Bladeren door Meander

Maricela Guerrero - De droom van elke cel
Het thema van ‘De droom van elke cel’ van Maricela Guerrero vertaald door Lisa Thunnissen, is het voeren van een talig verzet van inheemse talen die de wereld van cellen, bomen en wolven vertolken, tegen de taal van het zogenoemde imperium dat ontgint, verbrandt en bomen velt. Francis Cromphout is onder de indruk van deze poezie van ‘ruisende woorden’. Speciale aandacht is er ook voor de vertaling van Thunnissen.
Nieuwsbrief 30 / 17 augustus
Van A tot Z, een monument voor een dichter
Hans Franse vindt Lennaert Nijgh, een van de beste tekstschrijvers uit de laatste jaren van de twintigste eeuw, een dichter. Hij wisselde teksten over de tijdgeest af met poëtische tijdloze teksten, en gebruikte in eindeloze variatie de letters van het alfabet voor liedjes, columns, musicals en boeken: vandaar de A tot en met de Z.
Clara de Groen
Het werk van Clara de Groen begint al meteen goed met de dag openbreken met yoghurt en klei en dat slaaphaar. Formuleringen die vaak sober zijn maar wel doeltreffend: de vogels die laag vliegen en de kikkers die hoog springen, ganzen die rijpe wolken naar beneden trekken, papieren zonnebloemen beschilderen en ze bevestigen met bloementape. Een fijngevoelige dichter, maar zonder sentimentaliteit.

Anouk Smies - De Blob
In ‘De Blob’ borduurt Anouk Smies verder op de gelijknamige film over een levend wezen met een amorfe substantie dat zich voedt met andere organismen. Anneruth Wibaut zegt: ‘Nee, het zijn niet de gevoelens, groot of klein, die de gedichten van Smies kenmerken, veeleer beelden, vaak barok of in bizarre combinaties. Ze lezen daardoor als het script voor onthutsende tekenfilms met een komische toets.’
Interview Han Ruijgrok
Han Ruijgrok wil zoveel mogelijk zeggen met zo weinig mogelijk woorden. Wakker liggen betekent zijn tijd beter gebruiken door na te denken, en als hij geluk heeft vallen hem regels in voor een nieuw gedicht. Hij ervaart dat als een prettige werkwijze. Het vervolmaken vindt dan gewoon overdag plaats in de weken, soms maanden, erna. Pierre Kemp en Elly de Waard hebben hem beïnvloed.

Mahlu Mertens - Brooddoosomhelzing
In de tweede bundel ‘Brooddoosomhelzing’ van Mahlu Mertens liggen de thema’s op het persoonlijke en maatschappelijke vlak in beeldende taal. In de persoonlijke gedichten kan Taco van Peijpe zich goed vinden, maar het is moeilijk een maatschappijkritische boodschap poëtisch te verwoorden. Toch luidt zijn eindconclusie dat Mertens een verrassende bundel schreef die opengaat als een poëtisch theater van sprekende beelden.
Mandy Eggerding
Als iemand ons kan vertellen ‘hoe de lente opnieuw hetzelfde / en niets hetzelfde, hoe de jaren als een draaiend blad / wij de bloesem op het pad’ zijn, is het deze dichter, die ‘de beweging van het draaiend blad’ beschrijft en dat we het weer gered hebben ‘dwars door de kou met handen vol lucht en licht’.

Hanny Michaelis - Verzamelde gedichten
Peter Vermaat bespreekt ‘Verzamelde gedichten’ van Hanny Michaelis: ‘Ondanks haar ogenschijnlijk rechtstreeks en onversierd taalgebruik, laat Michaelis in haar gedichten nooit het achterste van haar tong of de bodem van haar ziel zien. Je kunt je afvragen of dat in retrospectief überhaupt mogelijk is: inmiddels weten we voldoende van de verwoestende werking op de geest die (oorlogs)trauma’s hebben.’
Nieuwsbrief 29 / 10 augustus
Reflecties langs de Westerschelde
Het beeld ‘Graf van de onbekende Kunstenaar’, een liggende leeuw als ode aan de vergeten makers, dat op de Verbeeldingsroute in Terneuzen staat, doet Rogier de Jong oproepen tot ‘brullend op te staan, zijn manen te schudden en zich alsnog te storten op zijn enige prooi in het leven: die van het scheppen. Lang leve de kunstenaar! Lang leve de kunst!’

Bundels die een grote indruk hebben achtergelaten
Dertig kersen op de taart van ons dertigjarig bestaan. Wat zijn jouw twee favoriete bundels van de laatste dertig jaar? Het lijkt een onmogelijke opdracht om die vraag te beantwoorden, maar onze recensenten gingen de uitdaging aan. We stoffen dertig bundels af die een grote indruk hebben achtergelaten en uitnodigen tot herlezen. Vandaag bespreken Peter Vermaat en Taco van Peijpe ieder een favoriete bundel.

