Annemarie Estor – De oksels van de bok.

Uit veel hedendaagse poëzie zijn de mensen door de nooduitgang verdwenen. Laat staan dat in die gedichten vleselijke verstrengelingen beschreven worden. Hoe anders bij Annemarie Estor in haar nieuwe bundel De oksels van de bok.

Lees verder

Ingmar Heytze – Ademhalen onder de maan

Volgens Harry Vaandrager laat Ingmar Heytze nergens in Ademhalen onder de maan blijken dat de bundel geschreven is vanuit een zekere, of onzekere urgentie. En daarzonder wordt iedere bundel krachteloos, stelt hij.

Lees verder

jan Loogman – Een woord valt uit het nest

Een woord valt uit het nest van Jan Loogman bevat o.a. observaties over de niet altijd harmonieuze kindertijd en reflecties over volwassenheid. In de gedichten strijdt meligheid met venijn. Soms wint de een, soms de ander.

Lees verder

Menno Wigman – Mijn naam is Legioen

In Mijn naam is Legioen zoekt Menno Wigman woorden ‘voor alles waar geen woord voor is’. Hij vraagt zich wanhopig af of zijn missie als dichter zal slagen: Hoe kan mijn dichterschap in deze wereld functioneren? Wat drijft ons tot waanzin? Hoe werkt de dood op ons in? Maar vergeet ik de liefde niet? Kan ik het leven nog begrijpen in deze mediageile, hectische en vervreemdende wereld?

Lees verder