LITERAIR E-MAGAZINE VOOR NEDERLANDSTALIGE POËZIE

Commentaren

Het commentaar van Marc Bruynseraede
Het commentaar van Marc Bruynseraede
Het commentaar van Marc Bruynseraede komt in de vorm van een recensie van de bundel ‘Iets dat op een route leek en een kaart van die andere wereld’ van Alja Spaan. Hans Puper heeft deze bundel al voor ons besproken. Bruynseraede geeft aan: ‘Ik schreef dit omdat ik iets anders te melden heb dan wat ik gelezen had bij de overige recensenten. Hij noemt het een ‘tweede lezing’.
Het commentaar van Tom Veys
Het commentaar van Tom Veys
Schaken is een thema dat in verschillende vormen van de literatuur wordt behandeld. Schaken kan bovendien een uitgangspunt voor poëzie zijn, zo zegt Tom Veys. Hij toont dit aan met gedichten van verschillende dichters, waaronder een gedicht van Ingmar Heytze dat hij schreef naar aanleiding van het overlijden van de Nederlandse schaakgrootmeester Jan Timman.
Het commentaar van Wopke van der Lei
Het commentaar van Wopke van der Lei
Wopke van der Lei geeft commentaar op het feit dat volgens hem de eindtijd voor de streektalen niet nábij is, maar al praktisch vóórbij. Dit omdat het Standaardnederlands de streektaal opslokt en dooddrukt. Daarom is hij blij met de verzamelbundel ‘Vier je eigen taal’. Hierin staan ca. zeventig te onderscheiden tongvallen, waarvan het grootste deel behoort tot de Nederlandse taalfamilie.
Het commentaar op Betje Wolff (en Aagje Deken)
Het commentaar op Betje Wolff (en Aagje Deken)
Hans Franse neemt deze keer een vrouwlijke dichter onder de loep. Betje Wolff (1738-1804) was dichter en schrijfster en had een vrijzinnige geest. Later werd zij samen met Aagje Deken een onafscheidelijk 18e-eeuws schrijversduo en werden zij hartsvriendinnen. Hun werk kenmerkt zich door scherpe maatschappijkritiek, humor en een patriottische inslag. Het commentaar van Hans Franse.
Het commentaar van Yvan De Maesschalck
Het commentaar van Yvan De Maesschalck
Hoe is recensent Yvan De Maesschalck eigenlijk een poëzielezer geworden? De kiem werd gelegd in een dorpsschool door twee gedichten die hem diep raakten. Dan was er nog zijn moeder die thuis psalmen zong en gedichten uit haar hoofd kon opzeggen. En laten we de twee leraren niet vergeten die zich met enthousiasme wentelden in de grote literatuur en dit overbrachten op hun leerlingen. Het commentaar van Yvan De Maesschalck.
Het commentaar op Hendrik Tollens
Het commentaar op Hendrik Tollens
Hendrik Tollens (1780-1856) werd in zijn tijd gezien als de ware Volksdichter des Vaderlands. Zijn meesterwerk was het epos ‘De overwintering der Hollanders op Nova Zembla’. Hans Franse heeft het hergelezen en zegt: ‘Het is een vertelling op rijm, met veel dialoog en veel toespraken, de tranen vloeien rijkelijk, de opoffering voor het Vaderland springt eraf.’ Het commentaar op Hendrik Tollens.
Het commentaar op Albrecht Rodenbach
Het commentaar op Albrecht Rodenbach
Hans Franse heeft zich verdiept in de Vlaamse schrijver en dichter Albrecht Rodenbach (1856 -1880). Vanuit zijn liefde voor Vlaanderen streed hij voor het Vlaams als voertaal toen het Frans onbarmhartig toesloeg nadat België zich van Nederland had afgescheiden. Rodenbach werd met zijn charisma de levende legende van de Vlaamse Jeugd. Hij verzette zich met name tegen het gebruik van het Frans in het onderwijs.
Het commentaar van Tom Veys
Het commentaar van Tom Veys
Onder onze eigen recensenten zitten tevens dichters wier bundel besproken wordt door een collega. Dit stuivertje wisselen is een aparte ervaring. Nu is de recensent zelf overgeleverd aan iemand die zijn of haar poëzie onder de loep neemt. Tom Veys geeft commentaar op de recensie van zijn bundel ‘Dan strekt de zee in me door', geschreven door Ivan Sacharov.
Het commentaar van Hans Franse
Het commentaar van Hans Franse
Onder onze eigen recensenten zitten tevens dichters wier bundel besproken wordt door een collega. Dit stuivertje wisselen is een aparte ervaring. Nu ben jij overgeleverd aan iemand die jouw poëzie onder de loep neemt. Hans Franse geeft commentaar op de recensie van zijn bundel ‘Zelfportret met woord’, geschreven door Maurice Broere.