LITERAIR E-MAGAZINE VOOR NEDERLANDSTALIGE POËZIE

Vergeten dichters (IX)

23 dec, 2023

Zijn deze dichters vergeten? Kent u ze nog? Ligt er misschien eentje op het nachtkastje en blijft zij favoriet? Of helpen wij u op de naam te komen van dat glansrijke gedicht dat u ooit uit het hoofd kon? Is dit een aanleiding de boekenkast om te keren of op uw knieën op zolder in die dozen te kijken? Hoe dan ook, veel leesplezier!

 

Hemel

Het eerste wat je ziet
als je de hemel binnenkomt
de triomfantelijke smoelen
van de gelovigen
op de luie stoelen van hun gelijk.

Dan zie je: de hemel is vol ontroostbare geliefden
gelukkige minnaars in de armen van anderen
en klagen mag niet.
Dat wil de vrouw van God niet hebben.

Overal klinkt muziek:
nooit samen,
altijd solo
iedereen speelt mooier.

Uitgebluste handtekeningenjagers
met gedoofd streven:
hun boekjes zijn vol,
iedereen staat erin
een opdracht van Hitler,
een lipstickkus van Lolo Ferrari.

Het licht in de hemel schijnt fel
uit de ogen van de schizofrenen,
depressieven en neuroten.
Zij wachten eeuwig, hun wanhoop
bonkt op de hemelpoort.

En overal rennen kwijlende debielen,
onnozelen, schuimbekkende idioten
en gekken af en aan
met boodschappen van Godverdomme.

© Adriaan Jaeggi
uit de bundel Sorry dat ik het paard en de hond heb doodgeschoten, Prometheus, 2002


Adriaan Jan Jaeggi (Wassenaar, 3 april 1963 – Amsterdam, 10 juni 2008) was een Nederlandse columnist, schrijver en dichter. In 2002 verscheen Jaeggi’s eerste officiële dichtbundel, Sorry dat ik het paard en de hond heb doodgeschoten. Twee gedichten hieruit werden opgenomen in Gerrit Komrijs befaamde bloemlezing Nederlandse Poëzie. In 2008 verscheen de bundeling van de gedichten die hij als Amsterdamse stadsdichter had geschreven: Het is hier altijd laat van licht; Amsterdamse stadsgedichten.
Adriaan Jaeggi is Amsterdams eerste stadsdichter geweest (2006 en 2007). Hij maakte deel uit van de zogeheten Poule des Doods, een gezelschap dichters dat, op initiatief van de dichter F. Starik, bij toerbeurt met een gedicht de begrafenis begeleidt van iemand die eenzaam is gestorven.
(Adriaan Jaeggi stuurde uw hoofdredacteur het Internet op, met alle gevolgen van dien.)
Stervend

Waar ben je
naartoe geweest?
Waar ging je heen?
Heb je de zomer gevolgd
om de winter te zien
die zijn gezicht duwde
in de smeltende sneeuw?
Of ben je weer hier
om opnieuw te sterven?

Nou,
probeer geen
andere tijd uit
om terug te komen,
sterven brengt mij niks
en brengt ons niets.

Heb jij de zwaan gezien
deze gleed over
het water wat
roze was
omdat jij erin keek
zoekend naar mij
in beelden
die je opriep
met betoveringen.

Alsof je aan
het wachten was
op een wereld,
jouw wereld,
om vorm te geven
of was het mijn wereld
of die van ons,
tezamen.

Wat je zag
waren geen dromen
maar de kleur was
wel roze.

Zie jij
hoe het kan zijn?
Zag je
hoe het kan worden?
Of kan het
je helemaal niks schelen
als jouw wereld vergaat
of die van mij?
Of nog erger
die van ons.

Laten we werken,
tezamen, ik wil
niet alleen sterven
voor de laatste keer
… ben voor
de laatste keer hier
dus gaan we het doen.

Gaan we het doen
een wereld opbouwen
vol kleur
waarvan we
kunnen genieten?

Of ga ik sterven
voor de laatste keer,
hier, op aarde?

© Derrel Niemeijer
terug te vinden op de blog van Bert Deben


Derrel Niemeijer (Eindhoven 1977 – aldaar, 2016) was auteur, bekend van Elke dag sterven (2017), Dubbeldichters (2015) en Hoop, geloof en liefde (2014) en als nachtburgemeester van Eindhoven. “Herinneringen aan een Neo-Beatnik” was een tijdschriftje vol schrijfsels, tekeningen en foto’s (van Imara Angulo Vida) dat Niemeijer in 2014 maakte. Hij noemde zichzelf een Neo-Beatnik omdat hij een groot bewonderaar was van William Burroughs.
December 2016 verscheen Dan zijn er ook dichters die gewoon doodgaan, 100 gedichten voor een Neo-Beatnik – Derrel Niemeijer, MeerPeper, redactie en samenstelling Martin Beversluis.
lucht

alle lucht is ingehouden adem van de wereld
die langzaam aan het stikken is

maar mensen hebben vijgenbladgezichten
en zij lopen onbekommerd in hun eeuwen

mensen slikken alles zonder storm: aarde en vlees
daar stinkt het binnen in hun stolpen naar

en ik, al ben ik dunbevleugeld
en al heb ik een lichaam van draden

als ik toch longen had gehad
had ik ze aan de wereld willen geven

maar ik heb lege druppels
die te drogen hangen in mijn borst

daarom beadem ik zachtjes een stem bij elkaar
en laat ik de wereld waaien in mij

© Martijn Teerlinck
terug te vinden op de blog De Nieuwe Contrabas van Chrétien Breukers

Martijn William Zimri Teerlinck, ook bekend onder de artiestennamen The Child of Lov en Cole Williams, (Lendelede, 31 maart 1987 – Amsterdam, 10 december 2013) was een in België geboren Nederlands zanger, muzikant en dichter.
Teerlinck werd geboren in het West-Vlaamse Lendelede, maar groeide op in Alkmaar en Amsterdam. Het was dan ook in Amsterdam dat hij literatuurwetenschap en Italiaans studeerde aan de universiteit en begon met dichten. Als slamdichter won hij (met Daan Doesborgh ex aequo) in 2010 het Nederlands Kampioenschap Poetry Slam.
In mei 2014 verscheen postuum zijn debuut als dichter, de bundel Ademgebed, bezorgd door de dichter Erik Jan Harmens, die ook het voorwoord schreef.

Op het literair platform Reuring, Alkmaar van 7 oktober jl las de moeder van Martijn uit zijn werk voor.

 

foto © Wouter van der Hoeven, boekhandel Scheltema, Amsterdam, oktober 2018

     Andere berichten

Paul Bezembinder

Paul Bezembinder studeerde theoretische natuurkunde in Nijmegen. In zijn poëzie zoekt hij vooral in klassieke versvormen en thema’s naar...

Barbara De Munnynck

  Barbara De Munnynck is schrijver, spreker en freelance journalist. Ze was eindredactrice bij ELLE en maakt deel uit van literair...

Elbert Gonggrijp

Elbert Gonggrijp (Alkmaar, 1965) kwam op 16-jarige leeftijd voor het eerst met poëzie in aanraking via de gedichten van Rutger Kopland....