‘Je krochten bewoonbaar maken’

‘Voor permanente bewoning’ heet de bundel waarmee Anna de Bruyckere vorig jaar debuteerde. Een bundel met een lichte toon. ‘Hoe doe je dat, leven?’ lijkt de terugkerende vraag die leidt tot serieuze observaties. Jan Loogman in gesprek met haar.

Lees verder

“Ik denk dat elke tekstvorm zijn eigen voordeel en kwaliteiten heeft.”

Elianne van Elderen won de derde prijs in De Gedichtenwedstrijd. ‘Geen inzending’, zei de jury van haar gedicht, ‘vatte beter de tijdgeest.’ Ze begon te schrijven op Tumblr, de drempel lag op het internet lager. Ze houdt van verhalende of plotgedreven gedichten met lange volzinnen, personages en een nostalgische thematiek, vaak over een dorp, kinderen en jeugdvriendschappen. ‘Iedereen – ook zonder een schrijfopleiding – zou kunnen schrijven’.

Lees verder

“hamsterwielen voor een dystopie”

In de serie ‘gesprekken met Meandermedewerkers’ het drieëndertigste gesprek, met Martijn Benders waarin de scherpe criticus terugdenkt aan zijn ‘leermeester’ Carlos Castaneda die de dichter als tovenaar zag met het vermogen om magische momenten te beschrijven en vatten. Van ‘wereldjes’ en ‘uitvreters’ naar ‘dominees’ en ‘overheid’, ‘valse entiteiten’ en ‘een open klimaat’ en met dat kangoeroe-gedicht van Rodenko.

Lees verder

Zo eenvoudig kan winnen zijn

De interviewer Truus Roeygens zit tegenover Sascha Beernaert. Hij werd enkele weken geleden met zijn gedicht ‘Mummie’ tot winnaar uitgeroepen van De Gedichtenwedstrijd 2020. Na een klim van zes jaar bereikt hij eindelijk de top van de berg. In het interview vertelt Sascha Beernaert over wat hij tijdens de beklimming zoal heeft meemaakt en over hoe hij de aankomst heeft ervaren.

Lees verder

“als dichter voel ik de drive om uit chaos/crisis orde te creëren”

Schrijven is voor eilanddichter Gerda Posthumus “een voorwaarde voor zingeving van leven hier”. In de natuur heerst een eigen orde. Binnen je eigen ordening de juiste woorden te vinden om onbehagen aan te kunnen gaan, houdt haar bezig. Dienstbaar zijn ook aan de gemeenschap en aan de toerist. Het gedicht zou de uiteindelijke toeschouwer kunnen zijn van wat de dichter heeft willen zeggen.

Lees verder