Nina Vanhevel

Dichter Nina Vanhevel stelt eenvoudig dat ‘wat de toekomst is, is wat hierna zal komen’. Ze ziet zichzelf, moeder en kind. Een kopervink houdt zijn evenwicht, ‘een lichaam komt in korte stoten en gaat met lange halen’. Poëzie die uit een zin bestaat als ‘bloedmooi dat wel maar warrig oneindig’ en dan ‘dat ik tenminste zeker wist dat het op ons zal wachten’.

Lees verder

De favorieten van Wim Platvoet

In de serie “favorieten van Meandermedewerkers” presenteert Wim Platvoet zijn drie lievelingsgedichten. Hij koos voor werk van de dichters Wallace Stevens, Gertrude Starink en Lucebert.

Lees verder

Gwyn Bouwman

Lichtvoetig, met humor en verbeelding, een beetje absurd soms en licht chaotisch komt de poëzie van Gwyn Bouwman verrassend binnen. Interessant binnenrijm dat heel subtiel doet fronsen, huppelende fascinatie voor details die anderen gewoon ontgaan, nergens geforceerd maar vol levenslust en belofte. Wij weten wel wie hier de Casanova is.

Lees verder

Peter de Volder

Dichter Peter de Volder hoopt dat zijn gedichten iets vertellen over ‘onze tijd, de mens, de binnenkant van de mens’. Maar ‘ontregelen’ wil hij ook. Op humoristische wijze, ‘frunnikend’, ‘in flarden vaag verwijzend naar mezelf’. Ontroerend ook, dat ‘als kind geloof je alles, treinen die stilstaan, vliegende paarden, je spiegelbeeld in helder water, en het rotsvaste beeld dat alles zo blijft.’

Lees verder

Saskia van Leendert

Wat ons maakt tot wie we zijn. Zijn we niets meer dan een gelukkig toeval of worden we geboren als mogelijkheid? Zijn we in staat los te breken van de sporen die we meedragen? En kun je van dit alles gedichten maken? Saskia van Leendert doet het in haar nieuwste bundel waar wij alvast iets uit mogen delen.

Lees verder