Rogier de Jong – Memento

Kamiel Choi over ‘Memento’ van Rogier de Jong: [Hij] komt van buiten de poëziewereld en beschrijft in eenvoudige taal taferelen die invoelbaar zijn en in de geest van een actieve lezer kunnen worden herschapen. De taal in ‘Memento’ is onmachtig maar de bundel roept soms beelden op die de lezer bijblijven.

Lees verder

Carl De Strycker & Yves T’Sjoen (red.) – Diep en binnensmonds. Over Hercules, Richelieu en Nostradamus van Paul Snoek

‘Diep en binnensmonds’ (red. Carl De Streycker & Yves T’Sjoen) bevat beschouwingen over de bundels ‘Hercules’, ‘Richelieu’ en ‘Nostradamus’ van Paul Snoek. Herbert Mouwen: “Het boek is een veelkleurig palet van invalshoeken om de poëzie van Paul Snoek te bestuderen. Persoonlijk had er voor mij nog meer ingegaan mogen worden op het drieluik als eenheid (…). Niettemin draagt ‘Diep en binnensmonds’ op positieve wijze bij aan de hernieuwde aandacht voor het werk van deze markante Vlaamse dichter.”

Lees verder

Frank Keizer – lief slecht ding

Kamiel Choi over ‘lief slecht ding’ van Frank Keizer: ‘Voor de oplettende lezer die niet wars is van politieke poëzie valt er in deze bundel veel te ontdekken. Taalkundig is deze poëzie bewust sober en weinig avontuurlijk. Keizer schreef poëzie in plaats van een essay omdat het fragmentarische, stamelende spreken essentieel is voor de boodschap van de bundel.’

Lees verder

Cor Gout, Kees Ruys (samenstelling en redactie) – 10 voor 10. Tien Extaze-dichters van de jaren tien

‘10 voor 10’ is een bloemlezing uit het werk van tien dichters uit het huidige decennium en die publiceerden in ‘Extaze’: Merel van Slobbe, Hanz Mirck, Dorien Dijkhuis, Daniel Bras, Heidi Koren, Giuseppe Minervini, Estelle Boelsma, Arnold Jansen op de Haar, Lisa Rooijackers en Maria van Oorsouw. Rutger H. Cornets de Groot schreef een inleiding. Van een groep kun je niet spreken, alleen al door het verschil in generaties, maar voor de aantrekkelijkheid van de bundel maakt dat niet uit. (Een recensie door Hans Puper).

Lees verder

Anton Ent – De gele zweep

Johan Reijmerink over ‘De gele zweep’ van Anton Ent: “[Hij] is in staat gebleken een coherente bundel samen te stellen uit een diversiteit aan gedichten. Zijn poëzie munt niet uit in verrassende metaforen en zinsneden, maar is wel zeer doordacht en gelaagd. Ze reikt naar het ‘onbekende afwezige’, het ‘iets’. Is daarin niet wellicht een fundamentele grond voor de waardering van zijn poëzie gelegen?’

Lees verder