Interviews

Interview Pol Bracke
Wim Vandeleene in gesprek met Pol Bracke: Over de saxofoonsolo, de handpomp en de schuchtere jeugdjaren. Energie krijgt Bracke van creëren, vanuit een waarneming een gedicht schrijven. De drang om te creëren maakt hem blij. Zoeken naar de volmaakte vorm is een strenge leermeester die lang op de rem heeft gestaan, maar gelukkig heeft plaatsgemaakt voor de durf om eindelijk te springen!
Interview Daniël Franck
‘Schrijven is enerzijds – en toch wel voor een belangrijk deel – mijn brandstof, maar anderzijds is het ook een confrontatie met mezelf.’ Daniël Franck in gesprek met Wim Vandeleene over zelfkritiek, de inkt als brandstof en de zoektocht naar de juiste vorm. ‘Voor de fase van het schrijven zelf tracht ik me mentaal te ontkoppelen van mijn omgeving.’

Interview Bo Vanluchene
‘Ik wil met mijn bundel allesbehalve navelstaren, maar juist helemaal in de wereld staan. Herkenbaar zijn voor zo veel mogelijk mensen.’ Bo Vanluchene debuteerde met ‘een pleidooi voor twijfel en verandering’ in plaats van iets nuttigs te leren zoals brood bakken. ‘De meest betekenisvolle reacties kwamen van heel gewone lezers, die op hun eigen manier een connectie maakten met mijn werk. Dat is meer waard dan ‘doorbreken’.’

Interview Pim Cornelussen
‘Als er één rol is de die poëzie kan oppakken in de klimaatcrisis dan is het deze: ontvankelijkheid creëren’, aldus Pim Cornelussen. ‘Ook al is het voor een select publiek, de diepte die je kan aanboren met poëzie is ongeëvenaard.’ Hij zou graag een betere manier vinden om twee dingen dichter bij elkaar te brengen: anderen vooruithelpen en eigen werk maken.

Interview Jolanda Kooijmans
Het creatief proces tussen schilderen en schrijven is bij Jolanda Kooijmans ongeveer hetzelfde, maar de behoefte/intentie achter het werk verschilt. Schilderen is ontspannend en contemplatief, het lijkt op tuinieren. Schrijven gebeurt veel koortsachtiger. Het proces zelf bestaat uit duizend-en-één kleine uitprobeersels en experimenten, mixen en mengen, dingen uitvergroten of juist verkleinen, aan elkaar plakken of uit elkaar trekken. Dat gebeurt intuïtief, in grote concentratie.

Interview Sarah de Koning
Sarah de Koning schreef de beste Nederlandstalige dichtbundel van de drie voorafgaande jaren. Ze omschrijft de bundel zelf als ‘Een verzameling miniaturen en observaties waarin allerlei vrouwenstemmen op verhaal proberen te komen, in de vorm van dagboeken, brieven, kattebelletjes, telefoongesprekken. Eigenlijk onafgewerkte open vormen.’ Ze ziet de kracht van poëzie in thema’s die bijna niet in taal passen, waar het lichaam, het leven, de ervaring in overlopen.
Interview Jacobus Bos
‘Het klinkt misschien niet erg netjes, maar ik ben poëzie gaan schrijven van ellende.’ Voor Jacobus Bos is de dichter het medium tussen gedicht en gedachte. Als het op papier staat, moet het zichzelf nog bewijzen. Zelf probeert hij het gedicht, zowel vorm als inhoud, te veranderen tot de originele tekst de enige goede blijkt te zijn. ‘Bewijs uit het ongerijmde.’
Interview Annemie Deckmyn
Een gedicht mag voor Annemie Deckmyn niet te gezocht zijn qua vorm en inhoud. Dus eenvoud en verstaanbaarheid als belangrijke ingrediënten. Ze is niet graag een soort archeoloog in de verzen van een ander. Liefst raakt het haar bij een eerste lezing zodat ze het wil herlezen, iets aanstippen. In gesprek met Wim Vandeleene legt ze uit hoe belangrijk woorden voor haar zijn.
Interview Harrie Lemmens
‘Pessoa heeft geen beweging meer nodig: Pessoa is zelf een literaire beweging, een hele literatuur op zich, een podium waarop allerlei schrijvende en dichtende acteurs rondrennen en met elkaar ruziën en in gesprek gaan. Tijdloos.’ Vertaler Harrie Lemmens wordt vooral aangetrokken door de enorme rijkdom en gevarieerdheid van zijn werk en, onlosmakelijk daarmee verbonden, zijn persoon.
