Veva Leye – hap ax le go me non

Eenmalig debuut van Veva Leye: hap ax le go me non

door Kamiel Choi

Hap ax le go me non is de opmerkelijke debuutbundel van de Vlaamse dichteres Veva Leye. De titel is een gangbare Griekse uitdrukking (ἅπαξ λεγόμενον): een uitdrukking die slechts een keer voorkomt in een corpus, maar er staan spaties tussen de lettergrepen, zodat hun individuele betekenissen doorschemeren. We zien onder meer ‘axle’, ‘lego’, ‘menon’, ‘go’, ‘hap’, ‘non’. In de bundel verwachten we dus een kruisbestuiving van begrippen die iets eenmaligs tot uitdrukking (laten) brengen.

Het uiterlijk van de bundel is sober: het is een eenvoudig grijs boekje, gezet in het lettertype DTL documenta; op de achterflap staat een regel uit een van de gedichten, die we als motto mogen interpreteren:

oude
.      waarheden, losse
.                          schroeven
.               – – vrté – self-satisfied smirk sans vraiment pouvoir dire

Het gaat dus om de onuitspreekbaarheid van een waarheid van waarde, en de deconstructie van de teksten die pretendeerden de ‘oude waarheden’ te hebben vastgeschroefd.

De bundel bevat zes afdelingen. De meeste gedichten beslaan een pagina; de laatste afdeling ‘on and and on’ bevat een enkel langer tableaugedicht. De auteur maakt in bijna alle gedichten gebruik van de bladspiegel als betekenislaag. De intentie van de dichteres is niet overal duidelijk en dit lijkt een bewust effect. De gedichten laten vaak vele interpretatieve associaties toe, waardoor je als lezer het gevoel krijgt dat je met de dichteres samenwerkt om de betekenis te genereren. Hoe nauwkeuriger je de tekst leest, hoe meer je ertoe wordt gedwongen om een ogenschijnlijk willekeurige keuze te maken voor een betekenisrichting.

In mijn lezing gaat de eerste afdeling, ‘ptoom’, over de conditie van het schrijven zelf. Dit wordt in het openingsgedicht aangeduid: ‘celle qui seethe has a soft spot for / l’engramme / entrammeld, permanen’: zij die hier zindert is gevoelig voor het (in)geschrevene.

De tweede afdeling, ‘as.ymptotically in.achevée’, heeft een duidelijk motto: ‘POUR QUE L’INDÉTERMINATION SOIT TOTALE’. Het schrijven wordt ingezet voor deconstructie. Het volgende fragment, dat de postmoderne techniek van tikfouten inzet, geeft een indruk:

exparnding performance beyond the ltmitations of the
.                                                                                              chnagement
.                     one on one FRAU dimension
.                                                              Forgery will be prosecuted.
.     We are entitled to postulate.
Creet     saccr
amass         nstraint                                   samenhordt

De derde afdeling, ‘qu(o)d dodo’, verwijst naar de beroemde uitgestorven dodo en dus naar de dood. Het begint met de regel ‘dat de doden dat deden’. ‘vuoill qe.m digatz’ is de titel van de vierde afdeling en betekent ‘ik wil dat je me vertelt’ in het Provençaals. Het schrijven bijt zich hier vast in de liefde. ‘Contest / con form’ gaat over politiek en de slotafdeling ‘on and and on’ bevat een beknopte metafysica.

Deze interpretatie van de afdelingen (er zijn wellicht andere mogelijk) stelt de lezer in staat om keuzes te maken. Dat geeft me een willekeurige sleutel tot de gedichten in handen. Op blz. 51, in de afdeling die volgens mij over de liefde gaat, vinden we bijvoorbeeld een gedicht dat als volgt begint:

verybody     all-consuming
. rêverie                                   constra(di)ctie
.          d(é)rive                             torn
.                                                 conto(rsie)
.        circumstance / cease thy strife
.              omstandigheid                                                           enthralling resuscitation

Even verderop staat ‘morphing into glyph’ en ‘afg(e)rond’. Zo’n gedicht komt tot leven wanneer we tussen de woorden gaan staan en alles op alles laten inwerken: klank, positie op de bladzijde, semantische betekenis, om tot een altijd individuele betekenis te komen. Verybody wordt vooral aan de rechterkant de all-consuming lichamelijke liefde; we zien de lichamen in contractie door woorden als torn, contorsie, writhe, afgelijfd, verdingelijkt en als hiëroglieven verdwijnen in de afgrond van het onzegbare. We zien ook hoe het subject zich verzet tegen het aanmatigende omstandigheid van de liefde, maar tenslotte wordt ingelengd en afgerond.

De meeste gedichten laten zich op deze manier lezen. Een enkele keer kan een flauwe woordgrap het proces van inlijving van de gedichten verstoren, zoals ‘waar een wil is kan ik niet weg’, ‘ta(a)l van mogelijkheden’ of ‘i con test / me with testicles’, maar op de meeste pagina’s verschijnt een intensief spel van associaties tussen woordgroepen waar je als lezer actief je positie moet bepalen.

Veva Leye gebruikt alle taal die met haar in aanraking komt. Zo vinden we programmeertermen (‘no class def found error triggers’) en uitdrukkingen in het Frans, Duits, Engels, Grieks en Spaans. Is dit een Nederlandstalige poëziebundel? Het aantal Nederlandse woorden lijkt niet eens in de meerderheid. Het lijkt me dat de bundel de stilzwijgende beperking van een taalgebied wil doorbreken. Het risico dat de auteur neemt, namelijk niet goed begrepen worden, is voor deze poëzie juist wenselijk, zolang het effect de interactie tussen de lezer en de tekst aanwakkert.
____

Veva Leye (2018). hap ax le go me non. het balanseer, 80 blz. € 19,50. ISBN: 9789079202539

Geplaatst in Recensies.