Jan Baeke – Houvastvergankelijkheidsleer

Peter J.R. Vermaat is niet blij met de bundel ‘Houvastvergankelijkheidsleer’ van Jan Baeke: ‘[O]m te kunnen fungeren als kunst, moet die taal altijd een verankering, een aangrijpingspunt hebben in een basale beleving van de lezer. Hermetisme omwille van zichzelf, gewild onthouden van betekenis en andere kouwenarigheid maakt de vermelding van het woord ‘gedichten’ op het voorblad van een bundel tot een gotspe. Dat geldt ook voor deze.’

Lees verder

Poëzie Kort 2019 / 2

In de tweede Poëzie Kort van 2019 recensies over ‘een bloesem van glas’ van look J. Boden (Hans Puper) en ‘Met jou’ van Mirjam Al & Merik van der Torren (Lennert Ras). De Poëzieweek staat op het punt te beginnen; het thema is vrijheid. Vicky Francken en de Koepeldichters werkten dat thema op hun eigen manier uit in hun bundeltjes ‘Blauw is tweekleurig’ en ‘Poëzie in de koepel’. Hans Puper besprak ze.

Lees verder

Delphine Lecompte – The best of

‘The Best Of Delphine Lecompte’ van (hoe kan het anders) de Vlaamse dichter Delphine Lecompte brengt haar 110 beste gedichten uit zeven verschenen dichtbundels. Ernst Jan Peters las deze verzamelbloemlezing en voelde zich getuige van een steeds vormvastere soap over de harde absurditeiten van het leven. Onleesbaar verdrietig als er niet een onderhuidse humor in zat die voldoende afstand geeft om het draaglijk te houden.

Lees verder

Vladimir Nabokov – Verzamelde gedichten

Huub Beurskens heeft de verzamelde gedichten van Nabokov vertaald. Johan Reijmerink heeft bewondering voor beiden: ‘Hoewel ik Beurskens niet nauw op voet heb gevolgd in zijn vertaalavontuur, meen ik toch dat hij erin geslaagd is de poëzie van Nabokov naar onze tijd toe te brengen. (…) Beurskens geeft met deze verfrissende vertaling de poëzie van Nabokov een nieuwe kans in ons taalgebied.

Lees verder

Bert Bevers – Nederzettingen

Peter J.R. Vermaat las de bundel ‘Nederzettingen’ van Bert Bevers. Hij heeft bewondering voor de compositie van de eerste reeks gedichten en de taal is klankrijk. Maar: ‘Poëzie moet, om tot steeds weer tot herlezen uit te nodigen, ofwel een zekere raadselachtigheid hebben, die je door die herlezing steeds dichter op de hielen lijkt te komen (…), ofwel een kwaliteit in taal die het gedicht tot een gezochte omgeving maakt (…). In deze bundel heeft uitsluitend de eerste afdeling een blijvende aantrekkingskracht voor mij. Ten aanzien van de tweede helft blijft het vooralsnog bij nieuwsgierigheid.

Lees verder