Meandermagazine
Poëzie in beweging

Guy van Hoof - Combinaties
‘Combinaties’ van Guy van Hoof is gevuld met jazzgedichten. Tom Veys zegt dat het een bundel is ‘die je uitnodigt om anders te kijken naar jazz door een lichamelijke taal. Veel gedichten zijn odes aan jazzmuzikanten in een beschrijvende, toegankelijke taal. De dichter laveert verder tussen proza en poëzie. Schitterend is dat de dichter denkt als een muzikant en dit voel je in de poëzie.’
Zonder liefde, warme liefde.....
De dochter van Hans Franse heet Marieken. Geboren in de tijd dat hij deze laatmiddeleeuwse tekst bestudeerde en tezelfdertijd gecharmeerd was van een chanson van Jacques Brel, ‘Marieke’. Op reis zag hij een Broadwaymusical uit 1968, gebaseerd op chansons van Brel en ver weg, hoorde hij dit lied in onze eigen taal, alsof ze voor zijn Marieken zongen.
Klassieker 303 : Koenraad Goudeseune – Gent
Hettie Marzak bespreekt het gedicht 'Gent' uit de bundel 'Dat zij mij leest' (1998) van de Vlaamse dichter Koenraad Goudeseune (1965-2020) over een totaal onverwacht museumbezoek, met een al even onverwacht shockeffect.

Atte Jongstra - Inkt, bloed & liefde (biografie Leo Vroman)
Atte Jongstra schreef de biografie van dichter Leo Vroman (1915 – 2014), getiteld: ‘Inkt, bloed & liefde’. Hettie Marzak over Vroman: ‘Hij was de eigenzinnigste dichter van Nederland, die ruim zeventig jaar in Amerika woonde en werkte en zich misschien daarom zo weinig aantrok van stromingen en richtingen in de Nederlandse literatuur. In zijn gedichten was hij altijd zichzelf, licht en lief en soms ongelofelijk melig.’
Interview Mijt van Muiden
‘De vraag die je mij zo-even stelde’, zegt Mijt van Muiden, ‘beantwoord ik liever, veel liever dan met wat ik er zojuist over zei, met een gedicht.’ Veel van zijn schrijfproces gaat intuïtief. Wat hij wel weet: hij hoeft de volwassen lezer niets wijs te maken. Daar is poëzie niet voor. Het is hem voldoende als hij af en toe een glimlach op het gelaat weet te toveren.

Lieke Marsman - De dichter en de duivel
Net na het trieste overlijden van Lieke Marsman kwam ‘De dichter en de duivel’ uit; een ware apotheose. Marc Bruynseraede stelt dat volgens de schrijfster, het niet de tragiek is dat zij ziek is, maar dat de hele maatschappij, waarin zij en wij allen leven, ziek is. Ze daalt af in deze onderwereld. ‘De poëzie van Lieke Marsman dringt alle poriën binnen in je lijf en blijft naklinken.’
