Archief
Han van der Vegt - Eenzame goden
Tot zijn verrassing verschenen er soms goden in de gedichten van Han van der Vegt, terwijl hij al vele jaren niet meer geloofde. Maar ‘de goden zijn er niet / om in te geloven / de goden zijn er / om verhalen van te vertellen’. De gedichten leidden tot de bundel ‘Eenzame goden’. Een recensie van Hans Puper
Nieuwsbrief 32 / 30 augustus
Gedondernis in oorverdovende veelvouden
‘Alles begint met een verlangen’ en ‘de behoefte om te verdwijnen in een landschap dat zo veel groter is dan wijzelf’ zou daar ook kunnen eindigen. Het verlangen zette Arita Baaijens aan tot het trainen van een algoritme dat kan spreken namens de zee, AI-Zee. Met dit taalalgoritme laat ze schrijvers experimenteren. Een van hen is Sholeh Rezazadeh.

Tom Moor
Niet altijd even samenhangend en toch verrassend, deze intrigerende stem van Tom Moor. Met ‘Uilen krassen / als door mensen voortgebracht’ tot ‘Van die dagen / dat de zompige lucht roeken hoest / die eerst vaneen spatten, dan / om elkaar zwermen haast / zonder denken en ogen- / schijnlijk geheel doelloos / alomvattend verdonkeren’. Om te herlezen en dan nog eens.

Ineke Holzhaus - Twee Cycli – je stem / Zusje
In ‘Twee Cycli – je stem / Zusje’ van Ineke Holzhaus gaat het over het verlies van haar geliefde en haar zus. Sander Ausems vindt het knap dat deze persoonlijke gedichten, die kwalitatief sterk zijn, ook universele waarde hebben. Door de achtergrondinformatie ‘krijgen de gedichten een nieuwe laag en brengen ze je tot stilte.’

Interview Bo Vanluchene
‘Ik wil met mijn bundel allesbehalve navelstaren, maar juist helemaal in de wereld staan. Herkenbaar zijn voor zo veel mogelijk mensen.’ Bo Vanluchene debuteerde met ‘een pleidooi voor twijfel en verandering’ in plaats van iets nuttigs te leren zoals brood bakken. ‘De meest betekenisvolle reacties kwamen van heel gewone lezers, die op hun eigen manier een connectie maakten met mijn werk. Dat is meer waard dan ‘doorbreken’.’

Elly de Waard – Liefdesgedichten
De bundel ‘Liefdesgedichten ‘van Elly de Waard is volgens Ali Şerik een ode aan de vrouwelijke schoonheid, waarin de liefde als een libelle neerstrijkt. 'Haar taal is helder als een regendruppel die op warme aarde valt: toegankelijk, direct en onmiddellijk invoelbaar. In haar poëzie krijgt verlangen een tastbare vorm: het zoekt toenadering, verlangt naar aanraking en wacht bijna wanhopig op wederkerigheid.'

Elke Couchez
Klankrijke, intrigerende en beklijvende poëzie van Elke Couchez. Haar woorden maken ons nieuwsgierig, ze creëert een eigen wereld met bezwerende beelden door regels als ‘wie weet ontwaren we / waar de wol rafelt of onze vezels / verknoopt en verstrengeld / van schubben en kroes zijn gesponnen’ tot ‘hoe rekbaar / al ons zwijgen is geworden’. ‘Een thuisland uit een gevonden tapijt’.

Tijs van Bragt - Anatomie van de grassen
‘Anatomie van de grassen’ is de nieuwste bundel van Tijs van Bragt. Ellis van Atten zegt dat je als lezer met de dichter meewandelt door de natuur; langs water waar iepen staan, langs zee, onder populieren door. ‘Van Bragt heeft oog voor alles wat er te zien is.’ De natuur staat centraal, maar als de zoveelste aalscholver verschijnt, wekt dat ook irritatie op.
Nieuwsbrief 31 / 23 augustus
Ode aan Wim J. Simons & De Beuk
Een herinnering van Ko van Geemert aan een bevlogen en principiële man, Wim Simmons. Een keerpunt in Wim’s leven was de oprichting van de Literaire Uitgeverij De Beuk, samen met Johan Polak en Frits Knuf, in 1953. Simons was meer dan vijftig jaar in het literaire landschap een opvallende en enthousiasmerende figuur. Hij hield ervan dichters uit te geven die bij de grote uitgevers niet aan bod kwamen.
Parels in het Poëziecentrum Nederland (5)
In het audio-archief van het Poëziecentrum Nederland bevindt zich een groot aantal opnames van dichters die hun gedichten zeggen en van meer of minder bekende stemacteurs die hun favoriete dichters vertolken, het zijn allemaal pareltjes. Liesbeth List ligt er maar ook een cd-rom met een volledig overzicht in tekst, beeld en geluid van het Leven en werk van Gerrit Kouwenaar.

Rezan Habash - Niet genoeg van de liefde
Rezan Habash, afkomstig uit Syrië, is dichter, fotograaf en filmmaker. In zijn debuutbundel ‘Niet genoeg van de liefde’, worden de gedichten gekenmerkt door passie, melancholie en strijdvaardigheid. Ivan Sacharov is onder de indruk en zegt: ‘’De dichter blijkt volgens deze dichter vooral iemand die zijn ‘perspectief op het leven’ aan anderen kan laten zien.’’

