Gedichten
Gert de Graaf
Gert de Graaf heeft een kritische stem die consequent wordt uitgewerkt, met humor en een terloopsheid en soms een dubbele betekenis. Hij nodigt je uit om anders naar de dingen te kijken, te vertragen, tot jezelf verliezen zelfs, het oog hunkert, bomen worden ‘wieren wiegend in de wind’, niet alleen ‘hier en daar een mooie klank, / zoals snerp’.
Nele Bruynooghe
Bijzondere en bezwerende poëzie van Nele Bruynooghe. Een boeiende eigen stijl en toon, opgetogen, warm, zinnelijk, vol beloften. Met lievelingsversregels: ‘de avond ervoor / heeft vetranden die zich afzetten als slib en glanzen als natte lippen / het maakt de ochtend zwaar zoals haar op pubermeisjesbenen /in de turnles: hoe kan ik gaan zitten dat het niet opvalt’.
Monique Leferink op Reinink
Een kenmerk van goede poëzie is dat je wilt herlezen. Dat doen we graag met de gedichten van Monique Leferink op Reinink die een heel eigen stem heeft waarin mooie beelden en klanken klinken. Regels als ‘om de mond van het licht / hangt bloedkoraal’, subtiel en zorgvuldig wordt een herinnering getoond en als een merel rilt, voelen we dat.
Jet Sterkman
‘Ik doorzoek de taal als een kringloopwinkel’, dicht Jet Sterkman. Ze wil met haar in taal gevatte wereldervaring normen laten wankelen en de wereld inclusiever maken. Dat doet ze beeldend, origineel, sterk. ‘Hoe vang je een bloem in eenduidige woorden / als bloemen op oneindig veel manieren te begrijpen zijn?’ En buschauffeurs, zwaai naar elkaar als levensles voor het kind.

Het Maaiveld
De combinatie poëzie / beeldende kunst is niet een unieke maar wel bijzondere. Soms vertegenwoordigt in een en dezelfde persoon, soms een samenwerking tussen twee kunstenaars. Soms in een spontane reactie op elkaar en soms ook met de duidelijke opzet tot een versterking van of het beeld of de taal. In Het Maaiveld dat laatste, met expositie en boek!
Elbert Gonggrijp
Pure poëzie van Elbert Gonggrijp, romantisch met enige bombarie zoals de victorie en brandende bramen in meanderende zinnen waarvan de mooiste zijn ‘het vergist / zich in de ganzen.', ‘het huis zwijgt’, ‘ik leef mijn eigen definitie’. Een natuurdichter die zijn eigen filosofieën niet schuwt en zijn gedichten dagelijks bedenkt op zijn IPhone. Elke morgen maakt hij zo een gedicht.
Boris Wanders / Judith Lechner
Een experiment, in de romantische traditie - maar dan eigentijds, zeggen dichter Boris Wanders en fotograaf Judith Lechner, van hun zoektocht naar de genius loci van Landes.
Hun observaties trekken ons aan, dennen die spreken, ‘ga toch weg met je zoektocht naar zielsverwantschap’, metaforen als ‘van alle tijden mogen golven door me heen rollen’ in het ‘niets hoeft’. Dat moment nog even rekken.
Silvester Klaasman
Deze dichter heeft zowel korte overwegingen als langere verzen, beiden vol weemoed en verbazing, wat humor en afstand, als in ‘Ik zie een weduwnaar hangen / aan een lapje stof / bovenaan een steile rotswand / (een kind kwam ooit langs, reikte hem een trui aan).’ En ‘wolken die langzaam aan mijn voeten / voorbij dreven.’ Mooi, beeldend.
Noah Put
Noah Put schrijft poëzie die beklijft, vol originele beelden en mooie personificaties zoals ‘de gang draagt slome stappen / in staccato’ en ‘de straatlantaarns opperen in witte jas’. Maar de mooiste regel is toch wel ‘de nacht bij de arm nemen en vragen hoe je hier vandaan verdwaalt.’ Dat zouden wij ook wel willen weten en dan terugvinden of gevonden worden.
