Hans Franse

Hans Franse, in lockdown op een Italiaanse berg waar hij geïnspireerd werd door de herfst om hen heen: de schoonheid van het verval. Al wandelend en genietend van de kleurenpracht en de zonsondergang in de volmaakte stilte van Umbrië, kwamen er regels over de schoonheid, de kracht van het leven in relatie tot het verval en het einde van de tijd. Een van de gedichten, Chrysanten, komt uit een eerdere bundel (De wereldreis van lijn 11).
Hans Franse is recensent en columnist bij Meander, net aan het bijkomen van de publicatie van zijn 7e boek, De rots (Boekvink), leest hij veel, fotografeert, beluistert veel muziek en speelt zelf meer dan vroeger. Hij is erg teruggeworpen op zichzelf en leeft op de vierkante millimeter van  zijn huis in zijn bos.

 

foto Ewout Franse

 

 

 

1 november Hoogfeest van Allerheiligen

Een grauwe beulsknecht belaagt de laatste roos
hij overweldigt haar met kille ochtendmist
en wil haar dood na een lang kuis kloosterleven
in wonderschone zuiverheid; een dood in schoonheid
maakt een martelares van deze zomerbloem.
Hij knevelt haar in spinrag, stelt haar
in verzekerde bewaring voor een lange straf:
de winterstalling wordt hermetisch afgesloten.

De laatste roos voegt zich bij alle heiligen
met doornenkroon en druppels bloed,
een misbruikte bloem, niet meer bruikbaar
als wij met chrysanten alle zielen gedenken.
Chrysanten

.                                            Kerkhof Via Flaminia: Crisantemi, Giacomo Puccini

Wij lunchen vandaag bij de graven van de doden,
maken picknicktafels van verweerde zerken,
schuilen onder de armoedemuur
of bij de opgebaarde beelden van de rijken
in de schaars verlichte dodenstad, waar
het menselijk bestaan in stilte verstomt.

Een oude dame in versleten zwart ordent
chrysanten in een vaas,
een verdwaalde dichter leest
onbeluisterd serene teksten voor,
zestien kleumende muzikanten in nobel zwart
en smetteloos wit als de chrysanten zelf
-als Vlaamse gaaien bij een herfstboom
waarvan de vruchten net zijn afgevallen
samen met het eerste vergeelde blad-
spelen gezeten op grafstenen : een kouwelijk orkest
dat de dood probeert te verwarmen.

Klinken de witte bloemen
in de novemberkou wat benepen,
de oude dame neuriet mee
een beetje vals,
maar de chrysanten in haar hand
maken haar zang onbevlekt:
de gevallen herfstbladeren
worden langzaam weggeblazen.
Bij twee gestorven rozen voor mijn huis

De larmoyante dichter Willem Kloos
gunde bloemen geen volledig bloeiend leven:
ze moesten breken in de knop, hun bloei opgeven,
vervolgens literair verdriet over een jong bevroren roos.

Nu de herfst voor deze rozen is gekomen,
te spaarzaam door een bleke zon beschenen
is hun blad verdroogd, hun bloei verdwenen:
zij zullen niet van deze dichter dromen.

De man die God was in gedachten
zo diep, verzonken in zijn eigen waan,
heeft nooit van echte bloei gehouden.

Ik knip de bloemen af, weet dat na de koude
winter ik nieuwe rozen kan verwachten:
er komt altijd een nieuwe bloeitijd aan.
Geplaatst in Gedichten.