Gedichten

Kakofonie

Leg toch even, als je durft, je oor te luisteren
bij deze kakofonie van miljoenen door elkaar
heenschreeuwende moleculen, overal en uit
alle tijden lukraak vandaan gegeten, gedronken,

geademd. En ondertussen alweer bezig met
afscheid te nemen op weg naar een ander
lichaam, een riool, een boomblad, een rivier.
Vertel mij hoe het kan dat zich in deze chaos

een kern, een zwaartepunt bevindt waarrond
alles wentelt, wemelt als een sterrenstelsel.
Dat door anderen wordt herkend. En hoe elk
van ons dit zootje ongeregeld hardnekkig en

met bedrieglijke kalmte bij elkander houdt.

Openbaring

Niets ooit zo fel en blauw
en adembenemend als hij
in paniek net voor mijn voeten

uit de oever schiet rakelings
over water scheert en louter
door zijn voorbijgaan

alle kleur uit het landschap
wegzuigt, de wereld gedurende
één lange seconde in zwart

en wit achterlaat. Wie dit
heeft gezien weet voortaan
dat openbaringen bestaan.

Kairouan (1914)

Zoekende was je al lang maar in de woestijn
in de bloedhete zon voor de poorten van
Kairuan gebeurde het, dat je verbeten bezig
aan aquarel 1914 216, precies zoals Saulus

die door de bliksem werd getroffen, door zoiets
efemeers als louter kleur van je sokken werd
geblazen waarna je nooit meer dezelfde want
ze had je te pakken: “Ik en de kleur zijn één.

Ik ben schilder.” Zo wordt men dus geroepen,
bij dag of bij nacht, één enkele maal, mag men
niet aarzelen, moet men zijn op die ene plek in de
wereld waar het leven als een vuurpijl ontbrandt.

Uit: Man in het landschap

Geplaatst in Gedichten.