Zwanger: een leerzame verkenning
door Paul Roelofsen
–

–
Rodante van der Waal is zowel filosoof als verloskundige. Ze schreef Baas in eigen buik en gedichten van haar verschenen onder meer in De Gids en Tirade. Op navelhoogte de kans is haar eerste poëziebundel, waarin zij zonder omhaal schrijft over seksualiteit, zwangerschap. kraamzorg, abortus, weeën en andere pijnen die het baren begeleiden. En naast de fysieke kant hiervan komen ook de mentale problemen ruim aan bod.
De inhoud bestaat uit twee delen, ‘op navelhoogte’ en ‘de kans’ waarin zowel prozaïsch als lyrisch verslag van een en ander wordt gedaan. Als ik citeer noem ik de pagina’s waaruit ik aanhaal, omdat vele gedichten lang en complex van structuur zijn.
Pag 13 uit: ‘bewijzen’
–
12.30 beginnende persweeën
–
13.33 geboren
–
15.45 bleek, buikpijn
–
16.15 kan niet mobiliseren
–
17.10 heeft het benauwd
(…)
Pag.17 uit: ‘bewijzen’
sterven
–
niet langer wil ik het land zijn
waartegen een nieuwe kracht zich afzet
–
niet langer een open plek voor leven
niet langer de drager van de soort
niet langer de plaats die bepaald wordt
door de strijd tussen baby en baarmoedermond
–
niet langer een meningsverschil
over de geboortedatum
(…)
De ik van pagina 13 lijkt hier een vroedvrouw te zijn, maar op pagina 17 is het de barende vrouw zelf die aan het woord is. En er zijn meer invalshoeken: die van de partner van de kraamvrouw, beschouwingen over de kraamzorg en ook de politiek als o.m. de kindermoord in Gaza en de (il)legaliteit van aborteren ter sprake komen. Pag.63: ‘ nous sommes tous des enfants de Gaza’. Pag. 65: ‘een bevriende vroedvrouw uit Gaza / verloor haar twee zussen, hun drie kinderen / en een kind van haar broer (…)’.
De kloeke bundel (hardcover) is niet chronologisch samengesteld. Regelmatig wordt duidelijk dat bevruchting, zwangerschap en het baren een chaotisch geheel vormen, waarin verschillende gevoelens zich op niet voorspelbare tijden manifesteren. Uit: ‘najaar / Venetiaanse lessen / bevruchting’, pag. 161 en 162: ‘Ik was altijd per ongeluk zwanger, heb nooit bewust / bij mijn eigen eisprong gezeten terwijl er nog wat zee / over de rotsen droop en wist / dit is het, nu ben ik maakbaar / nu schep ik met de eilanden, de veerboten / nu doe ik mijn truc met de zee / mijn creatie van leven met slechts een snufje / wortelend zout // twee weken later weet ik twee dingen // één, dat een kind zich niet laat maken // twee, dat het is alsof je met alle wil van de wereld een roeping smeedt / terwijl je materie niets dan wachten is (…)’.
De pogingen van het aborteren van een zwangere vrouw is zowel intiem als schokkend. Uit ‘xtc baby’, vanaf pag. 27, 28 en 29:
als een ketter
om haar uit te drijven
–
een tactiek
zo oud als de oorlog
maar ze wist beter – buiten zou de lucht haar dood zijn
–
zo zonder
longen
–
ik hoestte
om mijn spieren te ontspannen
–
bad dat ze zou vallen
maar ze viel niet
–
die kleine tijd, die zon
die weer in me huisde
en mijn lichaam kalmeerde
die ongeboren lente
die mijn buik deed bloeien
en haar werk voortzette
–
of ik nu een meent of een monster was
of zij nu vijftig armen had of drie
–
ik wilde
haar afwachten
haar bij me houden
haar
in slaap sussen
–
(…)
–
bij iedere kus
–
vroeg ik me af
of ze nog leefde
Inhoudelijk zal deze bundel ongetwijfeld gezag worden toegekend maar ik kan me voorstellen dat de onverholen openheid die Rodante van der Waal voorstaat, ondanks een gedegen verantwoording, voor de lezer wel eens wat te veel kan zijn. Als dit zo is blader dan naar het gedicht ‘de keuze, een fabel’ waarin met het gedicht ‘A Fable’ van Louis Gluck wordt gespeeld en een diepgaande feministische herschrijving is van het verhaal van koning Salomo. Alleen daarom is het lezen van deze bundel ook een opbeurende verrijking.
Pag 103: uit ‘de keuze, een fabel’
zitten op een bankje in het park
er komt een familie
naast hen zitten
–
een dochter van een jaar of zes
zeult rond met haar broertje van anderhalf
(…)
als de vrouwen
nu zwanger waren geweest
hadden ze
geen spijt gehad
(…)
spijt is niet meer dan een poging de hand
die je naar de keel grijpt te bezweren
en om te leiden
naar de hand op je onderbuik
–
elke keer als het meisje gierend
van de lach over het grind kruipt
en de knuistjes van haar zusjes
over haar gezicht strelen
–
ademen de vrouwen tegelijk in tot ver achter hun navel
de plek waar ze hun moordende verlangen
naar meervoud bewaren
–
en worden ze zwaar
altijd de troost, altijd de troost
in de kinderkluwende schemering
____
Rodante van der Waal ( 2026 ). Op navelhoogte de kans. Nijgh & Van Ditmar, 191 blz. € 20,99. ISBN 9789038816340



