Willem van Toorn – Bezweringen

_____
Bezweringen van Willem van Toorn zou je kunnen typeren als een ouderdomsbundel. Wie 77 is ontsnapt niet aan confrontaties met de dood van al degenen die je overleeft en zal bovendien voor wat het eigen leven betreft bereid zijn de dood meer en meer in zijn schuilhoeken te gaan opzoeken. Van Toorn doet er in een prachtige bundel op een uiterst vitale manier verslag van en weet daarbij op een bewonderenswaardige manier het expliciet persoonlijke zo te presenteren, dat de lezer zich nooit een indringer voelt; hij mag ervoor kiezen betrokkene te zijn.

Lees verder

Marjolijn van Heemstra geeft tijd de ruimte

Onder de indruk van haar dichtbundel Als Mozes had doorgevraagd en haar wekelijkse columns in Trouw (die soms te beluisteren zijn op Radio 1) besloot ik Marjolijn van Heemstra (32) op te zoeken in haar bovenwoning in de Amsterdamse Baarsjes. Een gesprek over ruimte, tijd, literatuur, het onbetrouwbare geheugen, dichten en inspiratie.
Ik sta voor de voordeur van het huis van Marjolijn. Denk ik. Er zijn meerdere deurbellen, maar de naam van Marjolijn ontbreekt. Ik twijfel. Ben ik op het goede adres? Ik ijsbeer even – de pottenbakkende buren kijken me vragend aan – maar druk dan op de bel zonder naam. Zoemend springt de deur open. Goed gekozen. ‘Je moet helemaal naar boven!’ klinkt een vrolijke stem. ‘Wil je koffie?’
Marjolijn staat me op te wachten, leunend tegen het deurportaal. Ze draagt haar lange haar los. Ze ziet er verzorgd en artistiek uit, net als haar ruime bovenwoning. De houten vloer kraakt een beetje wanneer ze er overheen loopt.

Lees verder

Gedichten

Marjolein van Heemstra

Aan een ruimtevaarder

Voor André Kuipers

Ik ben een cluster dode zonnen, hardgeworden overschot
vol weerstand, zelfs met maximale aanloop
kaatst de lucht mijn sprong nog voor kniehoogte terug
ik drijf alleen op water en zelfs dat maar tijdelijk
de ruimte tussen mijn gespreide armen
vangt geen wind.

Ik ga in zoogdiergang, van zand naar zand
kom niet boven het rumoer van vee
het geroezemoes van zee of ooghoogte
ik moet de satellieten maar geloven;
het kleurig stromend ozonvel
het fijne edelstenen ei.

Ik weet van vacuümgevaren
het netwerk van nevels en cellen
speldenknoppen poorten naar het licht
andersom heb ik de reis al vaak gemaakt
dit nietig sterrenstoffenlijf uitvergroot
tot lege zalen.

Maar jij hebt ontsnappingssnelheid
stapt straks met veren voeten de explosie in
telt jezelf tussen de sterren
zwemt in afwezigheid van grond en getijden
ziet ons voor de vlekken die we zijn

Lees verder

F. van Dixhoorn – De zon in de pan

De zon in de pan is een mantra, maar één die niet zonder gevolgen kan blijven. Wie dit tweelinggedicht een paar keer achter elkaar leest, ontdekt bijna onbewust ‘wat verandert / als er niets verandert’. Ook ronddraaien brengt verandering teweeg, dat wisten de derwisjen al. F. van Dixhoorn heeft er een poëtische variant van gevonden. In dit wonderlijke gedicht kun je ronddraaien tot je scheelziet.

Lees verder

Mustafa Stitou – Tempel

Mustafa Stitou wil zich in Tempel niet louter en alleen ontdoen van zijn religieuze en culturele achtergrond en traditie, maar roept zijn lezers op er een andere omgang ermee aan te gaan. Het bredere spectrum van een herwaardering van de natuur en het ongedeelde leven waarvoor hij kiest, zal niet tot zijn recht kunnen komen, als de ‘gelovigen’ niet met andere ogen naar hun eigen en andermans leven en religie zullen gaan kijken. Dat kan een nieuw perspectief bieden.Stitou heeft op een speels ironische en positief kritische wijze taal gevonden voor deze explosieve problematiek van de onderlinge (on)verdraagzaamheid en navenante (on)natuurlijkheid.

Lees verder