Marc Bruynseraede

Marc Bruynseraede (Elsene, 1943). Was werkzaam als journalist-redacteur-uitgever in de vakpers vanaf 1978 tot en met 2010. Publicaties van poëzie en proza in diverse literaire tijdschriften sinds de jaren ’70 van vorige eeuw. Dichtbundels De Profundis (1973), Made in Peenemünde (1974), Voces Intimae : 10 teksten bij 10 litho’s van J.M. Legrand, dichtbundel Vraag waarom wij vleugels dragen (1977).
Medestichter van het nog steeds bestaande literair-artistieke tijdschrift Deus ex Machina en redactiesecretaris van het blad, van 1977 tot 1984.
Werkt sinds enkele jaren aan een biografische schets van de Nederlandse dichter- postvijftiger en groot muziekkenner, met Vlaamse voorouders, Jozef Eijckmans (1907-1996). Recenseert sinds de laatste jaren in diverse literaire bladen en websites en sinds 2019  voor Meander. Medewerker sinds 2020 aan het VAT (Vrijzinnig Antwerps Tijdschrift).

foto (c) Josée Heylen

 

 

Heiloose Kariatiden


Met Gieke op de Praatbank

Schelpen scharrelen doelloos
in het mulle zand
op het waterstand-strand

Jeetje, wat hebben we ons toch weer
een mooi stel mouwen aangepast.

Vogels, katten, kauwen
en Habsburgers: gestreepte en gespikkelde
nazaten van Keizer Franz-Jozef

Voor wie toch weer in keldergaten
en pastagerechten wil duiken:
er bestaan daar zuurstofmaskers
en borrelnootjes voor



Alwaar de witte kerk…

…vriendelijk lacht tegen het
gemeentehuis van de roterende rotonde,
omgeven door alomtegenwoordige grafzerken
en piramides van vanille-met-bosbessenijs.
Het ware te verkiezen dat
zwaarlijvige pioentulpen
zich de moeite van het verdriet getroostten

en Eerste Hulp aan Mindervalide Marokkanen
in de Herfsttij der Middeleeuwen zouden bieden,
de Maltese Ridders achterna
of voorop.



Reinout de Leeuw

Met de Vrienden van Coca Cola
gaat het goed, maar ook
met die van bier, jenever
en sigaar-met-Vlaamse-friet

op een waggelende waag-
halsoverkop in de antiquiteiten
van biermusea en andere calamiteiten:
bijvoorbeeld het belendende, belerende
en kalmerende groen van rondwarende, meewarige
toeristen in het fietsend universum
van hemeltergende tweewielers
paden en overstekende padden

Jonge, jonge, een mens wil
ook eens wat.
Scarlatti, bijvoorbeeld



Prinses Ann

van heel verre, eindeloze landen
komen de bloeiende bloesems
hindernissen en gelijkenissen
als brillenglazen van heldere hemels en glorende
oogopslagen.

Opklaringen zijn ophelderingen
herinneringen aan een vrolijke kindsheid
in de ruïnes van het heden
en het spookhuis van bespiegelingen

Heimwee, heimwee
O wee, s’il vous plee



Tenware het strottenhoofd

zich te pletter lachen
en/of verslikken zou in overdrachtelijke
en onregelmatige werkwoorden,
verbuigingen en acclamaties …

Ach, de tulpenvelden liggen daar
niet wakker van. Zij plaatsen hun walsen
tegen de gevels en roepen aalmoezen
van kleuren op, zich te verenigen
tegen het eengemaakte, unilaterale
Europa der grote mogelijkheden.

Ik denk dat zij een buikloopje
met de werkelijkheid nemen.
Het weze : The Last Post
ad hominem.
Geplaatst in Gedichten.