Gezouten pantheïsme en de republiek

In november 2008 verschijnt bij uitgeverij Wilde Aardbeien de bloemlezing Windvlinders. Poëzie van de Faerøer, de eerste Nederlandstalige anthologie op dit gebied. Het boek bevat werk van acht Faerøerse dichters, van wie sommigen nooit eerder vertaald werden. Samensteller Roald van Elswijk had een ‘ongezouten’ mailgesprek met dichter Jóanes Nielsen (*1953) over literatuur, politiek en visgronden.

Lees verder

Gedichten

EERSTE LIEFDE

met hem wil ik spelen
dacht ik maar ik deed het niet

zat stil en wist
dat er iets kapot moest

dat al mijn meisjesboeken
me hadden voorgelogen

dat ik prinsen zou beminnen
met butsen en builen

die dag was ik zo oud
als ik jong was

mijn in zichzelf verzonken prins
ontging het

Lees verder

De vinger aan de pols van deze tijd

‘Poëzie is een te breed begrip om hier een helder antwoord op te geven. Het lezen en schrijven van gedichten zie ik als een middel om de vinger te houden aan de pols van de tijd’, vertelt Edith de Gilde. ‘Tegelijk is het een middel om het tijdloze, universeel menselijke te ontdekken en vorm te geven.’

Lees verder

'Er is geen mens in staat het ultieme gedicht te schrijven'

Als je aan Ingeborg Klarenberg (°1988, Gräfelfing) vraagt zichzelf voor te stellen, begint ze zo: ‘De kleine dwergvleermuis vangt insecten achter het raam dat het licht binnenhoudt, terwijl ik kijk naar de straat en de auto’s die op elkaar botsen en de mannen die schreeuwen als schorre schapen, de stemmen van vrouwen die niet verder dragen dan de boomtoppen waarin ‘s ochtends apen roepen dat dit de laatste dag is.’

Lees verder

Gedichten

Een vrouw strijkt vouwen uit kussenslopen, een kind speelt een spel met negen levens. Tegen een hek staat een oude fiets, een man plast in een heg. De fiets wordt door een voorbijganger gered van verdrinken in een gracht. Een bijna vader bladert in het telefoonboek op zoek naar namen. Er staan auto’s verkeerd geparkeerd en er zijn agenten in burger, maar feitelijk doet niemand iets fout. In een open raam dat niet open mocht zit een meisje in een zijden jurk. Onder haar bungelende voeten zwijgt de straat als een graf. Met alle ogen die ik heb, probeer ik […]

Lees verder