Gedichten

Jan Aelberts

48624000

We zijn arme jongens in het keelgat
van het Nederlands, kreupele honden
in losse tongformaties,

soldaten van het vlakke ruggeland
geschapen naar het voorbeeld
van een laatste wapenfeit:

de poëzie. Taalverrader van het eerste
half uur dat loopgraven vult
en onze blikken met afvalligheid.

De soldaat strekt het been vol
nicotine teer en kogelgaten,
modder larven en het trillen
van het beven drukt
een landmijn de kop in.

Bij de derde stuiptrekking
zal het raak zijn en slaan alleen
zijn woorden terug:

godverdomme jongens,
zie me hier nu staan.

Lees verder

'Na mijn debuut kan ik misschien slapen'

Jan Aelberts (°1985, Genk) houdt zich bezig met zowel proza als poëzie. Hij maakte daarmee al furore in wedstrijden als Write Now! en De Brandende Pen. Verder schrijft hij columns voor Club Propaganda en is hij lid van het Gentse dichterscollectief Balein, en van Kraai, een ‘literair agentschap’. Kortom, een jonge, beloftevolle duizendpoot.

Lees verder

Bernlef – Dwaalwegen

Gênant, onderbroekenlol, flauw. Zomaar wat woorden uit de recensie van Jan Pollet over de bundel Dwaalwegen van Bernlef. ‘Indien dit manuscript anoniem op de redacteurstafel van de uitgeverij was beland dan had elke redacteur de publicatie ervan verijdeld.’

Lees verder

Abeltje Hoogenkamp – Symbolen worden tot cimbalen. De honderd mooiste Nederlandse gedichten over geloof en inspiratie

‘Met preken heeft deze recensent weinig ervaring, maar met gedichten des te meer. Op grond daarvan zegt hij: warm aanbevolen, deze bundel.’ Joop Leibbrand vermaakt zich zeker met het boek Symbolen worden tot cimbalen. De honderd mooiste Nederlandse gedichten over geloof en inspiratie van Abeltje Hoogenkamp. ‘Al is het alleen maar om te lezen hoe zij het felle, beschimpende ‘Simili modo’ van Hugo Claus tot een heel vroom gedicht weet te transformeren.’

Lees verder

H.C. Ten Berge – Hollandse sermoenen

Poëet en prediker tegelijk zijn kan wel, zo bewijst Barack Obama. H.C. ten Berge gaat te veel achterover leunen, vindt Maarten Hamelink. Hij bespreekt de bundel Hollandse sermoenen. Hierin kiest de dichter de preek als voertuig voor zijn poëzie.

Lees verder