De wereld: een korrel stof

Hans van Rossum (Amsterdam, 1928) raakte al jong onder de indruk van de poëzie van Omar Khayyam (Khorassan, circa 1040-1123). Hij publiceerde een reeks Nederlandse en Engelse bewerkingen van Khayyams gedichten op zijn website, zodat een breed publiek kennis kon nemen van het werk van deze bijzondere Perzische dichter. Recentelijk publiceerde Van Rossum ook een selectie van 144 kwatrijnen in boekvorm (Probook, Utrecht). De uitgave werd geredigeerd door de dochter van Hans, dichter Ruth van Rossum. Sander de Vaan sprak met deze bezorger van een boeiend, tijdloos boek.

 

Hans, je hebt een zeer fraaie bundel met vertalingen van gedichten van Omar Khayyam verzorgd. Wanneer kwam je voor het eerst in aanraking met diens Rubaiyat?
Ik maakte rond mijn veertiende kennis met de Rubaiyat. Mijn vader was uitgever (uitgeverij Bigot & Van Rossum) en eigenaar van de vroegere boekhandel Minerva in Amsterdam. Hij publiceerde later in de zogenaamde Uilenreeks een Rubaiyat-vertaling van Johan van Schagen.

Wat trekt je vooral aan in zijn werk?
Ik denk aan verschillende dingen. Zijn manier van leven. Het genieten, van wijn, of van het samenzijn met een geliefde. Zijn hele levenshouding. Open staan voor het leven, accepteren wat er gebeurt. De filosofie die eruit spreekt. Geen doctrines maar kijken wat er op je weg komt. Geen God die jouw leven zou moeten bepalen maar eigen verantwoordelijkheid.

Wat zal ik doen, vandaag?
Zal ik naar de taveerne gaan?
Zal ik in een tuin gaan zitten
of me over een boek buigen? Er vliegt
een vogel voorbij. Waar gaat die heen?
Ik heb hem al uit het zicht verloren.
De dronken vlucht van een vogel
in het brandend azuur. De melancholie
van een mens in de koele schaduw
van een moskee.


Hoe zou je Khayyam als wetenschapper/filosoof/dichter in het licht van onze 21ste eeuw typeren?
Uit wat ik over hem gelezen heb, weet ik dat hij wiskundige en sterrenkundige was, maar eigenlijk interesseert mij dat niet. Het bevestigt hooguit dat hij over dingen nadacht. Voor mij is Khayyam een denker, een filosoof. Hij dacht na over het leven op deze aarde en probeerde zijn kennis, de vruchten van zijn nadenken, met anderen te delen. Geen doctrines, geen geloofswetten, maar eigen conclusies. Overigens conclusies die aangevochten mochten worden. Uit die houding kunnen wij ook nu nog veel leren: denk zelf, praat niemand na, leef je eigen leven. In die zin is Khayyam heel actueel. Ook zijn aandacht voor het nu is actueel, denk aan de populariteit van Zen en mindfulness.

Een stuk brood, wat vers water,
de schaduw van een boom en jouw
ogen. Geen sultan is gelukkiger dan ik,
geen bedelaar droeviger.

 

Je vertaalde de teksten uit het Frans en niet uit de bekende Engelse vertaling van Edward Fitzgerald, wat was daar de reden voor?
Fitzgerald heeft de verdienste Khayyam in het westen geïntroduceerd te hebben. Maar het ging hem om de poëzie denk ik, zijn nadruk lag bij het maken van fraaie gedichten van de kwatrijnen. Terwijl het mij gaat om het gedachtegoed van Khayyam, ik wilde zijn filosofie, zijn gedachten over de mens weergeven, want voor mij is Khayyam geen dichter maar een filosoof. En een van de meest belangrijke filosofen die er ooit geweest is. Dus anders dan Fitzgerald heb ik die kant willen benadrukken, en deze kwam meer tot uiting in de Franse vertaling van Franz Toussaint. Toussaint hanteerde vrije verzen en die vorm sprak mij aan.

Laat het tot je doordringen:
op een dag zal je ziel je lichaam
verlaten en word je achter het gordijn
geduwd dat tussen de wereld en
het onbekende zweeft. Terwijl je daar
op wacht: wees gelukkig. Je weet
immers niet waar je vandaan komt
en ook niet waar je heen gaat.

 

Khayyam hield duidelijk van wijn. Hoe bijzonder was dat in die tijd voor een Perzische man?
Uit het feit dat hij er zo vrijelijk over schrijft leid ik af dat dit niet zo bijzonder was. Maar ik denk ook dat je de wijn in zijn gedichten moet zien als metafoor voor het leven en niet alleen te letterlijk als drank. Hij was zeker geen dronkaard. Zijn graf kan overigens nog steeds bezocht worden.

Een tuin,
een mooie jonge vrouw
met golvend haar, een kan wijn,
mijn verlangen en mijn leed.
Ziedaar mijn paradijs en mijn hel.
Maar wie heeft het paradijs
of de hel ooit bezocht?

 

Je vertalingen stonden al op internet. Vorig jaar verschenen ze in boekvorm. Hoe was het om met je dochter Ruth samen te werken aan deze uitgave?
Geweldig leuk. Allebei even dol op de kwatrijnen, allebei even precies elk woord wegend. Met Toussaint en andere vertalers onder handbereik wilden we Omar Khayyam zo veel mogelijk volgen in zijn filosofie en betekenis. We hebben de taal eenvoudig willen houden, met aandacht voor klank en ritme.

Deze grote wereld: een korrel stof.
Alle kennis van de mens: woorden.
De volkeren, de dieren en de bloemen
van de zeven continenten: schaduwen.
Het resultaat van je meditaties: niets.

 

 

 

Rubaiyat. Omar Khayyam. Bewerkt door Hans van Rossum.
Cees Duine Uitgever
ISBN/EAN 978-90-79726-17-2
Bestellen kan op mailadres hans-van.rossum@hetnet.nl  of rrossum@xs4all.nl
Geplaatst in Interviews.