Wie was Jack Kerouac?

Wie was Jack Kerouac? Het is zowaar geen makkelijk te beantwoorden vraag. Op verzoek van Meander schreef Joris Lenstra een portret vol vraagtekens over de Koning van de Beatgeneratie én hij koos een aantal representatieve gedichten van hem uit. Lenstra heeft verstand van zaken: hij bezorgde onlangs een boeiende vertaling van werk van Kerouac, onder de titel Verzen, Schetsen, Haiku’s & Blues.

Jack Kerouac is vooral bekend geworden door zijn roman On the Road (1957). De New York Times Review riep de schrijver in haar boekbespreking uit tot Koning van de Beatgeneratie, de verloren generatie die opgroeide in en vlak na de oorlog en die beschouwd wordt als de voorloper van de hippiebeweging. Kerouac werd er op slag beroemd door. Zijn boeken, waar voorheen geen uitgever naar taalde, werden plots gretig uitgegeven.

De laatste paar jaar is hij opnieuw onder de aandacht gekomen. Niet in de laatste plaats door het tumult rondom zijn nalatenschap. Zijn laatste vrouw bleek de handtekening van Keraoucs moeder vervalst te hebben onder het testament waarin zij de rechten van Kerouacs werk aan haar overdroeg. Desalniettemin beheert haar familie tegenwoordig nog steeds de nalatenschap van zijn werk. Jaren eerder had zij al een uitverkoop van Kerouacs persoonlijke spullen gehouden, waarbij Johnny Dep in ruil voor een slordige 50.000 dollar wegliep met Kerouacs  regenjas en andere snuisterijen.

In 2009 verscheen er een documentaire over Kerouacs roman Big Sur, getiteld ‘One Fast Move or I’m Gone – Kerouac’s Big Sur’.  Op dit moment is filmmaker Michael Polish bezig met een verfilming van deze roman. Dit jaar is ook de geremasterde versie van de documentaire ‘What Happened to Kerouac?’ uit 1968 op dvd uitgebracht. En de verfilming van de roman On the Road kwam dit jaar in de bioscoop onder dezelfde titel, met als uitvoerend producent en drijvende kracht Francis Ford Coppola en onder de regie van Walter Salles.

Kerouac en zijn werk staan volop in de schijnwerpers. Maar wie was toch deze man, deze schrijver die blijkbaar nog steeds weet te inspireren?

Was hij de jongen met te veel verbeeldingskracht die als vierjarige de dood van zijn negen jaar oude broer meemaakte, dat niet kon verwerken en toen besloot een oeuvre te schrijven waarin hij zijn broer weer tot leven wekt – à la Marcel Proust, maar ook met dank aan James Joyce – om ten slotte ook tijdgenoten als Neal Cassady, Allen Ginsberg, Gary Snyder en anderen vast te leggen voorbij hun dood?

Was hij de jongen die probeerde om een mythe rond zijn achternaam te maken en die tijdens zijn leven Ti Jean, Little John, Jean-Louis Lebris de Kerouac, Jean Louis Kirouac, John Kerouac en de Wizard of Ozone Park genoemd werd?

Was hij de rugbyspeler uit Lowell, Massachusetts, die een beurs won voor Columbia University, New York, daar een venijnige beenblessure opliep, Beethoven hoorde op een winteravond en toen besloot dat hij schrijver wilde worden?

Was hij de uitvinder van het woord ‘Beat’ voor ‘Beat Generatie’, die later tot koning van de Beatgeneratie werd uitgeroepen en met Allen Ginsberg en William S. Burroughs gerekend wordt tot de drie grote schrijvers van deze generatie?

Was hij de ontwortelde zwerver uit On the Road op zoek naar de kicks in het leven in het Amerika van de jaren veertig en vijftig?

Was hij de grote inspiratiebron voor The Doors, zoals hun keyboardspeler beweerde in zijn boek Light My Fire: My Life with The Doors: zonder On the road geen The Doors?

