Gedichten

Tom Moor
Niet altijd even samenhangend en toch verrassend, deze intrigerende stem van Tom Moor. Met ‘Uilen krassen / als door mensen voortgebracht’ tot ‘Van die dagen / dat de zompige lucht roeken hoest / die eerst vaneen spatten, dan / om elkaar zwermen haast / zonder denken en ogen- / schijnlijk geheel doelloos / alomvattend verdonkeren’. Om te herlezen en dan nog eens.

Elke Couchez
Klankrijke, intrigerende en beklijvende poëzie van Elke Couchez. Haar woorden maken ons nieuwsgierig, ze creëert een eigen wereld met bezwerende beelden door regels als ‘wie weet ontwaren we / waar de wol rafelt of onze vezels / verknoopt en verstrengeld / van schubben en kroes zijn gesponnen’ tot ‘hoe rekbaar / al ons zwijgen is geworden’. ‘Een thuisland uit een gevonden tapijt’.
Het Maaiveld (2)
Opnieuw een voorbeeld van de combinatie poëzie / beeldende kunst uit Het Maaiveld, een expositie die nog tot 30 augustus te zien is in Museum Kranenburgh, zaal KunstenaarsCentrumBergen. Enthousiaste, ontroerende en professionele bijdragen van zowel dichter als kunstenaar. Allemaal samengebracht door een initiatief van kunstenaar Rob Komen. Het Landschap verdicht. Het Landschap verdicht. Een nieuw uitzicht, een ander inzicht.
Michael Vonk
Er spreekt een grote urgentie uit de gedichten van Michael Vonk. Erg mooi, dat inzoomen op de details. Prachtige zinnen als ‘ik heb geprobeerd me uit te smeren / over de vensterbank, over de stoep / over de rug van een vreemde in de tram’ en vergelijkingen als ‘we botsen tegen elkaar op / als ontdooide erwten in een schaal / zacht genoeg om te deuken’.
Richard Klapwijk
Wat doen deze observaties voor ons als lezer? Het verlangen van de dichter is knap opgeroepen en goed uitgewerkt, het landschap wil ons iets zeggen, iets uitleggen, maar wat dan, de vraag blijft open. Het landschap als persoon, als onze vriend, en dan is er nog de buurvrouw die de vuilnis buiten zet alsof ze een offer brengt voor onbekende goden.
Gert de Graaf
Gert de Graaf heeft een kritische stem die consequent wordt uitgewerkt, met humor en een terloopsheid en soms een dubbele betekenis. Hij nodigt je uit om anders naar de dingen te kijken, te vertragen, tot jezelf verliezen zelfs, het oog hunkert, bomen worden ‘wieren wiegend in de wind’, niet alleen ‘hier en daar een mooie klank, / zoals snerp’.
Nele Bruynooghe
Bijzondere en bezwerende poëzie van Nele Bruynooghe. Een boeiende eigen stijl en toon, opgetogen, warm, zinnelijk, vol beloften. Met lievelingsversregels: ‘de avond ervoor / heeft vetranden die zich afzetten als slib en glanzen als natte lippen / het maakt de ochtend zwaar zoals haar op pubermeisjesbenen /in de turnles: hoe kan ik gaan zitten dat het niet opvalt’.
Monique Leferink op Reinink
Een kenmerk van goede poëzie is dat je wilt herlezen. Dat doen we graag met de gedichten van Monique Leferink op Reinink die een heel eigen stem heeft waarin mooie beelden en klanken klinken. Regels als ‘om de mond van het licht / hangt bloedkoraal’, subtiel en zorgvuldig wordt een herinnering getoond en als een merel rilt, voelen we dat.
Jet Sterkman
‘Ik doorzoek de taal als een kringloopwinkel’, dicht Jet Sterkman. Ze wil met haar in taal gevatte wereldervaring normen laten wankelen en de wereld inclusiever maken. Dat doet ze beeldend, origineel, sterk. ‘Hoe vang je een bloem in eenduidige woorden / als bloemen op oneindig veel manieren te begrijpen zijn?’ En buschauffeurs, zwaai naar elkaar als levensles voor het kind.
