’s Werelds grootste Nobelprijsverliezer

De letterenwereld kent vele vermaarde Nobelprijswinnaars, maar ook heel wat vermaarde Nobelprijsverlíezers. Tot die laatste categorie behoren onder meer Harry Mulisch en Hugo Claus. De grote Belgische schrijver kon dat blijkbaar moeilijk verkroppen, want toen dichteres Wislawa Szymborska de belangrijke literatuurprijs won, schamperde hij wat over ‘een Poolse huisvrouw’.
Zijn Mulisch en Claus wereldberoemd in eigen land, op wéreldniveau is de Argentijn Jorge Luís Borges (Buenos Aires, 1899-1986) waarschijnlijk de bekendste Nobelprijsverliezer. Hoewel het Nobelcomité nooit uitsluitsel heeft gegeven, heeft het er alle schijn van dat Borges de prijs om politieke redenen is misgelopen.
Borges, de man van de ingenieuze korte verhalen, de doorwrochte gedichten en de scherpzinnige essays, de man ook die talloze andere schrijvers en dichters diepgaand inspireerde, had geen hoge pet op van de linkse wereldverbeteraars die in de jaren zestig en zeventig in Argentinië actief waren, en al helemaal niet van de Montoneros, de radicale guerrillabeweging die in die tijd met bommen en vuurwapens de ‘reactionaire’ vijand bestreed.
Borges, van goede komaf, steunde aanvankelijk de rechtse krachten onder leiding van generaal Videla, die ‘orde op zaken’ wilden stellen. Later, toen bleek hoe vreselijk misdadig de junta te werk ging, nam hij afstand van het regime, maar zijn aanvankelijke enthousiasme voor de dictatuur zou hem tot aan zijn dood aankleven.
In wezen stond de met een ernstige visuele handicap kampende Borges bóven de dagelijkse beslommeringen in zijn vaderland. Hij verloor zich liever in bibliotheken (‘paradijzen’, volgens hem) dan zich met politiek bezig te houden. Nationalistische neigingen waren hem al even vreemd. Toen Argentinië de Falklandoorlog tegen het Verenigd Koninkrijk startte, liet Borges zich niet meeslepen door het nationalistische vuur dat overal om hem heen werd aangewakkerd, en sprak en public van ‘een gevecht van twee kale mannen om een kam’.
Borges was sowieso een man van gevatte uitspraken. Hij zei bijvoorbeeld: “De dood is een leven geleefd, het leven de dood in aantocht.” Of: “Iemand is verliefd, wanneer hij beseft dat een ander uniek is.” En: “Spreek enkel wanneer je de stilte kunt verbeteren.” Of: “Alle theorieën zijn legitiem en geen enkele is van belang. Het gaat erom wat men ermee doet.”
Borges kreeg nog wel eens het verwijt te horen dat hij te cerebraal was, te ingewikkeld zou schrijven. En inderdaad vormen zijn essays en een aantal van zijn korte verhalen geen eenvoudige kost voor de gemiddelde lezer. Eigenlijk lijkt zijn poëzie nog het meest toegankelijk voor de leek. Daarom is het verheugend nieuws dat al zijn gedichten nu voor het eerst in één bundel (De Bezige Bij) zijn verschenen.
Vertalers Barber van de Pol en Maarten Steenmeijer leverden een indrukwekkende prestatie, door de veelzijdige poëzie van Borges in vloeiend Nederlands te vangen. Meander is hen dan ook bijzonder dankbaar dat wij hier vijf gedichten mogen publiceren (de bundel is tweetalig, hier drukken wij vanwege ruimtegebrek alleen bij de drie kortere gedichten de originele Spaanse tekst af).

Jorge Luis Borges: Alle gedichten
Uitgegeven bij De Bezige Bij
Vertaling: Barber van de Pol en Maarten Steenmeijer
ISBN 9789023464617

Geplaatst in Interviews en getagd met .