vaandrager op het papier stort.’
Het is waar. Het is moeilijk om aan de kracht van Vaandragers proza te ontsnappen, getuige het slot, dat de monoloog is van een ongeborene:

Luister, ik ben geboren na mijn dood. In de oester van volzin­nen. Ik heb dus recht van spreken. Luister naar mijn dode taal. Wees desnoods prooi van de tijd. Maar weet, tijd is een hon­ger. Honger naar een diep ravijn. Waar een zwarte zon ligt te stuiptrekken. Rouw voor mijn part tot de woorden uit je dar­men lopen. Maar, olla-die-jee olla-die-jee, het is niets. Op dit ei­genste ogenblik zeg ik: het is niets. Vaders en moeders, ze zijn niets. Mijn gereedgemaakte kinderkamer, het is niets. Verdriet, niets. Geluk, niets. De dood, het is niets. Troost, niets. Bestaat niet. Niets. Nep. Dromen, niets. Allemaal veel niets. Hartstikke niets. En het wordt nooit iets. Nooit. Niets niets niets. Meer niet. We huizen in een tjokvol niets. Een luizig niets. Spreek me niet tegen, het is een groot smeerlappig niets. Meer niet. Het is niets. Niets. Niks dramatiek, het is domeenvoudig niets. Erg genoeg. Nee, niet erg. Mmmm, het is een goddelijk niets. Het is niets dus. Onvermijdelijk niets. Duidelijk? Kan niet anders. Wacht maar af. Echt, of onecht voor mijn part, het is niets niets niets.

Niets.

‘n Braakbal, luidt de ondertitel. Een boek dat de lezer als een compacte hap taal door zijn strot geduwd krijgt, of hij wil of niet!

Harry Vaandrager – Aan barrels
Nijgh & Van Ditmar 2011; 178 blz.; € 19,95
ISBN: 978 90 388 9457 7

Geplaatst in Krant.