Monique Leferink op Reinink was jarenlang werkzaam als psychotherapeut, nu vooral als docent, supervisor en bestuurslid van haar beroepsvereniging. Zij volgde een cursus poëzie schrijven aan de Schrijversvakschool in Amsterdam. Gedichten van haar hand verschenen in het literair e-magazine voor poëzie Meander, in Het Gezeefde Gedicht, Elders Literair, De Schaal van Digther en in verschillende verzamelbundels. Sommige van haar gedichten werden bekroond of genomineerd; zo behaalde zij met haar gedicht Eindspel in 2023 de top 100 van de landelijke Gedichtenwedstrijd. In datzelfde jaar werd Laat Water genomineerd voor de Rob de Vos-prijs 2023, die zij in 2024 won met haar gedicht Canto.
–

schilderij Modigliani
–
I
brede hoed, scharlaken mond
een vinger onder haar kin
achter haar ogen slaapt het meer
zoals wij kijken maar niets zien
dan waarnaar wij zoeken, niet zo
zij draagt zich in zich als water
licht verft haar bedding
tot ergens een hand haar achterlaat
een kamer, de lust te verdwijnen
–
–
II
ergens breekt de dag
wenkbrauwen trekken strepen
in een hardblauwe leegte
–
I
langs de kant van de weg
slaapt een vrouw
–
haar voetafdrukken op een akker
waar vogels worden afgeschoten
–
ragfijn groen vouwt zich
als een bajonet uit zijn foedraal
–
om de mond van het licht
hangt bloedkoraal
–
–
II
nu, op dit uur
snijdt de zon een rechthoek uit de akker
–
licht tast naar wat verdween
in dodenzangen
kruipt onder haar okerrode jas
–
schaduw roept naar schaduw
in wachtkamers, op veldbedden
krimpen herinneringen
–
wie blijft, wie vertrekt
–
wij, één oog naar buiten, één oog naar binnen
wie zijn we nog voor een weten, een kennen
–
van groeiringen op langshout
verwoesting
–
een trillend lichaam
een losgeslagen vonk
een mythe
–
waarin een veldleeuwerik zingt
–
just your eyes
just your hair
just your arms
–
sporenkapsels zich nestelen
in aaibaar sterrenmos
–
een kind danst rond zonlicht in een geel plastic kopje
tekent Maria op de maan
strekt de kromming uit haar rug
slaat het rillen uit de merel
wacht tot het licht
de houten dekenkist verwarmt
–
hoe lang schuilt een wens in een lichaam?
grootmoeder boven het wasbord
raspt, rafelt, weerstaat de kale zon
terwijl het kind in de kist
–
uit goud en blauw
een zeepaardje schept


