Gedichten

Ik probeer in mijn droom

mijn droom te verklaren
terwijl ik door het naaldbos loop
waarin ik zojuist ontwaak

mijn familie is veranderd in een roedel
dieren en ik ben een psychotherapeut of
boswachter en nog een keer word ik

wakker op een feestje waar iemand me vertelt
dat er laatst een acteur overleed tijdens een sterfscène

het personage leeft nog schijnt

als ik niet kan slapen kijk ik op YouTube naar filmpjes van
gebouwen die worden opgeblazen

eerst een stofwolk, dan zakt het gebouw in de grond
in mijn hoofd speel ik ze achterstevoren af

zodat ze weer opstaan

Tegenover mij

zit een jongen met een maquette
op schoot, het gebouw

gekanteld rust op zijn benen. Door het raam
zie ik hoe het landschap langs ons schuift terwijl
de trein stilstaat.

Kan het dat wij gezien datum en tijd
schuin door het heelal zweven en dat alles

zo langzaam mee schuift dat ik
het niet zie. Ik kijk door een raam
van het gebouw op zijn schoot

zie een kamer en een deur horizontaal. Soms
weet ik niet waar ik ben. Zou het kunnen
dat ik van binnen kantel als ik het gebouw
in gedachten rechtzet?

oversteek

je staat op de rand van de stoep
alsof je op de rand van een klif staat

niet wetende of overgave
een beweging naar voren of achteren is

je hebt een koffer in je hand, maar eigenlijk
houd je je daaraan vast

terwijl je wiebelt op je benen
niet als twijfel maar een teken
van de ander die in je aanwezig is

iemand die in spiegelbeeld in je lichaam beweegt
iemand die een reserveleven maakt
voor als het eerste mislukt

ik dwaal in mijn huis van kamer naar kamer
want ik hoorde iemand zeggen

bewegen is een vorm van denken
ik probeer het te vergeten als ik zit

waar ik niet aan denk bestaat niet
weg hek bushalte grasveld bomen
horizon

zodra ik buiten stilhoud benoem ik
wat ik zie

het is onmogelijk
de wolken

rustig voorbij te laten glijden en
tegelijkertijd al het andere
op zijn plek te houden

Geplaatst in Gedichten.