Was hij de schrijver die volgens Truman Capote niet schreef maar typte, die naar eigen zeggen alles zo spontaan mogelijk opschreef om zo dicht mogelijk op de huid van de tijd wilde zitten, maar die volgens vrienden alles herschreef en herschreef?

Was hij de verlegen jongen die een grote affiniteit voelde voor een buurtjongen die stierf tijdens de oorlog, en later dezelfde affiniteit voelde voor Neal Cassady, die ook te jong stierf?

Was hij de jongeman die een paar maal trouwde om ten slotte te eindigen met de zus van zijn allerbeste jeugdvriend, maar haar nauwelijks aanraakte?

Was hij het moederskindje dat zijn moeder aanbad, telkens naar haar terugkeerde, ook in zijn volwassen jaren, en dat zijn vader op diens sterfbed beloofde om voor zijn moeder te zorgen en dat ook deed, haar meenam naar het huis in de suburbs dat hij gekocht had van de opbrengst van zijn boeken en ten slotte een vrouw trouwde die voor zijn moeder zou zorgen na haar beroerte?

Was hij de Frans-Canadese katholiek die een katholieke boeddhist zou worden om uiteindelijk te sterven met een nihilistische ondertoon?

Was hij de eerste en enige held uit Lowell, Massachusetts?

Wie hij ook was, hij schreef niet alleen romans maar ook gedichten, haiku’s, blues en ander werk.

Dit werk werd dit jaar uitgegeven bij de klassieke uitgeverij The Library of America onder de titel Collected Poems van Jack Kerouac. De samenstelster van die editie schreef over zijn poëzie:

Kerouac’s poems still speak to us because he did undress for us, in order to reach this element of Soul that we all share, this universal experience of being alive, the human abandonment—the rage, the fear, the pain; the desire to partake of more of the goodness we encounter all too rarely, and which we could distribute much more selflessly, if it weren’t for the rage, the fear, the pain . . . we recognize it all in Kerouac’s poems, we empathize with him while being moved.

De gedichten van Kerouac spreken ons aan omdat hij zich daarin voor ons van zijn kleren ontdeed om bij de Ziel te komen, dat deel dat we allemaal delen, bij de universele ervaring van het in leven zijn, van de menselijke eenzaamheid—de woede, de angst, de pijn; het verlangen om vaker deel te nemen aan al het goede in het leven dat we maar al te zelden tegenkomen en dat we meer onbaatzuchtig zouden kunnen verdelen als we niet gekweld werden door de woede, de angst, de pijn. . . we zien het allemaal terug in zijn gedichten, we voelen empathie met hem terwijl we erdoor geroerd worden.

Bij Uitgeverij Nadorst is, in een vertaling van Joris Lenstra, een representatieve dwarsdoorsnede van het literaire oeuvre van Jack Kerouac verschenen, onder de titel: Verzen, Schetsen, Haiku’s & Blues. Vanwege copyright was het alleen mogelijk om het werk in het Nederlands uit te geven. Het Amerikaans werk is echter nog goed verkrijgbaar.  De bundel van uitgeverij Nadorst bevat eveneens een uitgebreide inleiding over de mens en schrijver Jack Kerouac.

Poëziekrant schreef over deze bundel: ´Hij schrijft zoals een interessante kluizenaar tegen je praat, nadat hij drie vierden van de fles op heeft die je voor hem hebt meegebracht.  (…)  Daarnaast heeft dit werk, meer nog dan een literaire, een filosofische betekenis. Er zit systeem in het gezwatel van de altijd halfdronken man.´ (Jan Posman, Poëziekrant, okt/nov 2011)

De Volkskrant noemde deze bundel: ‘de ideale kennismaking met het werk van Jack Kerouac’ (John Schoorl, de Volkskrant, 20 oktober 2012)

Hier voor Meander een zestal gedichten, in het Nederlands én het Amerikaans.

Geplaatst in Interviews en getagd met .