Elly de Waard – Meestal tussen bomen

In de twintigste dichtbundel van Elly de Waard, ‘Meestal tussen bomen’, vindt recensent Herbert Mouwen gedichten die traditioneel en zelfs klassiek van vorm zijn, maar weinig verrassend te noemen zijn. ‘De bundel van De Waard is zeker de moeite van het lezen waard, al zal de kritiek van lezers kunnen zijn dat de thematiek van haar gedichten niet vernieuwend is en dat deze geen aansluiting vindt bij de poëzie van deze tijd.’

Lees verder

Wendela de Vos – Niet mijn huis

Aan de bundel ‘Niet mijn huis’ van Wendela de Vos ligt een persoonlijke geschiedenis ten grondslag. Het handelt om het huis van haar moeder in Frankrijk waar zij jarenlang de zomers doorbracht. Paul Roelofsen is zelf bekend met het hebben van een huis in Frankrijk en vindt de inhoud van de bundel een feest van herkenning met poëtische hoogtepunten. Hij noemt het: ‘een ontroerende bundel’.

Lees verder

Jonas Bruyneel – Broedland

In de bundel ‘Broedland’ van Jonas Bruyneel beschrijft hij de plekken waar hij is geweest en waar hij naar terugverlangt. En hoewel de titels van de afdelingen veelbelovend zijn blijven de gedichten op afstand, volgens Wim Platvoet. ‘Hij wil mij als lezer deelgenoot maken van zijn ervaring. Bij mij komt dat helaas niet aan: ik blijf buiten de ervaring en buiten de plaats staan, ik blijf op een afstand naar de zinnen en naar de plaats kijken. Ik lees woorden en regels die vreemd voor mij blijven.’

Lees verder

Erik-Jan Hummel – Binnen Blijven

Peter Vermaat bespreekt de debuutbundel ‘Binnen blijven’ van Erik-Jan Hummel. Een consistente bundel met veel verwijzingen naar de literatuur. ‘’Zonder twijfel komt uit de gedichten een dichter naar voren die bij voorkeur ‘binnen blijft’, die niets heeft met ‘buitenspelen’ en voor wie het betreden van de achtertuin al aanvoelt als een avontuur.’’ Maar heeft de dichter zich al voldoende bij de kladden om op eigen kracht dieper af te dalen in zijn eigen donkere krochten?

Lees verder

Liesbeth Aerts – Gletsjertongen

Hettie Marzak ziet in Liesbeth Aerts een dichter met hart voor haar leerlingen en ze wenst elke leerling zo’n lerares. In de bundel ‘Gletsjertongen’ vindt Marzak een dichter die ‘geen moeite heeft zich in te leven in elk van haar leerlingen’ en die ‘een goed oog en een goed hart heeft voor haar leerlingen, zowel in groepen als individueel.’

Lees verder