Columns
Parels in het Poëziecentrum Nederland (3)
In deel 3 van de nieuwe serie van Wim van Til een ongebundeld vers van Vasalis, geschreven in haast en onder druk, bij een prent van Nan Platvoet die verkocht werd om aan de kosten voor de herstelwerkzaamheden van de, door de Duitsers, opgeblazen dijk van het Wieringermeer tegemoet te komen, april 1945.
Oneindig blauw
Blauw is oneindig. Blauw is dubbelzinnig. Blauw is geniaal. Blauw is alles, blauw is niets. Blauw is in. Blauw 1. Er is voor iedereen een blauw. Even ruim en ongrijpbaar als de kleur blauw is de definitie van ‘poëzie’. Marianne Hermans in een originele column die past bij de kleur boven ons in deze zonnige dagen.
De waarheid van de dichter
Volgens Goethe betekende 'waar' dat hij zijn leven had beleefd en verstaan zoals hij die heeft beschreven. Volgens Kloos moest je een enigszins ‘vals’ beeld van het leven geven als je bij de lezer ideeën wilde opwekken. Versregels van Van der Waals bevestigen: ‘Ik kan niet anders dan mijzelf verkonden, / Ik vind mijzelve steeds en overal.’ Romain John van de Maele opnieuw op zoek.
Kwetsen in de poëzie
Willem Tjebbe Oostenbrink overweegt in deze column af te zien van het criterium in wedstrijdreglementen dat ‘de tekst niet kwetsend of discriminerend mag zijn.’ Krijgt poëzie hierdoor niet een beperking opgelegd waarmee meer zaken onbenoembaar en onzegbaar blijven? In een vrije, open samenleving behoort niemand het monopoly te hebben op betekenis en taal. Poëzie is een communicatiemiddel.
Vive la rose
Van ‘Vive la rose’ wordt Hans Franse heel blij. Het gedicht van Ronsard is subtiele verleidingskunst waarin leven en dood samenkomen in de lichamelijke liefde. De teksten van de dove dichter werden op muziek gezet door Guy Béart, een Frans chansonnier. Er wordt van hem verteld dat, wanneer hij inspiratie kreeg voor een liedtekst, hij tijdens het bedrijven van liefde wegliep om het te noteren.
Mens en gevoelens (2)
Nog even meereizend met dichter G. Nu naar een restaurant waarin Grieken wezenloos televisie blijven kijken, zwijgen zorgt voor ongemak, haargroei ook, als onze dichter in een gemeenschappelijk Japans bad stapt en iedereen dientengevolge eruit stapt. Japan bleef favoriet maar zeer nauw aan het hart ligt Curaçao en van dat alles wordt poëzie gemaakt. En mooie verhalen.
Overal langs de wachttoren
Voor hij het wist stond Rogier de Jong tegen de reling van de Karelsbrug het eerste lied dat hem te binnen schoot te zingen: ‘All Along the Watchtower’ van Bob Dylan. Wat een heerlijke herinnering in deze column, gevolgd door zijn interpretatie van dit beroemde lied. Nattevingerwerk misschien, maar in zijn eigen column mag hij de geest de vrije loop laten.
Paul Snoek op zoek naar de waarheid van poëzie
Waarheid is niet eeuwigdurend en altijd gebonden aan tijdelijkheid en ruimtelijkheid, of zoals Stefaan van den Bremt heeft geschreven: ‘Dichten is het IK en het NU / betrekken in het spanningsveld / van alledag en alleman’. Paul Snoek beriep zich op het goddelijke en ‘bovenmenselijke genade’ als ultieme bron van het woord, waardoor hij zich expliciet op metafysisch terrein waagde.

Leopold en Piggelmee
De schrijver ‘Van het Toovervischje’, naar een sprookje van Grimm, noemde zichzelf Leopold. Koos de vertegenwoordiger van Van Nelle bewust dit pseudoniem, was hij vertrouwd met het werk van zijn stadsgenoot of kende hij hem niet? En was de grote dichter een liefhebber van Van Nelle’s koffie? Het lijkt erop dat de grote dichter op een verzuchting van mevrouw Piggelmee heeft geantwoord…
