De Gedichtenwedstrijd (2)

 

Vandaag de top 3 van onze redacteur recensies en vrouw achter onze eigen wedstrijd, Janine Jongsma, uit de top 100 van De Gedichtenwedstrijd.

 

het verkeerde perkje

Het was volle maan, hij had gekeken naar die bol van licht, er
was een geur van voorbije zomer, bladeren op

het wegdek, spinnen in de bomen, geen mens op straat. Voor
hem zat een haas naar hetzelfde te kijken, oren

tegen elkaar gevleid, en dacht even diepe dingen. Hij minderde
vaart, er was niets mis met zijn ogen, zei hij

tegen zichzelf, het beest draaide zich om en verwisselende het
natuurverschijnsel voor zijn

rechterkoplamp. Hij bleef staren en hupte toen op het licht af.
Beiden voelden een bons, een lichte trilling.

Het was alsof de haas op schoot lag en zijn laatste warmte aan
hem gaf, het bloed over zijn dijen liep, zijn

vingers over de zachte vacht maar hij stopte niet. Hij reed zelfs
weer sneller zodat het licht voorgoed over het beest viel.

© Alja Spaan
Kreta houdt niet van kinderen

Koffers zijn net personages. Met álle spullen eruit,
pas ik er zeker weten in. ‘Wist je dat kakkerlakken een week
kunnen overleven zonder hoofd,‘ zegt zij die mijn moeder is,
‘en jij hebt je hoofd nog’.

Limonade glijdt langs mijn dij. Ik denk: alles kun je aanmaken,
ook gevoelens.
Op het aanrecht ligt het bonnetje van de boodschappen voor
een hele week: €89,80. Zoveel ben ik haar waard.

Zeestranden en gespierde Griekse Goden hebben mij uitverkoren,
de dagen op me te nemen en een heilig licht
bespeelt mij. Plaklollies liggen klaar. ‘Hou wel je
koppie erbij, mop.’ Samen voor de koelkast tel ik mijn angsten.
Kreta houdt zich stevig vast aan de magneet. 28°C. Zonnig, helder
en zacht klinkt haar stem, als in een kathedraal: ‘Je mag
alle dagen pizza.’

De avond moet moe zijn,
het donker is er al. Er zijn nachtregels:
in dit huis ben je stil, trek je je in je huid terug, tot een onzichtbaar
binnenin

en misschien komt dan Klaas Vaak met zijn droomzand,
dat lijkt op het zand van Kreta.
Or komt het Konijn uit Wonderland.
Of anders Meneer Krekel,
maar dan moet je eerst een houten pop worden,
of misschien is het wel beter je hoofd te verliezen,
zoals een kakkerlak,
want dan komen moeders sneller terug. –

‘Kop op, mop,

wens me een fijne vakantie!’ Koffers worden opgetild, en ik
druk mijn Tesla met de stukgereden wielen tegen me aan,
die verlangt ook niets.

Als ik door het raam kijk verlaten zelfs de vogels ons huis.

© Sara De Lodder
Inslapen

Tel je schapen? Je veinst hun wol te breien voor je dikke buik;
zes babytruitjes waren ooit op komst. Elk wiegeliedje liet ons
dromen als een roos. We bloeiden open, tsjilpten om je brood.

Lentes later zag je pyjamannen hun ontbijt ontgroeien, zag je
spiegels gniffelen in meisjeskamers. Stoere goeiemorgens
klonken met de jaren dieper, giechels met de maanden hoger,

hoger dan geblaat. Je telt geen schapen maar de namen: samen
zijn we jouw gedroomde kroost. Het aantal klopt, zoals je hart
voor deze zes, zoals de som van zoons en dochters rond je bed.

© Rik Dereeper
Geplaatst in Gedichten.