Paul Demets – Het web van omtrek

Over waarneming, ruimte en leegte

door Herbert Mouwen




De Oost-Vlaamse dichter Paul Demets, die op dit moment met De hazenklager genomineerd is voor de Grote Poëzieprijs 2021, heeft een bijzondere dichtbundel uitgebracht. Het web van omtrek is in feite zijn debuutbundel, die nu achtentwintig jaar later alsnog wordt uitgebracht. De reden van deze uitgave is het feit dat Roger Raveel, beeldend kunstenaar, dit jaar honderd jaar geworden zou zijn. De bundel is meer dan een ode aan deze kunstenaar. Paul Demets en Roger Raveel hebben beiden een grote belangstelling voor hoe het waarnemen van de werkelijkheid werkt. Daarbij daagt het werk van Raveel de dichter uit tot het schrijven van gedichten. Onderaan de bladzijden van de bundel kan de lezer terugvinden welk beeld van Raveel de dichter geïnspireerd heeft tot het schrijven van een gedicht. De gedichten zijn overigens goed autonoom te lezen, in veel gevallen zelfs los van de reeks waarvan ze deel uitmaken. Het web van omtrek is met name wat de grafische vormgeving betreft bijzonder fraai en aantrekkelijk uitgegeven.

De bundel eindigt met twee teksten, namelijk ‘Zoeken naar mezelf in het werk van Raveel’ en het juryrapport van de Prijs voor Letterkunde van de Provincie Oost-Vlaanderen. Daarin valt te lezen dat de prijs niet werd toegekend, maar dat Het web van omtrek wel een eervolle vermelding kreeg. In de eerstgenoemde tekst beschrijft Paul Demets dat Raveel en hij in dezelfde plaats woonden en hoe hij het werk van hem leerde kennen en zich in de universiteitsbibliotheek verdiepte in zijn beeldende oeuvre. Ook kwam hij in aanraking met de studies van de filosoof Maurice Merleau-Ponty. Deze stelt in zijn Fenomenologie van de waarneming (1945) de vraag wat waarneming precies is. Hij bekritiseert theorieën van waarneming die een scheiding maken tussen subject en object en tussen de mens die waarneemt en de werkelijkheid die hij waarneemt. Zijn principes van de ‘belichaamde waarneming’, waarin ‘de relaties tussen elementen in de ruimte centraal’ opgenomen zijn, zag hij terug in het werk van Roger Raveel. Van de zeven afdelingen in de bundel beginnen de laatste zes met een citaat uit het werk van Merleau-Ponty.

Het web van omtrek verstrekt de lezer alle informatie die nodig is om deze bundel te begrijpen en om van deze bundel te kunnen genieten. De zeven afdelingen van elk zeven gedichten hebben een eigen titel, die voorzien is van een citaat. Onder de hoofdtitel van de bundel, ‘Het web van omtrek’, wordt een uitspraak van beeldend kunstenaar Roger Raveel geciteerd: “Ik had al vlug gemerkt dat zowel in de tekeningen als in de schilderijen leegtes ontstonden, leegtes als gevolg van de vaststelling dat een ding – door te weinig of te veel licht bijvoorbeeld – zijn identiteit kan verliezen.” De centrale vragen van Paul Demets over waarneming zijn: hoe nemen we de werkelijkheid waar? Kijken we alleen met onze ogen en laten we de beelden zuiver op ons netvlies geprojecteerd binnenkomen of spelen meer zaken een rol, zoals de context van een beeld en de relatie tussen de onderlinge voorwerpen die deel uitmaken van het beeld? Kunnen we zuiver waarnemen wat we zien of speelt onze ervaring een rol en zien we wat we denken te zien? Wat we niet waarnemen is dat echt aanwezig? En dan is er nog de tegenvraag: wat is leegte precies?

