LITERAIR E-MAGAZINE VOOR NEDERLANDSTALIGE POËZIE

Zaïre Krieger – Chameleon

3 jun 2026

Metamorfoses, zeker?

door Marc Bruynseraede



Zaïre Krieger, die zichzelf aankondigt als een ‘spoken word’-dichteres, vol met twijfels, heeft de bundel Chameleon uitgebracht.  Chameleon is, zoals u terecht vermoedt, het Engelstalig broertje van kameleon: een zeer nuttig diertje dat zichzelf camoufleert door van kleur te veranderen om ongemerkt alle aanwezige en overdadige insecten te verorberen. En waarom dat in het Engels moet, is om het allemaal wat moeilijk (lees: iets bedekter, minder makkelijk toegankelijk en dus mysterieuzer) te maken. Op de cover staat een naakt vrouwenlichaam, beschilderd met bonte kleuren en met een glimmend mes tussen de vingers. Een allusie op de diverse gedaantewisselingen en rollen die de dichteres zal aannemen en de soms wrede gevolgen hiervan. Multidimensioneel  heet dat in modespraak.

Als de term ‘spoken word’ valt, ben ik steeds op mijn hoede. Dan staat het Latijnse spreekwoord Verba volant, scripta manent me voor de geest. Het gesproken woord vervliegt, het geschrevene blijft. Ik ben dan geneigd te denken: het zal wel weer een oor-in-oor-uit-poëzie zijn, zeker? Het moet een beetje consumeerbare-down-to-earth-begrijpelijke poëzie zijn, met dan wat onderduimse, gecamoufleeerde complexen, anders schiet het zijn doel voorbij. En het moet niet te fijnzinnig zijn, want dat is het leven ook niet, maar af en toe grofgebekt, kwestie van mee te zijn met de social media-speech. Maar nu het ‘spoken word’ op papier staat, krijgt het een iets definitievere en acceptabele natuur.

De flaptekst vat in een paar regels de essentie van de bundel samen. Zaïre Krieger wordt ‘al jarenlang in haar identiteit geconfronteerd met ogenschijnlijke paradoxen: van religie en queerness en zwart zijn in een witte wereld tot activisme versus esthetiek’. Het is méér dan een mondvol. Krieger is het zwart schaap in een witte stal. Eten en drinken, in een klaterende of kletterende poëzie.

De dichteres geeft aan de veelzijdige werkelijkheid vorm door diverse personages op te voeren, diverse lettertypes te gebruiken en diverse talen. In de eerste cyclus gaat dat in de vorm van het personage Zireïa (Zaïre, maar dan anders geschreven) : ‘perfection personified, no race, no gender. The alpha shapeshift that invites you to see beyond barriers and face all of your different masks, hoping that one day, you can take them all off.’

Het preludium ‘inhalatieverschaft enige bijkomende duidelijkheid. Twee fragmenten:

Ik ben bang voor dingen die stilstaan

—–                          Zoals woorden op papier

—                           –En perfectie

Er is niets zo stilstaand en onbeweeglijk als perfectie
Niets zo moordend en dof gekleurd als vlekkeloos
En toch, laat ik het mijn adem stokken en mijn handen binden
Laat ik het mijn keel brokken en mijn backspaceknop vinde

En toch, ga ik proberen dit papier weer voor je te laten leven
Laten teruggroeien als een boom naar je gehemelte
Als takken die je hoofd houvast bieden
En bladeren die je verbeelding bewolken

Vertrouw je me ?
Zeg je ja ? Of is ‘t ‘wie zwijgt stemt toe?’
Geef me een teken
Ik heb validatie nodig om dit te doen

—–         Hou je me op de hoogte?
—–         Ken je me in m’n diepte?

(…)
——————————————-

(…)
Wie ben ik nou sowieso om jou iets te vertellen!?
—– En waarom zou je geld uitgeven aan poëzie?!
—–         Niemand koopt meer poëzie.
—–                    Waarom zou je luisteren naar sinterklaasgedichtlevel
—–                               rijmpjes over racisme?!!
—–                                      Waarom zou iemand luisteren naar een stort
—-                                               –aan deugtweets in dicht
—                                                        —Waarom zou je luisteren naar e
—                                                                 —‘subsidieslurpende kutnegerin’??!
—                                                                        — Dus waarom zou ik hieraan
—                                                                                 —beginnen?


—        —Ik ben zo fucking bang

(…)

Wat je leest is, inderdaad, gesproken taal, duidelijk verteerd door vraagstukken, bewogen, van een kwetsbare eerlijkheid. Als je het hardop leest – alsof je het zélf geschreven hebt – komt het tot leven. ‘Spoken word’ op papier dat weer tot leven komt en zich in je bewustzijn nestelt.

In de cyclus ZIREîA komt de Engelssprekende ‘Jump Bitch’ aan het woord, om de transformatie vorm te geven, sprekend in hoofdletters:

BITCH, I’M NOT LOWKEY
WHISTLENOTE HIGH C
AND DO IT MULTILINGUALLY

Wat verder in de cyclus, in het Nederlands, leer je hoe verwarrend communicatie in een relatie kan zijn, in de gedichten ‘Luchtkastelen’ en ‘Blauwdruk’.

