Johanna Kruit

De poëzie van Johanna Kruit ontroert en troost met zinnen als “Jij schudt het verleden, het verdriet uit mijn haren, vangt me op in je hoofd”. Onverminderd sterk is zij, herkenbaar en dus bijna aanraakbaar. Het is heerlijk dat ze met ons meeloopt als “hoge wolken in de lucht”.

Lees verder

Geert Jan Beeckman

Dichter Geert Jan Beeckman maakt ons bewust van onze eigen aanwezigheid en betekenis. “Voor een tussentijd van geen woord. Ter grootte van een werkelijk gebeuren.” De ongeschreven wet van het bestaan, schrijft hij, is dat wij anoniem blijven. Maar dan de sporen, “Stel je een wit landschap voor, een eindeloos pad dat in de verte niet naar adem hapt” en “Omdat het uitzicht zo goed is in schrijven”.

Lees verder

Sandra Roobaert

Dat wat je wilt van poëzie staat hier, alsof het altijd op ons als lezer heeft gewacht. ‘In het grootste geheim zijn de eerste zinnen geschreven.’ Wie dicht als Sandra Roobaert, “Als je het gezangenboek opent – ver genoeg – krult de rode kaft om tot een hart” heeft op authentieke en originele wijze het belang van poëzie onderstreept.

Lees verder

Lena Vercauteren

In haar teksten verkent Lena Vercauteren ‘het menselijke en hoe we in de wereld staan’. Soms zitten we in een proefpanel van garnalen, een andere keer zijn we jager-verzamelaar klaar voor prooi en bessen en soms ook liggen we in de moestuin met groene haren, nog net schattig te zijn tot “tot naïviteit als schimmel over mijn huid kruipt”.

Lees verder

Job Degenaar

Zomerse, lichte notities uit een lauwe wereld maar ook beschouwingen over het ouder worden, de zorgen voor alswel de codes in het sociaal verkeer, van likes tot een comité tot behoud van onszelf. Het werk van Job Degenaar schrijnt en schuurt, vraagt en geeft antwoord, confronteert maar ontroert tevens. We neigen tot een high five!

Lees verder