Kinderen zijn hinderen

door Hans Puper

Robert bladerde mistroostig door de stapel opstellen op zijn bureau. Opnieuw bleek dat sinds de benoeming van de nieuwe rector de schrijfvaardigheid van leerlingen dramatisch was verslechterd. Maar hij gaf niet op. Dit keer had hij vwo 4 een betoog laten schrijven, met de verplichte titel ‘Kinderen zijn hinderen’. Hij wilde de wind eens uit een andere hoek laten waaien, dat was goed voor hun zelfreflectie. Hij nam het eerste opstel van de stapel.

Kinderen zijn geen hinderen. Waarom zouden de ouders er dan al die moeite voor nemen? En als het kind er dan is dan wordt er feest gevierd en is iedereen dolblij met het kind. In Schotland was er zelfs een stel die het hele dorp had uitgenodigd voor een straatfeest. Er kwamen maar liefst 15.000 mensen bij elkaar om het feest te vieren.
Om zelf een kind op te voeden en het zien opgroeien heeft meestal meer mooie momenten als onplezierige momenten. Het plezier en de trots om je kind zelf met je eigen handen op te voeden is zo groot dat een beetje stress welkom is. Twee jaar geleden heeft een moeder haar dochtertje uit de Seine gered.

‘Dat heb je goed onthouden, Floris. Gebruik sprekende voorbeelden.’ Hij schudde zijn hoofd, schoof de stapel van zich af, liep naar de keuken en dronk een glas water. Hij keek de tuin in en zuchtte. Een psychotherapeut als rector, kon het gekker? De tijd van de managers met hun opbrengstgerichte leerprocessen was voorbij. Dat was funest geweest voor het literatuuronderwijs, maar dit was nog veel erger. En dat er ooit schoolleiders waren geweest die hun sporen hadden verdiend in het onderwijs wist niemand meer, op een enkele nostalgische zestigplusser na. In deze tijd van snelle veranderingen hadden docenten deskundige begeleiding nodig om het onderwijs in goede banen te leiden, vond het schoolbestuur. En wie kan dat beter dan een transformationeel-educatief psychotherapeut? Dr. Hutjes kreeg de baan.

De rector had zijn docenten op het hart gedrukt leerlingen voortaan partners te noemen en zichzelf facilitator. Hij hield hun voor dat partners te allen tijde de regie hadden over hun ontwikkeling en daarin speelde hun leefwereld een cruciale rol. Het gebruik van smartphones tijdens de les – tijdens de ontmoeting, zei hij – kon je daarom niet verbieden. En, zo had hij op een vraag van Robert geantwoord, ongevraagde adviezen over een effectieve werkhouding waren beslist onwenselijk.
Rector Hutjes had de wind in de rug. Ouders hadden als leveranciers van leerlingen een belangrijke stem in het personeelsbeleid en zij droegen hem op handen; hun zelfrespect was gegroeid nu een gepromoveerd psychotherapeut had verklaard dat zij in opvoedkundig opzicht niet in gebreke bleven door hun kinderen geen enkele beperking op te leggen. Integendeel: niet handelen was soms het juiste handelen en daarvoor was pedagogisch inzicht nodig.
Docenten als Robert voerden een achterhoedegevecht. Nadat leerlingen bij Hutjes hadden geklaagd dat zij hun mobieltjes aan het begin van de les op zijn bureau moesten leggen, nodigde hij hem uit voor een goed gesprek. Hutjes maakte zich bezorgd om zijn welzijn, had hij gezegd. Waarschijnlijk zat zijn identiteit hem in de weg, hij beschouwde zich nog steeds als docent. Dat was contraproductief, maar daar was wat aan te doen. Identiteit was fluïde en hij kon Robert helpen samen met hem een nieuwe te scheppen, waardoor hij zonder merkbare moeite in zijn rol van facilitator kon groeien. Hij zou in zijn kracht komen te staan en zich gelukkig voelen. Hij was aan die hulp nog niet toe, had Robert geantwoord. Dat werd geaccepteerd en met een beetje mazzel kon hij die mentale onrijpheid volhouden tot zijn pensioen. Twee jaar nog.

Hij liep terug naar zijn bureau. Er was een opstel op de grond gevallen. Hij pakte het op.

Niet alleen jongere vrouwen ondervinden hinder van hun kinderen. Want gedurende de puberteit van het kind maakt het kind het leven van alle ouders zuur op bepaalde momenten. Maar bijna iedereen weet waaraan hij of zij begint en er zijn altijd andere opties zoals abortie of ter adoptie stellen.

Zo is het maar net, dacht Robert. Je moet de realiteit onder ogen durven zien, alleen dan kun je de juiste beslissingen nemen.
Maar goed. Verhalen waren nog erger. Hoe vaak was een opstel niet begonnen met Pinggg, mijn I-phone ging, ik had nog helemaal geen zin om op te staan? Of geëindigd met: Gelukkig was het allemaal maar een game? Vroeger ging het om wekkers en dromen, maar toen kon je daar nog een klassengesprek over houden en dat leidde soms tot opmerkelijke verbeteringen.
Met poëzie kwam je ook niet ver meer. Een mening is een mening, een gevoel een gevoel, een gedicht cool of niet cool. Klaar. Hij dacht weemoedig terug aan de leerlingen uit een mentorklas die gedichten voor zijn verjaardag hadden geschreven, jaren geleden alweer. Sonnetten, vrije verzen, een rondeel zelfs, ready-mades. Ontroerend was dat.
Robert veerde op.  Ready-mades! Van die fragmenten kon je ready-mades maken! Hij schoof de stapel opnieuw opzij en opende zijn laptop.

KINDEREN ZIJN HINDEREN

Niet alleen jongere vrouwen
ondervinden hinder
van hun kinderen
want gedurende de puberteit
van het kind
maakt het kind
het leven van alle ouders zuur
op bepaalde momenten

maar bijna iedereen weet
waaraan hij of zij begint
en er zijn altijd andere opties
zoals abortie
of ter adoptie stellen

Hij droomde weg. Na zijn pensioen kon hij met zulke gedichten zo het podium op. Als grappige opa. Hij wreef in zijn handen. De leerlingen hadden nog veel meer oefening nodig en die zouden ze krijgen ook!

Collega’s merkten op dat Robert aanmerkelijk vrolijker was geworden. Hij had zijn baard laten staan, maakte grappen tijdens pauzes, vertelde anekdotes en regelmatig vroeg hij aandacht voor de declamatie van eigenaardige gedichten, waarbij hij ging staan en wild met zijn armen zwaaide. Ze namen daar geen aanstoot aan. Je persoonlijke ontwikkeling eindigt nooit, had dr. Hutjes hun verteld. En hij kon het weten.

Geplaatst in Column.