Wim Vandeleene (Kortrijk °72) woont in Deinze en werkt in Gent als bemiddelaar voor VDAB. Bij uitgeverij De Zeef verschenen Duikvlucht (2020) en Onbereikbaar voor commentaar (2024). Hij maakt deel uit van het collectief Obsidiaan, het collectief Donsai en is redacteur van Roer.
Credo: schrijven = een gesprek voeren met de onbekende lezer.
herbronnen
–
na een dompelbad duik je weer op
jaren jonger, de lucht ruikt naar een herkansing
–
een wereld rolt vers uit de verpakking
een merel test zijn eerste noot op een broze tak
–
je went snel aan wat ontkiemt
onkruid herovert de perken
–
sprieten wurmen zich door de voegen van stoeptegels
in een broeinest van gedachten broed je op een fris inzicht
–
de oude gitaar moet gestemd voor een nieuwe hit
snaren die zwegen, zingen bij een rein akkoord
–
na een dompelbad, vind je het wiel opnieuw uit
waarmee je fluitend door dezelfde plassen rijdt
–
als de avond vermoeid in het gras zakt
bleekt de maan haar cirkel met geleend licht
–
na een dompelbad duik je weer op
jaren jonger, de lucht ruikt naar een herkansing
–
een wereld rolt vers uit de verpakking
een merel test zijn eerste noot op een broze tak
–
je went snel aan wat ontkiemt
onkruid herovert de perken
–
sprieten wurmen zich door de voegen van stoeptegels
in een broeinest van gedachten broed je op een fris inzicht
–
de oude gitaar moet gestemd voor een nieuwe hit
snaren die zwegen, zingen bij een rein akkoord
–
na een dompelbad, vind je het wiel opnieuw uit
waarmee je fluitend door dezelfde plassen rijdt
–
als de avond vermoeid in het gras zakt
bleekt de maan haar cirkel met geleend licht
snorkelen in huis
–
als het huis vol water loopt, spartelen we niet tegen
onze zorgen stijgen als luchtbellen in een aquarium
–
een school zebravissen trekt voorbij
we proeven het zachte licht dat door gordijnen sijpelt
–
kranswier en fonteinkruid groeien langs de plinten
het woord blub zweeft rond in de vorm van een kwal
–
de onderstroom steelt de afstandsbediening
de televisie sist en flitst, eer hij de geest geeft
–
we snorkelen door gangen en kamers
een voorbijganger kijkt door het raam
–
of wij misschien een lek hebben, vraagt hij
alsof hij door een spons praat
–
wij wuiven de toeschouwer weg met een golvend gebaar
het geluk drijft boven, tot het huis leegloopt door de afvoerput
–
als het huis vol water loopt, spartelen we niet tegen
onze zorgen stijgen als luchtbellen in een aquarium
–
een school zebravissen trekt voorbij
we proeven het zachte licht dat door gordijnen sijpelt
–
kranswier en fonteinkruid groeien langs de plinten
het woord blub zweeft rond in de vorm van een kwal
–
de onderstroom steelt de afstandsbediening
de televisie sist en flitst, eer hij de geest geeft
–
we snorkelen door gangen en kamers
een voorbijganger kijkt door het raam
–
of wij misschien een lek hebben, vraagt hij
alsof hij door een spons praat
–
wij wuiven de toeschouwer weg met een golvend gebaar
het geluk drijft boven, tot het huis leegloopt door de afvoerput
gedaanteverwisseling
–
de wedergeboorte begint stil als een knop
het oude vel kreukt, schuurt en jeukt
langzaam laat je schilfers los, dode sneeuw
je ontdekt een vreemde vlek in je gezicht
een onbekende trek om de mond
–
hoe je tred verandert onder het gewicht van je gemoed
je knielt als een pelgrim en kruipt door een wormgat
bevangen door tunnelzicht bereik je een parallelle wereld
waar je de rug recht, herboren, rijp voor een nieuwe rol
in de langdradige film die de reis samenvat
nooit verschijnt de opname op het scherm
–
de wedergeboorte begint stil als een knop
het oude vel kreukt, schuurt en jeukt
langzaam laat je schilfers los, dode sneeuw
je ontdekt een vreemde vlek in je gezicht
een onbekende trek om de mond
–
hoe je tred verandert onder het gewicht van je gemoed
je knielt als een pelgrim en kruipt door een wormgat
bevangen door tunnelzicht bereik je een parallelle wereld
waar je de rug recht, herboren, rijp voor een nieuwe rol
in de langdradige film die de reis samenvat
nooit verschijnt de opname op het scherm

