Luc C. Martens – hoop op stille muren

Luc C. Martens staat in hoop op stille muren aan de kant van de slachtoffers, de zwakken, de machtelozen, en roept ons op tot mededogen. Maar het wekken van empathie mag geen dichter worden aangeraden. Het risico dat de poëzie verdwijnt onder goede bedoelingen is groot.
Wat de dichter beoogt, is duidelijk, zijn werkelijkheid niet, en waarschijnlijk daardoor leeft deze poëzie niet, of maar een beetje, of maar half.

Lees verder

Ruth van Rossum – Sakasegawa

In Sakasegawa toont Ruth van Rossum niet alleen een grote beheersing van de taal, maar opvallend is ook hoe vorm en inhoud in harmonie zijn. De gedichten zijn hechte woordbouwsels, zonder stoplappen, zonder versiering, ritmisch en van een grote klankrijkdom. Geen gedicht is saai, hoe weinig opzienbarend het onderwerp soms is, hoe particulier de aanleiding ook was om het te schrijven. Zelfs in haar gelegenheidsgedichten is zij een sublieme dichteres. Superlatieven schieten tekort, dit is eredivisiepoëzie.

Lees verder

Jan Holtman – Windjammer

In Windjammer geeft Jan Holtman aandacht aan de dingen, mensen, gebeurtenissen die van de onbarmhartigheid van het leven getuigen. Die aandacht, hoe summier ook verwoord, geeft deze onaanzienlijke gedichten glans. Dit zijn gedichten die mooischrijverij als zodanig tot een belachelijk iets maken, iets om te imponeren, iets voor Neerlandici. Iets om te worden vergeten.

Lees verder