Jean-Pierre Siméon – Brief aan de geliefde omtrent de dood. Lettre à la femme aimée au sujet de la mort

Woorden die kauwen op de leegte

door Paul Roelofsen

Vijfentwintig genummerde woord- en beeldoverstelpende gedichten in de vorm van een brief aan de geliefde met een net zo afgekloven als steeds weer inspirerend thema: de dood. Brief aan de geliefde omtrent de dood, is derhalve een titel die velen zal aanspreken.
De dichter en dramaturg Jean-Pierre Siméon, Parijs 1950, schrok er niet voor terug en won naast vele andere literaire prijzen in 2006 met deze bundel de Prix Max Jacob.
Wat direct opvalt is de niet aflatende beeldspraak in de gedichten, dikwijls treffend, vaak raadselachtig en niet zelden onbegrijpelijk.
De eerste van de zeven strofen in het eerste gedicht:

Laten we ons verwijderen mijn liefste
van het slib dat de voeten vastdrukt
niet om een elders te beleven
van purper en goud
maar om met fijn gehoor te peilen
waar de stap juist klinkt
als hij op de nachtelijke plaveien loopt
van onze levens

Een gedicht mag best gecompliceerd als het leven zelf zijn, maar de consumptie ervan vergt wel veel concentratie, zeker als men er meerdere van achter elkaar wil lezen. Ik heb me beperkt tot twee gedichten per dag en slaakte daarna nog een zucht van verlichting.
Siméon heeft zich altijd fel gekeerd tegen de Franse stromingen in de poëzie die haar de emotie ontzeggen en is wars van het puur esthetische taalspel, dat deze stromingen voorstaan.
Ik hoopte daarom met deze bundel, gevoed door ‘woede en melancholie’ zoals de dichter zelf zegt, in een kolkende gemoedstoestand te geraken, maar helaas Siméon blijkt geen Dylan Thomas, hij is eerder een denker dan een hartstochtelijk romanticus. En een estheticus! Hij kent de woorden met een hoog soortelijk gewicht aan emotie wel degelijk maar verstopt ze dusdanig in metaforen en mooischrijverij dat ze hun effect voor een deel verliezen.

De vijfde strofe van het derde gedicht:

liefde van lange duur die loskomt van de huid
als zand bij de terugkeer van het strand
ook vallen
het geluid en de geur van gebaren weg
die nu eens jouw plundering waren
en nu eens jouw schoonheid

De eerste gedichten gaan over de liefde en de sterfelijkheid in het algemeen maar naarmate men verder leest, worden ze persoonlijker, richten zij zich meer op de geliefde, over hun kortstondige aardse relatie en tenslotte over de dood van beiden. Die opbouw geeft de bundel de spanning die hij nodig heeft; ondanks de moeite die het lezen van deze poëzie vergt, wordt men toch voortgezogen naar de ‘climax’. Deze is niet schokkend of lamentabel, eerder troostrijk en aanvaardend. ( In voorgaande brieven wordt de dood zelfs, zij het tussen de regels door, verheerlijkt).

Delen van de voorlaatste strofe van het slotgedicht:

er is geen reden
om zich de vormen van de afwezigheid in te beelden
of dat jouw borst huivert onder mijn handen
(…)
mijn liefste het gevaar houdt geen donkerte in
en jouw liefde is geen versleten aarde
noch je gedachte een water dat de zee ontvlucht
en vanaf de eerste dag in het centrum van ons mirakel
hebben onze vingers de diepe kwetsuur geraakt

In de brief zijn zowel de originele gedichten in het Frans als de Nederlandse vertaling afgedrukt.
De laatste komt ook zonder de Franse versie ernaast nogal houterig over, maar nu deze is te controleren ben ik er echt van geschrokken. Lucienne Stassaert – beeldend kunstenares en schrijfster – vertaalt grotendeels letterlijk en waarschijnlijk daardoor is het haar niet gelukt de muzikaliteit en souplesse van het origineel over te brengen. Je ziet direct dat het een vertaling is en dat voelt als een belediging voor de poëzie in de oorspronkelijke taal.
Maar daar houdt het niet bij op; het Nederlands is dikwijls ongelukkig: ‘Tegenover jou jij die stilzwijgend bij het raam huilde’ (blz. 50), ‘
‘in de optooiing van de tuin’ (blz.12), ‘en dat de enige ritus die van het kind weze’ (blz.48). Ook stuit men op aperte fouten. Deze is wel erg opvallend: ‘elle te prend dans ses bras / et c’est elle désormais / qui te redit les songe’ wordt: ‘daar neemt hij je in zijn armen / voortaan is hij het / die je de droom navertelt’ (bladzijde 28/29).
Ik zal geen opsomming geven van dit soort smetten, me realiserend dat het vertalen van poëzie sowieso al een bijna onmogelijke opgave is, laat staan deze exuberante van Siméon.
Wel vind ik het onbegrijpelijk en jammer dat de uitgever van deze brief geen redacteur op de vertaling heeft gezet; dat had aanzienlijk kunnen schelen.
­­­____

Jean-Pierre Siméon (2018). Brief aan de geliefde omtrent de dood – Lettre à la femme aimée au sujet de la mort. Vertaling en nawoord: Lucienne Stassaert. Uitgeverij P, 64 blz. € 20,00. ISBN 9789492339553

Geplaatst in Recensies.