Annelies Van Dyck – We doen alsof het helpt

Troost

door Maurice Broere



De titel We doen alsof het helpt suggereert een hopeloze actie. Je doet iets om iets te omzeilen, te verwerken, maar het helpt niet echt. Misschien wel omdat je weet dat niets helpt. Een trauma of verdriet kan zo ingrijpend zijn dat je dat eigenlijk nooit te boven kunt komen. Het advies is vaak om de dingen van je af te schrijven. Door ze te verwoorden breng je structuur in je gedachten en krijg je grip op de emoties, maar het verdriet, de leegte, het gemis blijft.

We doen alsof het helpt is het debuut van de Vlaamse dichter Annelies Van Dyck. De bundel is verdeeld in zes afdelingen, voorafgegaan als een soort motto door het gedicht:

Maak me op

Scrub mijn huid met het zout van tweeklanken.
Knijp vraagtekens uit een tube, breng ze naar mijn wang
maak met je vingertoppen zachte cirkelbewegingen.

Leg een punt op mijn tong. Help me doorslikken
voor het verweekt. Poets mijn tanden op het ritme
van je lettergrepen. Ik zoek naar strepen munt.

Epileer mijn zinnen, begin met de woorden
tussen de bogen. Zet mijn pauzes aan als wimpers.
Plooi een komma, hang ze aan mijn rechteroor.

Bij eerste lezing denk je dat het gaat over lichamelijke verzorging en opmaken. Gaandeweg ontdek je dat het dichten onderwerp is. Het is een poëticaal gedicht, waarin het ontstaan van een gedicht uit de doeken gedaan wordt: van de eerste contouren naar het steeds verder verfijnen , het weglaten van woorden, het toepassen van leestekens.

Uit: ‘Epilepsie voor beginners’:

Hersenfilm

Er komen draden uit je hoofd, een monitor
toont hoe jij jezelf uitblaast. Diagnose
in twintig parallelle krommen:
je sluit kort.

Ik ben weer in de Algarve, het waait
ik haal je boven water, wikkel je
in een badhanddoek, wrijf langs je lijfje
alsof ik je wil aarden.

Kon ik ze toen al zien, deze lijnen.

De eerste strofe geeft een beschrijving een EEG(elektro-encefalogram). Dit onderzoek geeft informatie over de werking van de hersenen. In dit geval blijkt dat er kortsluiting in het brein is: epilepsie. De tweede strofe geeft de aanleiding voor het onderzoek. Tijdens een vakantie in de Algarve is een kind, dat in het water niet goed wordt, ternauwernood van verdrinking gered. Heel mooi gevonden is de laatste regel van de strofe. Aarden is een manier om het stroomgebruik veiliger te maken. De stroom wordt omgeleid naar de aarde, waar die niet meer gevaarlijk is. De laatste regel van het gedicht geeft aan dat het EEG een bevestiging van het vermoeden dat er sprake was van epilepsie.

Uit: ‘Tien ben je’:

Feest

Jij bent jarig vandaag.
Ik snijd taart, zet een punt bij je foto
deel wat rest met het bezoek.

Ik geef een stuk aan de dag dat we plannen bedachten
één de aan pret van morsen met bloem
één aan moeder die het zag, niets zei.

Eén punt gaat naar het zwembad in de tuin
en wij in ons blootje.

Te veel taart deel ik uit aan de glazen kamer
je te bolle lijfje, de staander
met trage druppels snoepkleur.

Opnieuw word je tien.
Ik doe alsof het went.

De eerste zin evenals de titel klinkt vrolijk: er is er een jarig. De tweede zin helpt dit gevoel onmiddellijk om zeep. De jarige ontbreekt. Een taartpunt wordt bij een foto gezet. Je begrijpt dat het tienjarige kind niet meer leeft. De onderkoelde toon versterkt het ongemak dat bij de lezer ontstaat. Taartpunten worden uitgedeeld aan bezoek, maar ook aan momenten en plaatsen met herinneringen. De verjaardag wordt voor de tweede keer gevierd. De moeder moet de afwezigheid van de jarige verwerken, maar dat kost veel moeite.

Rouw is een particuliere emotie en als je daar woorden aan probeert te geven, loop je de kans sentimenteel te worden en voor een willekeurige lezer is dat niet interessant. Alleen de groten in de poëzie weten zichzelf te overstijgen en hun emotie zo vorm te geven dat er iets universeels ontstaat, wat anderen aan het denken zet en ontroert. Een goed voorbeeld in dit genre is het gedicht ‘Jonge sla’ van Rutger Kopland. Annelies van Dyck mag zich zeker rekenen tot dit gezelschap. Al vraagt ze zich af of het helpt. Ik denk dat met ‘het’ wordt bedoeld het accepteren van een dierbaar verlies. Het zal zeker troost opleveren voor veel lezers die de problematiek herkennen. Voor alle andere lezers is het een prachtige bundel die het lezen en herlezen meer dan waard is.
____

Annelies Van Dyck (2022). We doen alsof het helpt. Uitgeverij De Zeef, €18,00, 48 blz. ISBN 9789493138926

Geplaatst in Recensies.