Het commentaar op Willem Godschalk van Focquenbrock
Dichter Willem Godschalk van Foquenbrock (1640 – 1670) schreef vrij platvloerse gedichten en nam zichzelf niet serieus. Als medicus reisde hij af naar fort Elmina, een handelspost in Ghana. Hans Franse heeft zich verdiept in deze 17e -eeuwse dichter die verguisd werd en eenzaam was. Men noemde hem een ‘drekpoëet’. Toch liet hij een memorabel toneelstuk achter, het blijspel ‘De Min in het Lazarushuys’.

Interview Steve Marreyt
Steve Marreyt houdt van dichters die erkennen dat ze losers zijn. En ook al gaan de stemmen in zijn debuutbundel oprecht op zoek naar een manier om de impasse te doorbreken, ze gaan voortdurend op hun bek. 'Het is allemaal ontzettend vermoeiend, we vallen makkelijk ten prooi aan defaitisme.' Schrijven lijkt hem altijd ingebed in een brede maatschappelijke discussie, waarom zou je anders schrijven?

Hans van Miegelbeek - Een halte in de stroom
Jac Janssen bespreekt 'Een halte in de stroom', het debuut van Hans van Miegelbeek. In zijn manier van dichten, schuilt een zekere voorspelbaarheid. 'Maar die consciëntieuze werkwijze dwingt mij ook tot beter lezen. Daarbij groeit, hoe verder ik in de bundel geraak, mijn bewondering voor de rijkdom en geraffineerde concentratie van zijn taalgebruik. Uit de verzen spreekt een aanstekelijk plezier in het leven en de mogelijkheden van taal.'
De eerste honderd (3)
In het derde deel van zijn serie besteedt Wim van Til zijn geld aan de Prins der dichters en koopt hij de ‘negende druk 15.000 exemplaren februari 1961’ van ‘Een winter aan zee’. Stel je voor dat al die bezitters in een reünie bijeen zouden komen. Ook kocht hij 'Mei'van Herman Gorter. Met deze bundels erbij had hij natuurlijk een boekenplank nodig.

Twan Vet - Troostpogingen
Peter Vermaat gelooft niet dat Twan Vet in zijn debuut 'Troostpogingen' al een eigen geluid gevonden heeft. De bundel bestaat voor het grootste gedeelte uit schatplichtigheid, zo stelt hij. De toon is vriendelijk en uitnodigend, de techniek is goed, echter: 'dit zijn gedichten als een open deur, waardoor je zonder bukken of manoeuvreren binnengaat – maar dan?'

Zomerstop
Van 14 juli tot 4 augustus heeft Meander een zomerstop. We wensen u een ontspannen zomer.
Nieuwsbrief 28 / 13 juli
De ruimte als verlossend serum
Rogier de Jong neemt zijn hoed af voor Lieke Marsman die onlangs de Constantijn Huygensprijs heeft ontvangen. Geconfronteerd met ziekte en sterfelijkheid veranderde Marsmans wereldbeeld. De symboliek werd concreter en leidde tot belangstelling voor God, ufo’s, kwantummechanica en christelijke denkers. Haar werk heeft een jeugdige drang en experimenteerdrift en toont vastberadenheid. Die ene ontmoeting met haar was een koninklijke.
Laura Mijnders
Dichter, schrijver, kunstenaar en columnist Laura Mijnders ontwikkelde al vroeg een passie voor taal en poëzie. Ze tast in haar poëzie de wereld af en onderzoekt thema’s als ongemak. Met regels als ‘misschien pas ik in een andere versie van mijzelf / steeds vaker twijfelde ik of alle delen wel / op de juiste plaats zaten’ intrigeert ze de lezer.

Sjeng Scheijen - De Beginselen
Bij het debuut ‘De beginselen’ van cultuurhistoricus Sjeng Scheijen kreeg Tom Veys het gevoel dat deze dichter al veel langer aan het werk is. Dit klopt ook, alleen niet als dichter, maar als bekroond schrijver. Veys noemt de gedachten van de dichter: ‘Concreet pijnlijk en filosofisch, aards en poëtisch.’ Scheijen zet ons aan het denken, hij haalt een orde neer om vervolgens een nieuwe te ontdekken.
Interview Dietske Geerlings
Dietske Geerlings zoekt de verbinding tussen de buitenwereld en iets in haarzelf, maar niet per se haarzelf. Die zoektocht gaat gepaard met een enorme gedrevenheid. Ze ziet haar werk bijna net zoals de middeleeuwers als een soort ‘gemeenschapsgoed’. Het zijn eindeloze variaties van 26 letters en de stilte daartussen. Ook een willekeurige ander had die variatie kunnen vangen. Iedereen mag ermee doen wat hij wil.

Maarten van der Graaff - Huishoudboekje van de verborgen dingen
In ‘Huishoudboekje van de verborgen dingen’ maakt Maarten van der Graaf een dwaaltocht op zoek naar verborgen dingen. Johan Reijmerink stelt vast: ‘Vanuit zijn strengreligieuze achtergrond laat het zich begrijpen dat Van der Graaff zich consequent tracht te ontdoen van alles wat hem beklemt, vastzet, belemmert en opeist. Hij toont in deze bundel een nuchterheid die omgeven is door een occulte wereld.’
