“Poëzie schrijven is kloppen op een nagel, iedere bundel steeds dieper.”

‘Archeoloog-dichter’ Toon Vanlaere schrijft over onmacht, ‘ik vul een lacune op met alle vezels van mijn lijf’. Zijn recente bundel, ‘Schreeuw mijn aarde’, helpt hem om geen pessimist te worden. ‘Want dat wil ik niet. Poëzie is een manier om dit leven te overleven, de absurditeit te slikken of zelfs te omarmen. Optimisme zonder hoop. Met een klein schopje wat aarde scheppen.’

Lees verder

“Schrijven is voor mij volledige vrijheid.”

Op 25 januari kwam de nieuwe bundel uit van Joris Miedema, ‘De oneindige oester’. Poëzie fungeert voor hem inmiddels als een levenslijn. Het liefst wil hij alles in beweging laten komen, zelfs de dood. De waanzin is voor hem juist elke dag en poëzie een soort saus die je er nog overheen giet om hem behapbaar te maken.

Lees verder

“in de poëzie voel ik me nu ook vrij”

Ineke Riem wilde altijd al dichter worden, toch is er een deel in haar dat het liefste zou wegkruipen. Maar ze moet van haarzelf de kansen grijpen en doen wat andere vrouwen vroeger niet altijd konden doen. Ze wil eigenlijk gewoon iets moois maken en heeft de verwonderde blik nodig om te ervaren dat het leven zinvol is.

Lees verder

“Het gaat om het maken. Dat is waarom ik schrijf.”

Toen Sasja Janssen eenmaal een fascinatie voor een woord had, is ze gaan schrijven en kon ze van elementen uit haar leven fictie maken. Taal was voor haar niet vanzelfsprekend, ze moest die haar eigen maken en haar eigen taal ontwikkelen. Met haar poëzie stelt ze een daad, ‘hier ben ik, ik besta’.

Lees verder