Hij praat en vertelt hoe mysterieus ik ben, hoe slim ik ben, hoe mooi ik ben.

Ik heb nog geen woord gezegd.

Hij spreekt net als ik
hij kent de vooroordelen en de klappen van de zweep
hij heeft vrede gesloten met z’n verleden
heeft zichzelf in de spiegel aangekeken en kent woorden als
‘toxische mannelijkheid’, ‘generationeel trauma’, en ‘intersectioneel feminisme’
hij lakt zijn nagels blauw en groen.

—————————————

Hij bestaat niet.
Heb ik dat gezegd? zegt hij
als ik dat gezegd heb dan bedoelde ik dat niet zo
en als ik het wel zo bedoeld had dan heb jij er te zwaar aan getrokken
en ook al heb je met het juiste gewicht gewogen,
anderen hebben vast erger gedaan.

(…)
Hij bestaat niet,
want ik heb hem gemaakt van wrakstukken
en de scherven van dromen

(…)
‘Waarom zie je mij niet?’

tot ik uit de lucht val en neerkom in de wc van m’n huisarts
wat wenste ik dat die chlamydia net als zijn belofte,

ook van lucht was.

Ik zit hier als recensent maar wat af te schrijven. Gemakkelijk, mag U denken. En het is vast niet gelogen. Misschien wat verwarrend? Maar dat is de bedoeling. In het Engels/Nederlandse gedicht ‘Conception’ gaat de dichteres in, op het wezen van de kameleon. De kameleon neemt de kleur van de omgeving aan, maar dat betekent niet dat hij zich aanpast; dat hij/zij begrijpt wat er gebeurt.

In cyclus 2 spreekt Alïza, in cursief lettertype en met een onnodig maar essentieel (want gespleten) trema op de i. Hier is met een, in Griekse letters geschreven, ‘Ekklesia’ of Kerk en Geloof aan de orde. Het allesverterend, brandend geloof in lichaam en ziel:

(Klik op de afbeelding om deze te vergroten)

Religie vermengd met een, quasi achteloos, sausje sensualiteit legt het drama van het grensoverschrijdend gedrag van papen-in-nood bloot en de slachtoffers die er levenslang niet van herstellen, ofschoon de fata morgana’s van hemel en eeuwigheid gloren als Bijbelse beloften en steevast verdampen als je wat dichterbij komt.

In de derde cyclus is IZ aan het woord, in een verschrikkelijk, haast onleesbaar hoekig lettertype (dat ik niet in mijn computer vind), met als voorafspiegelende beschouwing:

(Klik op de afbeelding om deze te vergroten)

Hier wordt een portie raciale kwelling opgediend, waarvan ik het hamerend-activistische niet adequaat kan weergeven :

Het kan altijd beter
Je kan de nacht doorhalen tot in de puntjes strepen en elk woord bezinnen
(…)
Je hebt alleen jezelf te verwijten
(…)
Je hebt zoveel te bewijzen
(…)
Je speelt voor alle mensen van jouw kleur want we staan al 1-0 achter,
door die koloniale sporen weet je wat een valse start is,
(…)
Je bent doodsbang
bang net als wij allemaal

Je doet alsof je nog steeds zoekende bent maar eigenlijk weet je precies wat je
——————————————-                                                                      –wil,

(…)

Drukte, stress en kwelling worden hier genereus opgediend, in vloeiende, messcherpe taal, zonder dat er geschreeuwd, bediscussieerd of stelling genomen dient te worden. Gedacht, misschien? Of heel zeker. Iedereen heeft een mening over in welk hokje jij het beste past.
Ik hou ermee op citaten te pikken. Het lijkt me beter dat de lezer de bundel integraal doorneemt, want is toch de bedoeling van deze bespreking, vóór ik de verzen kapot analyseer en de lezer een voorzet tot de eigen mening geef.

If you agree with me, I must be wrong, zei Orson Welles wel eens.

En dat is een kwestie van Welles of Nietes.
____

Zaïre Krieger (2026). Chameleon. Uitgeverij Meulenhoff, 120 blz. € 20,00. ISBN 9789029098922

     Andere berichten

Emilie Dewitte – De Stolling

Emilie Dewitte – De Stolling

Hard en droog en breekbaar door Jaap Bos - - Iets dat zacht was en kneedbaar, en dat langzaam hard werd en uitdroogde, tot er een korst...

Toon Tellegen – Op mijn tenen

Toon Tellegen – Op mijn tenen

Ik voel het niet door Sander Ausems - - Op mijn tenen is de nieuwste bundel van Toon Tellegen. Eén van velen. Met talloze prijzen...

Laura Mijnders – Tussen vreemden

Laura Mijnders – Tussen vreemden

Hoe ze wortelen door Ellis van Atten - - De tweede bundel Tussen vreemden van Laura Mijnders, pseudoniem van Laura van Meijeren, verscheen...