Interview Pim Cornelussen
‘Als er één rol is de die poëzie kan oppakken in de klimaatcrisis dan is het deze: ontvankelijkheid creëren’, aldus Pim Cornelussen. ‘Ook al is het voor een select publiek, de diepte die je kan aanboren met poëzie is ongeëvenaard.’ Hij zou graag een betere manier vinden om twee dingen dichter bij elkaar te brengen: anderen vooruithelpen en eigen werk maken.

Guido de Bruyn - Lieve Johannes / Brieven aan Vermeer
Taco van Peijpe heeft met plezier de bundel ‘Lieve Johannes / Brieven aan Vermeer’ van Guido de Bruyn gelezen: ‘De mooie ambachtelijk geconstrueerde gedichten zijn toegankelijk en licht van toon en verbinden speelse fantasierijke verhalen aan de voorstellingen op de schilderijen. De lezer wordt hierdoor uitgenodigd nog beter te kijken naar de afbeeldingen naast de gedichten.’
Het Maaiveld (2)
Opnieuw een voorbeeld van de combinatie poëzie / beeldende kunst uit Het Maaiveld, een expositie die nog tot 30 augustus te zien is in Museum Kranenburgh, zaal KunstenaarsCentrumBergen. Enthousiaste, ontroerende en professionele bijdragen van zowel dichter als kunstenaar. Allemaal samengebracht door een initiatief van kunstenaar Rob Komen. Het Landschap verdicht. Het Landschap verdicht. Een nieuw uitzicht, een ander inzicht.

Gerrit Massier - Aangevlogen uit het schaduwloze
Jaap Bos bespreekt ‘Aangevlogen uit het schaduwloze’, van Gerrit Massier en zijn oordeel is gemengd: ‘Sommige gedichten spreken aan, nemen de lezer mee, geven momentjes van herkenning – maar in andere gedichten blijft de dichter te dicht bij zichzelf en houdt hij de lezer te veel op afstand om te overtuigen.’
Nieuwsbrief 30 / 16 augustus
Vervuilde taal en heilzame stilte
Hans Franse zou willen dat we meer stilte hadden, als antwoord op vervuilende, maskerende taal. Zonder blikken of blozen worden leugens of onzinverhalen verteld met een air en zekerheid of we met orakels van doen hebben. De kwantiteit van het geruis stijgt, het aantal woorden neemt af: taalgrens heeft bij hem een andere betekenis gekregen dan een grens waar twee talen aan elkaar raken.
Michael Vonk
Er spreekt een grote urgentie uit de gedichten van Michael Vonk. Erg mooi, dat inzoomen op de details. Prachtige zinnen als ‘ik heb geprobeerd me uit te smeren / over de vensterbank, over de stoep / over de rug van een vreemde in de tram’ en vergelijkingen als ‘we botsen tegen elkaar op / als ontdooide erwten in een schaal / zacht genoeg om te deuken’.

Arnout ter Haar - Kom terug, reiziger
In de debuutbundel ‘Kom terug, reiziger’ van Arnout ter Haar, doorlopen we een rouwproces in beeld en woord. Tom Veys zegt erover: ‘Graag neem ik de illustraties als uitgangspunt, omdat beeld en woord goed samengaan in deze bundel. De dichter hanteert een toegankelijke, eenvoudige taal, de vaak abstracte schilderijen spreken de kijker aan en roepen een aparte en sterke sfeer op.’

Interview Jolanda Kooijmans
Het creatief proces tussen schilderen en schrijven is bij Jolanda Kooijmans ongeveer hetzelfde, maar de behoefte/intentie achter het werk verschilt. Schilderen is ontspannend en contemplatief, het lijkt op tuinieren. Schrijven gebeurt veel koortsachtiger. Het proces zelf bestaat uit duizend-en-één kleine uitprobeersels en experimenten, mixen en mengen, dingen uitvergroten of juist verkleinen, aan elkaar plakken of uit elkaar trekken. Dat gebeurt intuïtief, in grote concentratie.

Tania Verhelst - In de naam van de vader, de moeder en een rondtollende steen
De derde bundel van Tania Verhelst, ‘In de naam van de vader, de moeder en een rondtollende steen’, toont opnieuw haar vakmanschap als dichter. Yvan De Maesschalck concludeert: ‘ze trakteert de lezer aanhoudend op lichtvoetige, subtiele, ambigue verzen die grote vragen oproepen. Altijd rakelings, vanuit een klein, kwetsbaar of ingetogen perspectief.’
Richard Klapwijk
Wat doen deze observaties voor ons als lezer? Het verlangen van de dichter is knap opgeroepen en goed uitgewerkt, het landschap wil ons iets zeggen, iets uitleggen, maar wat dan, de vraag blijft open. Het landschap als persoon, als onze vriend, en dan is er nog de buurvrouw die de vuilnis buiten zet alsof ze een offer brengt voor onbekende goden.
