Gedichten

GEBOORTEVRAAG

Pijn die gezellig is gemaakt
noemt men kunst
Op een kromme fiets
door de stad crossen
Van achter de zonsopkomst scheppen

Vissen buiten de rand
van de nacht,
de sterren Petrischaaltjes
rond het brein

Salueren tegen loze gedachten
Niet doen aan traag
maar ademen zonder te denken
aan het hortende, stuitende
Vergeten wiens schuld jij moet zijn

MIJN FAVORIETE DOOD

De dood
heeft met niets iets te maken
Hij hult zich in
chiffon
Groene zeep

De casemanager van mijn organen
schrijft geen poëzie
Interesseert zich niet voor
vuurvliegen, orgasmen
palindromen

Ik wil een dood die zo betrokken is
dat hij bij rigor mortis
de kleurverschuiving in mijn huid
al aan zag komen
De pandjesbaas van het Nee

Ik wil sterven
zoals anderen
flessen werpen, zonder spatje hoop
dat ze ergens aan gaan komen

Maar toch de reis naar zee

LIEFDE KRIOELT

Je kan als mens dusdanig
met een andere mensachtige
verbonden raken
dat het neusbot luchtbrug wordt
De teennagels plagiaat

Je denkt dat je gezicht gestolen is
want in de machine van de liefde lurkt een twijfel
Het schimmige springplankje
van een mot. Een aanzet tot brie

Je trekt Lucebertiaans
aan het koord van de zon
Plast op een plee van poëzie
tot het krioelen onder je onstopbaar begint
Je vergist je in de bacterie

Uit: Anouk Smies. Wie heeft een middelpunt nodig
Uitgeverij Stichting Opwenteling. ISBN 9789063381608

Geplaatst in Gedichten.