‘Ik hou van jou, maar je ziet me niet’

Antjie Krog stelt in een interview met Hester van Hasselt dat dichters technisch gezien al eeuwenlang hetzelfde vertellen, namelijk ‘Ik hou van jou, maar jij ziet me niet.’ Jonge dichters en kunstenaars moeten ontdekken hoe dat nog niet is gezegd of uitgebeeld, anders kunnen ze net zo goed stoppen. Is dat ene thema niet wat beperkt? De nieuwe column van Hans Puper.

Lees verder

Waarom eigenlijk?

In zijn laatste column vroeg Hans Puper zich af wie de schepper is van Evi Aarens, de fictieve dichter van ‘Disoriëntaties’. Maar waarom wil hij dat zo graag weten? Maakt het wat uit of je te maken hebt met een echte dichter of een fictieve? Het werk moet toch voor zichzelf spreken?

Lees verder

Giro giro tondo

Het is inmiddels wel duidelijk dat Evi Aarens, de dichter van ‘Disoriëntaties’, een fictief dichter is. Maar wie is haar schepper? Aanvankelijk dacht Hans Puper aan Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes, maar Jeroen Dera, die in neerlandistiek.nl een briefwisseling voerde met Evi Aarens, zette hem op het spoor van Ilja Leonard Pfeijffer. Dera bleek gelijk te hebben. Een verslag van zijn bevindingen.

Lees verder

Stadhouderskade 42 te Amsterdam

Zijn vorm en ‘klank, klankverhouding en klankcontrast’ wezenlijk voor poëzie, zoals Theo van Doesburg en Grata Monach vonden? Als je zo’n vraag wilt beantwoorden, kun je het best naar tegenvoorbeelden zoeken. En als je tegenvoorbeelden zoekt, kun je het best te rade gaan bij K. Schippers. Een column van Hans Puper.

Lees verder

Iets kleins volstaat

In hun herinneringen aan Eric van Loo, afgelopen mei, schreven Janine Jongsma, Alja Spaan en Hans Puper dat zij hem een postume bundel gunden. Tot ons genoegen komt die er en snel ook: in oktober. De titel is ‘Iets kleins volstaat’.
De column van Hans Puper.

Lees verder