F. A. Brocatus

F.A. Brocatus (Gooreind 1957), publiceerde gedichten, een roman en een verhalenbundel. Recent werk: Gevonden Voorwerpen (verhalen, Uitg. Ambilicious, Breda/ Kalmthout, 2020),  Sanguines (gedichten Uitg.Wel, Bergen op Zoom, 2021). Heeft een tweede roman in voorbereiding.
Oktober 2019 verscheen een interview met hem op Meander.

foto Gert Jan van den Bemd

Die dag waarop hij de paarden vergeten was

Er was die dag waarop hij de paarden vergeten
was, hoeven ketsten aan de binnenkant van zijn
schedel, hij hield zijn ogen in tranen gesloten,
in zijn oksels werden alle geluiden gedempt

door fluwelen neuzen. Er was die dag dat hij
takken als geweien over water droeg, het was
dompig en zompig in het bos, uit de klamme mist
doken onherkenbare asgrijze vogels op.

Hij kleurde zijn bloed met wijn, verwondde
zich aan scherven van witglazen flessen zonder
boodschappen, er was iemand die een verband

rond zijn hand knoopte, er was een stem die diep
uit hem leek te komen en in een tedertraag gebaar
op zijn schouder een vrucht van louter lippen legde.
Ogenblikken

.                                                   voor Pien Storm van Leeuwen

We bereiden ons voor op het ogenblik
dat we elkaar niet meer kunnen spreken.

Onze woorden, onze zinnen verschuiven in
tragere landschappen: bomen, beken, dreven,

vennen, weiden, wolken. We zullen het altijd
blijven delen ook als we elkaar niet meer zullen

spreken. Onze handen verstillen. In lijnen,
in rimpelingen ontstaan vijvers. Ze zullen

bewaren wat we schreven, ze zullen vasthouden
wat we zwegen in een veelvoud van ogenblikken.
Het kroontje van Luna – Maria ( 5 jaar)

Ze heeft haar kroontje van karton en zilverpapier
afgezet, fluistert in zijn oor of ze mag knippen.
Een beetje verbaasd geeft hij haar een kleine schaar
die wonderwel past voor haar vlugge vingertjes.

Ze vraagt hem waarom hij blijft kijken en werpt
een indringende blik op hem. Hij zegt niet dat hij
geen bloed wil zien maar antwoordt dat hij
nieuwsgierig is naar wat ze gaat doen.

Eerst volgt een frons tussen haar wenkbrauwen
en dan lispelt ze, nauwelijks hoorbaar, dat er iets
ergs aan de hand is met kronen: je kunt ziek worden

en erger nog: doodgaan, daarom knip ik deze kroon kapot
en straks, na jouw verhaal voor het slapengaan, gooi ik alle
stukjes naar omhoog. Dat worden dan reddende sterren.
Het rode rendier

.                                     voor Marieke Lucas Rijneveld

In de maand waarin ze hem
een rood rendier gaf sneeuwde
het niet, het miezerde en soms

klutste de zon.
Hij legde een breekbare glitterbal
tussen de takken van het gewei

en plots beseften ze dat
hun wereld met slechts een kleine
hoofdknik kon veranderen.
Geplaatst in Gedichten.