Recensies

Rob Theys – In het grote meer
Het is de dichter die gedichten schrijft, maar in de bundel 'In het grote meer' van Rob Theys lijken de rollen soms omgekeerd en (be)schrijft het gedicht de dichter, aldus Jac. Janssen. Het zijn veelal poëticale gedichten, die iets uitdrukken over de dichtkunst, en wat poëzie überhaupt kan zeggen over de werkelijkheid. Het sentiment wordt daarbij op afstand gehouden, wat ademruimte schept. En welke functie heeft de opvallende typografie?

Paul Gellings - De oerknal was een festival
In ‘De oerknal was een festival’ van Paul Gellings, is zijn verzameld werk opgenomen van de afgelopen vijftig jaar. De dichter kijkt, volgens Hettie Marzak, met lichte melancholie en veel herinneringen naar het verstrijken van de tijd. ‘Gellings laat zich niet alleen inspireren door het verleden en de natuur, maar ook door beelden en schilderwerken, verhalen, literatuur en dromen.' Marzak vindt hem een meester in het bedachtzaam observeren.

Annemie Deckmyn - Mal
In ‘Mal’ van Annemie Deckmyn, onderzoekt de dichter hoe mensen vastraken in rollen, verwachtingen en patronen. Yolandi de Beer geeft aan dat de bundel niet alleen gaat over de vormen waarin we terechtkomen, maar vooral over wat er gebeurt wanneer we proberen eruit te breken. ‘De gedichten houden ons een spiegel voor zonder ons te vertellen wat we daarin moeten zien. Dat maakt de bundel vertrouwd en confronterend tegelijk.’

Kees van Meel - Onbegrensd verlangen
In de met tekeningen van Angie Cotrotsos geïllustreerde bundel ‘Onbegrensd verlangen’ van Kees van Meel, staan seksuele fantasieën in expliciete bewoordingen centraal. Het is welluidende poëzie die mede vanwege alliteratie geschikter lijkt om voor te dragen dan om te lezen, aldus Taco van Peijpe. Naast Eros komt ook Thanatos aan bod, liefde en dood als inspiratiebron. Maar wat bedoelt de dichter met ‘erotische grafpoëzie’?

Jeroen de Valk - Dagen zonder licht
In ‘Dagen zonder licht’ van Jeroen de Valk staan sonnetten van een vader die dicht over zijn zoon. Deze leed aan een zware depressie en besloot om zelf uit het leven te stappen. Jean Pierre Rawie was onder de indruk en wijdde er een column aan. Jaap Bos heeft zo zijn bedenkingen: ‘poëtisch gesproken zijn het onbeholpen gedichten, die aan de verbeelding niets overlaten.’

Asmae Amaddaou - Brand lieverd brand
Het debuut ‘Brand lieverd brand’ van Asmae Amaddaou wordt besproken door Anneruth Wibaut. Hoe vindt een kind van de diaspora een thuis? Ze zitten namelijk tussen twee vuren in. ‘Zo zijn er de hoge eisen die gesteld worden door zowel het westen als door de (voor)ouders. Denk aan eer en wraak, of hoe ontheemden zich soms voelen, alsof ze in het niets verdwenen zijn.’ Wibaut vindt de inhoud overrompelend.

Steven Graauwmans - Niets is wat
Jaap Bos werd betoverd door de raadselachtige, metafysische wereld van Steven Graauwmans in zijn zesde bundel ‘Niets is wat’. Bos voelde zich ondergedompeld in een surrealistische sfeer. ‘In de tweede afdeling haperen en stuiteren de zinnen als stenen die over een helling razen en met elkaar in botsing komen. Vaker dan in het eerste deel vallen de beelden hier op hun plek, worden helder.'

Stijn van Dalen - Koud buffet
Jeroen van Wijk dook in de debuutbundel van Stijn van Dalen: ‘Van Dalen heeft met ‘Koud buffet’ een bundel samengesteld waarin van alles op ons bord ligt. Dat maakt de bundel afwisselend en toegankelijk, maar een buffet moet meer kunnen bieden dan alleen verschillende gerechten.’

Grady van de Bosch - Intact
De poëzie van Grady van den Bosch geeft in haar debuutbundel ‘Intact’ ruimte aan verbeelding, zegt Ivan Sacharov. Van den Bosch raakt diep menselijke kwesties aan. ‘Ik vind het vooral een scherpzinniger dan gemiddeld poëziedebuut. Achter de soms alledaagse beelden gaat een analytische blik schuil.’
