Een metafysische Faust
door Hettie Marzak
–

–
De figuur van Doctor Faust weet nog altijd mensen te fascineren. Het verhaal is welbekend: hoe doctor Faustus zijn ziel aan de duivel verkocht in ruil voor kennis en macht en aan het einde van zijn leven door de duivel naar de hel werd gesleept. In 1587 werd de eerste beschrijving van de sage van Doctor Faustus gepubliceerd met als auteur ene Johann Spies. Door de eeuwen heen hebben al zo veel schrijvers een poging gewaagd deze sage te bewerken, dat Wikipedia er zelfs een aparte pagina aan gewijd heeft: Oustfaust van Tom Lanoye uit 2022 ontbreekt er voorlopig nog op.
De beroemdste versies zijn ongetwijfeld die van Marlowe en in het bijzonder die van Goethe, die Faust gered laat worden omdat hij uiteindelijk berouw toont. Maar ook Pessoa heeft zijn leven lang gewerkt aan zijn interpretatie van de Faust-legende, zonder hem evenwel te kunnen voltooien. Het lijvige boek is voor de eerste keer in het Nederlands vertaald door vaste Pessoa-vertaler Harrie Lemmens, met de originele tekst op de tegenoverliggende pagina.
In eerste instantie bedoelde Pessoa een toneelstuk in dichtvorm te schrijven, maar toneelaanwijzingen ontbreken nagenoeg, evenals de actie en de ontwikkeling die je in een toneelstuk verwacht. Pessoa noemde het zelf ‘statisch toneel’, een ‘subjectieve tragedie’, waarin geen handelingen plaatsvinden, waarin geen verwikkelingen zijn en waarbij een afgeronde plot ontbreekt. Er zijn weliswaar verschillende rollen aanwezig in de vorm van stemmen die tot Faust spreken en zijn geliefde, Maria, maar zij krijgen niet veel tekst in het grote geheel. Wel liet hij aanwijzingen na voor een indeling in vijf bedrijven en vier entr’actes aan met een korte samenvatting ervan. De tekst is samengesteld door verschillende literatuurwetenschappers, uit fragmenten die Pessoa gedurende zijn gehele leven schreef. Het is een monumentaal boek geworden, een filosofisch gedicht over de ontoereikendheid van de menselijke geest, onmisbaar voor liefhebbers van het werk van Pessoa.
De Faust van Pessoa is een gekwelde, eenzame figuur, niet zo zeer omdat hij begerig is naar kennis en macht zoals de oer-Faust, maar omdat hij verlangt te ontsnappen uit de strijd die zich in zijn eigen brein afspeelt. Hij is een filosoof die de zin van het leven zoekt en die niet vindt. Hij benadert het leven vanuit zijn verstand en intelligentie, maar zijn tragedie is dat hij alleen met deze middelen het leven nooit zal kunnen begrijpen. Hij is een waanzinnige wetenschapper die niet in staat is een vrouw lief te hebben, omdat hij zich niet kan schikken in het leven. Hij kan voor haar geen gevoel opbrengen zonder dat zijn kille verstand die emotie weer weet te reduceren tot niets.
Pessoa vertelt het verhaal als een wilde, wanhopige monoloog van de geleerde die gevangen zit in zijn eigen brein.
laatste kwelling van het verstand, tot waar
het als kind evenwel niet reikt,
dat besef te bestaan verplettert me
met heel zijn mysterie en zijn kracht
van een begrepen, onherroepelijk
beperkt diep onbegrip.
De gruwel van het onbegrepen bestaan drijft Faust naar het verlangen naar de dood, om vanuit de overzijde misschien wel te kunnen begrijpen wat het leven inhoudt. Aangrijpend is de worsteling van Faust met de leegte van het bestaan. Hij hoeft geen pact met Mefistofeles de duivel te sluiten met zijn eigen ziel als inzet, maar hij daagt alle goden en demonen uit om hem het leven te verklaren. Ook dat helpt niet: Faust blijft zich verwarren in zijn eigen brein, dat hem in cirkels laat rondlopen zonder dat er voor hem een uitweg is.
die de mens kan bezitten: ik heb daarin
de <…> gevonden van desolaatheid,
beklemmingen afgrijzen, van angst, ijlen
en aarzeling, van vervreemding op aarde,
van leegheid in mij, de hele wereld
en al het denken en al het zijn.
Het ligt voor de hand om deze Faust met de dichter zelf te associëren. Of dat te rechtvaardigen is, laat zich eenvoudig bepalen. Pessoa creëerde een groot aantal heteroniemen en de tendens van zijn Faust sluit goed aan op het Boek der rusteloosheid. Ook Harrie Lemmens, die Pessoa doorgrond heeft als geen ander, neemt die overeenkomst aan: ‘De wetenschapper die tot en over de rand gaat, die alles wil, ook wat onhaalbaar is, ziedaar Pessoa’s eigen wereld.’ zegt hij in zijn nawoord. Het is trouwens aan te raden om datzelfde voorwoord eerst te lezen, voordat je aan het boek zelf begint. Lemmens zet helder uiteen dat Pessoa zelf de hoofdpersoon is, die het leven zo waanzinnig graag begrijpen wil en tot de uiterste wanhoop wordt gedreven door het onvermogen van de mens om dat bestaan te kunnen verklaren. De eenzaamheid en de rusteloosheid van Faust zijn ook die van Pessoa, eveneens als zijn twijfel over de zin van het bestaan en de overweldigende drang naar absolute kennis.
Ook wie geen Portugees kent, kan zien hoe zorgvuldig en inventief Lemmens te werk is gegaan. In het vierde bedrijf komt een herbergscène voor, waarin een koor een zanger van een drinklied begeleidt: ‘Bom beendor, bebe-me bem / Bebe-me, bom bebedor.’ Lemmens vertaalt dat met:’ Flinke drinker, drink me flink / drink me, flinke drinker.’ Zowel het ritme als de opeenvolgende klanken zijn bewaard gebleven.
In het laatste bedrijf heeft Faust de hoop opgegeven om het mysterie van het leven te doorgronden: ‘O, hoogste gruwel. Geloven noch niet geloven, / lachen noch huilen / dood noch leven / wensen.’ Hij drinkt een flesje leeg om te kunnen slapen, al vreest hij de eeuwige slaap. Dan komt de Dood, niet om hem angst aan te jagen – dat doen alleen de goden, zegt de Dood – maar om hem te troosten. Faust ontwaakt dan nog één keer om afscheid te nemen van het leven en roept dan de Dood weer naderbij. Die beaamt wat Faust al die tijd al vermoedde:
Bij mij eindigt en wordt
stom en bedaard,
als een ruïne die instort,
alles wat leeft en de wereld ervaart.
De mensheid, wier lach
in diepe vergetelheid ontaardt,
weet zonder er tijd aan te schenken
dat het voelen vroeg of laat
stukslaat op de rots van het denken.
Voor Faust en voor Pessoa heeft de dood het laatste woord.
____
Fernando Pessoa (2026). Faust. Vertaald door Harrie Lemmens. De Arbeiderspers, 437 blz. € 32,50. ISBN 9789029554138



