Ina Schroders-Zeeders: “In gedichten vind ik de reis door mijn wereld terug, en ik ben nog steeds lerende nu ik 68 ben, een reiziger in een prachtige wereld die taal gebruikt om het landschap van realiteit, psychoses, fantasie en dromen te doorkruisen. Het kan altijd korter, zakelijker, duidelijker, maar dat is het mooie, het hoeft niet. Als je je zelf lesgeeft en je eigen regels maakt en aan je laars kan lappen, heb je enorm veel vrijheid. Het proces van de verwondering, dat wil ik blijven doen. De ene keer ga ik tijdens mijn reis een kant op waar ik later weer afsla. Dit betekent wel dat ik mijn eigen werk na een tijdje zeer kritisch bekijk, maar dat lijkt me alleen maar goed.”
foto © Arjen Zeeders
–
er zijn geen kinderen meer
–
twee zag ik nog een week of drie geleden
ze liepen wat verloren in t verkeer
rondgegeten buikjes, wetend
dat er thuis weer cola op hen wachtte
een jaar of zeven, acht
–
dat waren dus de laatsten
er zijn geen kinderen meer
–
halverwege de straat kom ik onverwachts mijn kat tegen
onze verwarring is dezelfde
–
dit klopt niet, setting verkeerd
wat doet zij hier
wat doe ik hier
–
bevroren in ontsteltenis zit er niets anders op
zij gaat terug naar huis
ik terug naar de winkel
–
buiten de deur
waar meer licht diep in de huid graaft
straat nog aan het bijkomen
van duizenden voeten
–
winkels voorbij
bomen
–
in deze ruimte
zonder afgesproken grenzen
telt het lijf
niet meer zijn knopen
katten naderen en rennen weg
–
zodra binnen is bereikt
krijgt het lichaam vorm
terug het hemd
scheef dichtgeknoopt
–
de blind date ziet

