LITERAIR E-MAGAZINE VOOR NEDERLANDSTALIGE POËZIE

Ivar van der Walle – Aluminiumfolie

6 nov 2026

Tederheid als killstreak

door Sander Ausums

–

–
Ivar van der Walle (1998) werd in 2024 tweede op het NK poetry slam en in 2025 schopte hij het tot de finale van het Amsterdams Kleinkunst Festival (AFK). Hier won hij de publieksprijs en de Ramses Shaffy-cheque. Van der Walle had trouwens naar mijn mening en die van vele anderen het NK moeten winnen, maar hij is er niet slecht vanaf gekomen.

In zijn debuutbundel Aluminiumfolie onderzoekt hij mannelijkheid in al zijn facetten en de dood. Twee onderwerpen die zeker wel een overlap hebben, maar misschien niet twee dingen die je onlosmakelijk verbonden met elkaar ziet. Wat in ieder geval is bijgebleven, is dat de gedichten binnen de afdelingen, naadloos in elkaar overvloeien

De bundel is namelijk opgedeeld in drie afdelingen: ‘WEGWERPPRODUCTEN’, ‘BULLEBAK’ en ‘KLEINE DODE DINGEN’. Waarvan de eerste twee hoofdstukken over mannelijkheid gaan en de laatste over de dood. De bundel begint ontzettend sterk en zet meteen een duidelijke ‘Van der Walle stempel’, zijn taal is duidelijk, licht weemoedig en vindingrijk. Met regels als ‘op een dieet van kip en rijst en brakke wintergrond’ of ‘Jongens zijn seizoensgebonden’ vangt hij de essentie van de worsteling tussen masculiniteit en tederheid die in de tijd van sociale media, (extreem)rechts gedachtegoed en toxische standaarden heel duidelijk op de voorgrond staan in het maatschappelijk debat.

Aluminiumfolie
–
Wanneer ik een zoon krijg
maak ik van hem een rol aluminiumfolie.
–
Ik bewaar hem goed naast
bakpapier, reservesleutels en deegroller in een la
–
Ik herken hem niet
Ik scheur vellen los,
–
dek daar de overgebleven
ovenschotel
–
die stond af te koelen
en nu is afgekoeld mee af.
–
De folie vouwt zich zonder moeite om het eten,
kreukt waar mijn handen druk zetten.
–
Ik houd mijn aanrakingen kort
zoals ik doe bij deurbellen of heet water
–
Krijg ik trek in meer,
stop ik hem met schotel en al in de oven.
Het licht van een koelkast is zo akelig vlug.

De gedichten in het eerste hoofdstuk ‘WEGWERPPRODUCTEN’ nemen je mee in het bestaan van een man en proberen te beantwoorden wat mannelijkheid is, waar de ruimte voor tederheid ligt en hoe het is om af te wijken van de norm. Van der Walle neemt je mee naar de pisbak in het Hard Rock Cafe en naar Call of Duty: Modern Warfare (2019). ‘Over in welke kleur pyjama elke macho voor mij zou vallen als bij /
de Somme, / met welk filter je bescheiden maar beschikbaar overkwam / (…) Ik wilde de controller zijn die jongens vasthielden. / Ik wilde zijn wat ze achterlieten’.

In het tweede hoofdstuk ‘BULLEBAK’ beeldt hij de worsteling van het niet passen binnen het normatieve beeld van een man uit aan de hand van de Griekse mythologie. Het verhaal van Minos waar uiteindelijk de Minotaur tot stand kwam. Geboren worden als half stier en half mens zonder dat je daarvoor hebt gekozen. De parallel is snel getrokken met de bundel.

I
–
Je hebt niemand gevraagd om te bestaan.
Het leven werd je na de stuitligging,
zoals ieder kalf op de wereld komt,
verweten in een stille kraamkamer.
–
Zachtjes liet het personeel een o los.
De geur van ziekenhuiszeil drong zich op
in je eerste ademteug. Je lichaam
was mens, je hoofd, je kop, een stier.
–
Als een antwoord op een ontweken vraag
Bulderde je korte klanken. Het hoofd
van je moeder dook weg in het bed.
Het personeel zette je apart
voor onderzoek.
–
Je opende je ogen,
sloot ze, opende ze daarna opnieuw.

De keuze om een Griekse mythe te gebruiken voor het maken van dit belangrijke en mooie punt vind ik jammer. Dat valt deels te wijten aan het feit dat, naar mijn mening, de Griekse mythologie te veel gebruikt wordt binnen de poëzie, het doet af aan de originaliteit, die Van der Walle zeker wel bezit. Daarnaast is een kennis van deze mythologie wel nodig om de gedichten beter te kunnen plaatsen, en ben ik van mening dat gedichten die over personen, plekken of gebeurtenissen gaan zonder voorkennis van het onderwerp, overeind moeten blijven staan en daar twijfel ik over. De keuze voor Griekse mythologie doet daarentegen niks af van de kwaliteit. Ook hier is de vindingrijkheid van Van der Walle volop aanwezig. ‘Wanneer de gangen van het labyrint / je begroeten als geliefden / noem je het dan nog gevangen / of komt er iets voor in de plaats?’

In het laatste hoofdstuk genaamd ‘KLEINE DODE DINGEN’ verschuift het onderwerp van masculiniteit naar de dood. Met, wat mij betreft, het gedicht dat aantoont waarom Van der Walle zo’n ongelofelijk talent is met boordevol potentie.

YouTube
–
Iedere dag wordt er 75 jaar aan videomateriaal
op YouTube geüpload
–
Iemand zou een mensenleven lang
aan vandaag kunnen besteden
en geen idee hebben hoe de buren vertrokken,
klokhuizen achterlieten.
–
Hoe gekiemde knoflook zich een weg omhoogboort.
–
Wie het leven aan gister of eerder nog besteedt
zou zijn best moeten doen om niets voor vandaag te verklappen.
Gisteren is een mensenleven.
–
Dan is er nog morgen.
Diegene heeft een dagje vrij.
Wie bezig is met morgen,
is een mensenleven ver voorbij.

Alhoewel het prachtige gedichten zijn, vraag ik me wel af of Van der Walle niet profijt zou hebben gehad bij het aanhouden van één thema, het niet kiezen van wie je bent, maar zo geboren worden. Het voelt alsof de gedichten over de dood niet helemaal aansluiten bij de rest. Toch is Aluminiumfolie een prachtig debuut waarin de tederheid die Van der Walle op het podium uitstraalt, ook terug te vinden zijn in de gedichten. Tijdens De Nacht van de Poëzie droeg Van der Walle ook voor en daar kwamen zijn tedere woorden en tedere stem samen. Ik kon rustig gaan slapen.
____

Ivar van der Walle (2026). Aluminiumfolie. Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar, 72 blz. € 19,99. ISBN 9789038816524

     Andere berichten

Judith Herzberg – Opstal

Judith Herzberg – Opstal

'Zoiets vraag je toch niet aan een stervende' door Hans Puper - - Op het voorplat van Opstal, de nieuwe bundel van Judith Herzberg, staat...

Margreet Schouwenaar – Route K

Margreet Schouwenaar – Route K

Door lijfliefde en dodelijke bestraling heen door Johan Reijmerink - - Margreet Schouwenaar debuteert in 1991 met enkele gedichten in...