Roger Raveel is een post-expressionistische schilder, die ook als voorloper van de popart wordt gezien. Niet alleen het Roger Raveel Museum in Machelen-aan-de-Leie bevat een grote collectie van Raveels werk, maar ook het Rijksmuseum, het Stedelijk Museum, het Van Abbemuseum, het Gemeentemuseum Helmond en het Stedelijk Museum voor Actuele Kunst in Gent hebben werken van Raveel in hun bezit. Het is interessant het schilderij: ‘Tafeltje met rode vlek’, dat onder het gedicht vermeld staat op te zoeken en het beeld naast de tekst van het gedicht te zetten en beide met elkaar te vergelijken. Het vijfde gedicht uit de tweede afdeling ‘Ogenpaar’:

Er zit een grote rode vlek op de tafel
die vol ligt met afwezigheid.

De kan houdt haar arm in haar zij.
De schaar ligt voor het grijpen

om een gat te knippen in de werkelijkheid.
Geen tijd om te eten, omdat de tijd

zich niet eten laat. De appels van de oogst
zijn vergeten en de melk is over de kom

heen gemorst. Komt de dag dat het melkwit
de kamer zal overnemen. Als iemand

binnenkomt in dit grijs happen de dingen
en wij naar adem. Alles stolt.

De dichter neemt in bovenstaand gedicht niet alleen waar welke ‘voorwerpen’ op tafel liggen, maar ook dat diezelfde ‘tafel / vol ligt met afwezigheid’. De aanwezige voorwerpen op de tafel, zoals ‘een grote rode vlek’ (?), de ‘kan’, de ‘kom’ en de ‘schaar’ worden grotesk uitgewerkt wat hun functionele mogelijkheden betreft en ook wat er in de ruimte zelf kan gebeuren. De werkelijkheidsbeleving, het besef van tijd en de onzekere toekomstmogelijkheden geven een verdere invulling aan deze tafel die ‘vol ligt met afwezigheid’. De context van de werkelijkheid is veel groter dan wat onze ogen kunnen zien en toch zien we of ervaren we die context. Ook met de ‘kamer’ zelf, de ruimte waarin de tafel staat, kan van alles plaatsvinden. Niets is wat het lijkt, ‘Alles stolt’ uiteindelijk. Het citaat van Merleau-Ponty bij deze afdeling luidt: “Dat de achtergrond onder de figuur doorloopt en dat hij, toch onder de figuur gezien wordt, behoort tot die fenomenen waarin het gehele probleem van de tegenwoordigheid van het object besloten ligt.”

Paul Demets zegt zelf in ‘Zoeken naar mezelf’ dat er in de bundel ‘geen descriptieve, picturale gedichten’ staan. Hij wil het beeldende werk van Raveel niet verklaren. Hij verwoordt in veel gevallen meer en ook andere dingen die op de schilderijen, de tekeningen en het grafisch werk waar te nemen zijn. Hij zegt dat hij om die reden geen reproducties van de schilder heeft opgenomen. Wel raadt hij de lezer aan om ze op te zoeken en bij de gedichten te betrekken. Met deze stellingname is de bundel vooral een onderzoek geworden naar de aspecten van het waarnemen. Het is niet altijd gemakkelijke, maar wel boeiende poëzie. Het is eigenlijk niet te bevatten dat deze bundel met 49 titelloze gedichten zolang onbereikbaar is geweest voor een groot lezerspubliek. Het web van omtrek is een belangrijke dichtbundel in het oeuvre van Paul Demets en heeft alles in zich om een klassieke bundel te worden. De dichter schrijft: ‘Soms duurt het leven wel een dag.’ Bij het lezen van deze bundel – die ik overigens op één dag in één ruk uitlas – denk ik: ‘Soms duurt een dag een heel leven.’ Het is een prima initiatief dat Het web van omtrek alsnog is uitgegeven. Iedereen kan er nu van genieten.
____

Paul Demets (2021). Het web van omtrek. PoëzieCentrum, 72 blz. € 20,-. ISBN 9789056551995

Geplaatst in Recensies.