Klassieker 52: H. Marsman – ‘Paradise regained’

Joris Lenstra noemt ‘Paradise regained’ van H. Marsman een gedicht dat is ‘voorbestemd om niet vergeten te worden’. Het gedicht draagt een veelbelovende en hoopvolle titel: ‘Paradise Regained’. Maar wordt het paradijs wel hervonden? Of ligt het paradijs misschien in het schrijven van poëzie, en mogen wij als lezer daarin delen?

Lees verder

Klassieker 41: Gerrit Kouwenaar – men moet

”Het analyseren van een gedicht vind ik een verkeerde methode. Volgens de leerboeken moet je in je eigen woorden navertellen waar het gedicht over gaat. Dat is helemaal contra wat een gedicht is. (…) Er ligt niet een schaduwgedicht onder een gedicht.” (Gerrit Kouwenaar) Joop Leibbrand laat echter zien, dat het wel degelijk loont om dieper in een tekst van de dichter door te dringen.

Lees verder

Klassieker 34: Ed. Hoornik – Overgang

Na de bespreking door Pim Heuvel deze maand opnieuw een gedicht van Ed. Hoornik. Joop Leibbrand bespreekt ‘Overgang’. Een ogenschijnlijk weinig opwekkend gedicht over hoe iedere nieuwe dag voor een mens een niet te ontwijken belasting kan vormen. Kan poëzie verlichting geven?

Lees verder

Klassieker 33: Ed. Hoornik – Te Middelharnis is een kind verdronken

Het titelloze gedicht ‘Te Middelharnis is een kind verdronken’ begint als een ready-made. Ed. Hoornik brengt onder woorden wat een kort berichtje in de krant oproept, en hoe dit door blijft werken. Pim Heuvel laat zien, hoe het accent op zo’n ‘kleine gebeurtenis’ volledig in de geest van het eind jaren dertig opgerichte tijdschrift Criterium past.

Lees verder