Astrid Arns

Astrid Arns (1960) publiceerde in Het Liegend Konijn, De Poëziekrant, Meander, De schaal van digther en De vallei en werd o.a. genomineerd voor de Meanderwedstrijd 2017 en de Rob de Vos-prijs 2019. Astrid was laureaat van de Melopeeprijs 2016, won de derde prijs Poëziewedstrijd Oostende 2018 en de eerste prijs Sint-Niklaas 2018. Ze debuteerde in het najaar 2018 bij uitgeverij P. met de bundel Mijn naam op de deur.

 

foto Bart Ryckewaert

 

Korst

Op de begrafenis ken ik alleen de dode
Ik kijk alsof ik een oude vriend tegenkom,

spreek hem aan met honderd monden.
Taal is het speelgoed dat we kennen,
maar hij zwijgt.

Langs het hek van het kerkhof verheffen zich bomen,
staande bliksemschichten.

Verder wijst de kerktoren met
een genadeloze vinger naar de hemel,
staren huizen stom uit hun ramen.

Maar hier legt weemoed een korst om me heen,
belemmert elke beweging.
Storm

Ik wacht op wat de middag brengt.
In huis glijdt het licht langs de muur naar beneden.

Taal is geen kleefkruid maar verbroken verbinding,
jij raakt me niet aan met je stem.

We drinken wijn. Scheppen zout op vlekken die nooit meer verdwijnen.
De wind fluit in de roosters, buiten liggen takken dikker dan een mannenarm.

Aarzelend lopen we de tuin in
als dieren die uit hun hol worden gelokt.

Jij gooit een steen in de vijver. We voelen de rimpeling.
Date

Ik lig naakt in een bed, mijn hoofd weerbarstig.
In het halfduister deinen muren heen en weer,
op mijn maag ligt een steen.

Jouw blauw ondergoed rijmt met het dekbedovertrek
maar kleuren kunnen zich vergissen.
Tussen de lakens hap jij naar mijn navel

en ik weet dat alles goed is zolang ik mijn ogen sluit.
Wanneer jij zwijgt herinner ik me gisteren.

Ik kan niet opstaan, het bed trekt mij omlaag,
de dag is overrijp, ik wil hem niet meer plukken.

In deze krappe kamer raak ik niet uitgepraat
over jou in mijn slaap.
Geplaatst in Gedichten.