Meandermagazine
Poëzie in beweging

Luuk Gruwez - Morren tegen de sterren
In deze longread bespreekt Yvan De Maesschalck de bundel ‘Morren tegen de sterren’ van Luuk Gruwez: ‘Gruwez zet hoe dan ook alle poëtische zeilen bij om de positie van zijn sterfelijke ik nader te bepalen. Hij omhelst daarbij de paradox als een geliefde stijlfiguur. Meer dan ooit verkent Gruwez de even paradoxale als onlosmakelijke verstrengeling van geboorte en dood, baren en sterven, ontstaan en ontslapen.’
Oneindig blauw
Blauw is oneindig. Blauw is dubbelzinnig. Blauw is geniaal. Blauw is alles, blauw is niets. Blauw is in. Blauw 1. Er is voor iedereen een blauw. Even ruim en ongrijpbaar als de kleur blauw is de definitie van ‘poëzie’. Marianne Hermans in een originele column die past bij de kleur boven ons in deze zonnige dagen.
Rabin Gangadin
De dichter Rabin Gangadin noemt zijn werk poëtische nijverheid maar het is veel meer dan dat. ‘Misschien is dit / het verdwijnpunt / waar mijn gedachten / naartoe glijden /wanneer ik niet oplet.’ De gedichten hebben een personage dat overgeleverd lijkt te zijn aan iets dreigends in hemzelf, iets ongerijmds dat ons noopt door te gaan met lezen.

Emilie Dewitte - De Stolling
De tweede bundel van Emilie Dewitte is getiteld ‘De Stolling’. Jaap Bos vraagt zich af of je met taal ‘een stolling’ kan aanleveren, een gat kan afdekken, en een herinnering kan achterlaten? Dewitte slaagt hier wonderwel in en Bos noemt het ‘een magistrale bundel, geschreven door iemand die met trefzekere hand de taal naar haar gemoed weet te zetten.’
Interview Saskia De Vriese
‘Om te kunnen begrijpen’, zegt Saskia De Vrieze, ‘moet ik vastleggen: een soms comfortabele illusie, dan weer een oncomfortabele realiteit. Dingen op een gepast woordenrijtje zetten om ze daarna te kunnen loslaten. In die zin is schrijven voor mij vooral een oefening in loslaten.’ Haar liefde voor poëzie en taal in het algemeen, voelt niet als een keuze, maar als iets dat er altijd al was.

Toon Tellegen - Op mijn tenen
Sander Ausems bespreekt ‘Op mijn tenen’ van Toon Tellegen: ‘De bundel beschrijft het ouder worden, de dood en het bijkomende verlies. Het legt met heldere taal bloot hoe fragiel eindes zijn en hoe moeilijk het kan zijn daarmee om te gaan. Tellegen weet zich veelal geen houding te geven hieraan en dat maakt het zo verdomde menselijk.’
